Doorzoek alle bundels


Bundel 23 | Drieëntwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands (2009)

Bijdrage: Taalbeleid in de lerarenopleiding: meer dan dertien doelen (Werner Schrauwen)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

4. Lerarenopleiding Basisonderwijs

  • het taalonderwijs (het inrichten en didactisch vormgeven van taallessen, de taalvakken);

  • het (vak)onderwijs in taal (taalgericht vakonderwijs is een concrete toepassing);

  • de samenhang tussen taal- en vakonderwijs (bijvoorbeeld in CLIL);

  • het gebruik van taal (in verschillende vormen, taalvarianten, ‘vreemde’ talen, thuistaal, enz.);

  • de communicatie in en om de ‘brede’ school.

  •  

    Dat alles heeft de volgende doelen voor ogen:

     

    • het bereiken van een gemeenschappelijke visie onder alle betrokkenen;

    • het optimaliseren van de onderwijsleersituatie met het oog op verbeterde resultaten;

    • een betere integratie (acculturatie) van school en buurt.

     

    Een taalbeleidsplan kan dus niet zomaar van buitenaf opgelegd of geïmporteerd worden. Werken aan taalbeleid betekent dat alle betrokkenen een proces opzetten waarin wordt nagedacht over taal en taaldiversiteit in de organisatie. Dat proces leidt tot een consistent en coherent plan.

     

    Het bovenstaande kan met wat accentverschuivingen, wellicht, (ik denk aan de rol van de stagescholen en de daarbij horende buurtkenmerken bijvoorbeeld) als basis dienen voor een taalbeleid in een hogeschool of in een lerarenopleiding.

     

     

    3. Zeven pijlers of werkterreinen van taalbeleid

     

    Op basis van het onderzoek van Ponjaert, Van Braak en Lambrecht werd een denk- en werkkader ontwikkeld. Het bestaat uit 7 pijlers of werkterreinen, die van elkaar te onderscheiden, maar niet te scheiden zijn. Bepaalde initiatieven zullen verschillende werkterreinen bestrijken. Zogenaamde overlap zal de coherentie versterken. Ik overloop systematisch de werkterreinen en probeer enkele concrete invullingen te geven voor de lerarenopleiding.

     

    Pijler 1 – School- en buurtkenmerken: zicht krijgen op de kenmerken van de school als leer-en leefgemeenschap en de inbedding van de school in haar omgeving.

     

    Ondanks het feit dat hogescholen zich meestal in een (grote) stad bevinden en studenten aantrekken uit een heel brede omgeving, zijn er in Vlaanderen (en wellicht ook in Nederland) behoorlijke verschillen te merken tussen hogescholen en lerarenopleidingen. Die verschillen hebben vaak te maken met de regio waarin de school gelegen is. Waar komen de docenten en de studenten vandaan? Wat voor (culturele, talige) baga-

    4

    119