Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 22 | Tweeëntwintigste Conferentie Het Schoolvak Nederlands (2008)

Download deze volledige bundel in PDF-formaat »

Bijdrage: Werkvormen binnen mondelinge vaardigheden, vertrekkend vanuit prentenboeken (Gerda Geenens)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

TWEEËNTWINTIGSTE CONFERENTIE HET SCHOOLVAK NEDERLANDS

Ronde 1

Gerda Geenens

Pedagogische begeleidingsdienst VSKO Contact: gerda.geenens@vsko.be

Werkvormen binnen mondelinge vaardigheden, vertrekkend vanuit prentenboeken

  1. Inleiding

Werken met prentenboeken in de basisschool biedt veel kansen om de taalvaardigheid en de ontwikkeling van de literaire gevoeligheid te stimuleren. Prenten en prentenboeken kunnen kinderen immers uitdagen om op een speelse manier binnen te dringen in de belevenissen van anderen en om zo vertrouwd te raken met de wereld en de gevoelens van die anderen.

Warme, gevoelvolle prentenboeken creëren een bereidheid tot meevoelen zodat informatie overgedragen kan worden.

Vaak denk je bij prentenboeken enkel aan de kleuterklas en aan de eerste jaren van de lagere school. Echter, mits een goede keuze van prentenboeken, kan je ook in de hogere klassen zinvol taalonderwijs verstrekken. Werken met prentenboeken biedt leerkrachten uiteraard kansen om intens te werken aan de ontwikkelingsdoelen en de eindtermen Nederlands. Daarnaast zijn er ook mogelijkheden om aan de ontwikkelingsdoelen en de eindtermen voor ‘wereldoriëntatie’, ‘muzische vorming’, ‘leren leren’ en ‘sociale vaardigheden’ te werken.

Kinderen leren vooral taal door in interactie te treden met anderen. De kracht van het leerproces bij kinderen zit net in de combinatie van de inhoud van de prentenboeken en in de interactieve aanpak van de leerkrachten.

  1. Vertellend voorlezen en voorlezen

Voorlezen heeft een goede invloed op de taalontwikkeling van kinderen. Dagelijks voorlezen is belangrijk in alle leerjaren. Het maakt kinderen vertrouwd met boekentaal, inclusief de taal van schoolboeken. Boekentaal is anders dan spreektaal: het is meer genuanceerd, heeft een rijkere woordenschat en telt een groter begrip van zinswendingen. Het laat kinderen genieten van een bijzondere woordenstroom. Ook wanneer kinderen zelf kunnen lezen, blijven ze voorlezen fijn vinden. Bovendien brengt de voorlezer hen in contact met een moeilijkere verhaalinhoud of met boeken die de kinderen uit zichzelf niet zouden lezen.

4