Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 22 | Tweeëntwintigste Conferentie Het Schoolvak Nederlands (2008)

Download deze volledige bundel in PDF-formaat »

Bijdrage: De taal van de andere gemeenschap leren. De invloed van contact op taal(leer)attitudes t.a.v. het Nederlands en het Frans in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel (Laurence Mettewie)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

2. ‘Brussel’

2

overeenkomen met het begin, het midden en het einde van het middelbaar onderwijs in België.

De resultaten op basis van statistische analyses geven een aantal trends aan, die schematisch weergegeven worden in Tabel 1.

 

Sociaalpsychologische factoren Nederlandstaligen in

NoB vs. Vlaanderen

Franstaligen in NoB vs.

Brussel en Wallonië

Attitude T2

=

+

Attitude T2-gemeenschap

=

+

Motivatie T2

=

+/=

Attitude T2-les

=

=

Attitude tweetaligheid

=

+

Attitude België

=

+

Attitude vreemde talen

=

=

Attitude T1

=

+/=

Attitude T1-gemeenschap

=

+/=

Motivatie T 1

=

+/=

Attitude T1-les

=

=

+ : grote positieve verschillen tussen de groepen +/= : kleine positieve verschillen de groepen = : geen verschil tussen de groepen

Tabel 1 : Synthese van de invloed van contactsituatie op attitudes en motivatie van leerlingen in het NoB vs. leerlingen zonder contact in Vlaanderen, Brussel en Wallonië (n= 588).

Franstalige leerlingen die in het NoB in contact komen met de Nederlandse taal en taalgemeenschap hebben veel positievere attitudes dan Franstalige leeftijdsgenoten in Brussel en Wallonië. Ook hun taalleermotivatie is hoger dan die van leerlingen zonder contact en onderdompeling in een Nederlandstalige onderwijscontext. Deze positieve benadering van het Nederlands contrasteert met het negatieve imago van de Nederlandse taal bij Franstaligen in België. Uit ander onderzoek blijkt dat de houding in België tegenover de taal van de ‘andere’ gemeenschap veel minder positief en zelfs negatief is, in vergelijking met de tweede vreemde taal, het Engels (zie o.a. Housen, Janssens & Pierrard 2002; Mettewie & Janssens 2007).

Het is echter opvallend dat dezelfde positieve effecten niet gelden voor de attitudes en de motivatie van de Nederlandstalige leerlingen in het NoB die dagelijks contact hebben met Franstalige klasgenoten. Dit kan verklaard worden door het feit dat het contact met de Franse taal en cultuur beperkt wordt tot de Franse les die – ongeacht de specifieke Brusselse context – dezelfde richtlijnen volgt als het programma in

69