taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Drieëntwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 23 | Drieëntwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands (2009)


Bijdrage: Kinderen bespreken hun eigen teksten (Hieke van Til & Mirjam Zaat)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

DRIEËNTWINTIGSTE CONFERENTIE HET SCHOOLVAK NEDERLANDS

2. Hoe gaat een tekstbespreking?

Eerste versie tekst Redouan (10 jaar)

Ik was bij een nieuwe bart smit. ik zag heel veel games, snoep en ook nog ander speelgoed er werd ook getoeterd maar ik weet niet door wie. het rook erg naar een soort fabrieksgeur en ik was ook heel blij dat er eindelijk een bart smit in de buurt was.

In een tekstbespreking met de hele klas maken we de tekst beter. Eén van de eerste versies van de tekst staat op het bord – in dit geval nog een ouderwets krijtbord. Eerst doen we interpunctie en hoofdletters. Met de gezamenlijke kennis van de hele klas kunnen we alles verbeteren. De regel “er moet altijd een komma voor ‘omdat’ en ‘maar’” bespreken we nog een keer expliciet.

Voor wat betreft spelling, is Redouan (zie figuur 1) al goed: er zit geen enkele spelfout in. Als dat wel zo was geweest, hadden we de problemen op dezelfde manier aangepakt als de problemen met de interpunctie. Vervolgens gaat de hele groep in tafelgroepjes vragen bedenken voor Redouan: is er nog iets wat je graag wilt weten? Of iets wat je onduidelijk vindt? Per groepje maken ze 2 vragen. De vragen en de antwoorden bespreken we dan weer klassikaal. Bij elk antwoord van Redouan vraag ik: “wil je dat in de tekst hebben?” Als hij dat wil, bedenken we met de klas mogelijkheden. Redouan kiest vervolgens uit de mogelijkheden en we schrijven, vegen en strepen door op het bord. De tweede versie van de tekst is dus het resultaat van de gezamenlijke intelligentie van de klas.

Definitieve versie tekst Redouan (10 jaar)

Ik kwam binnenrennen bij een nieuwe Bart Smit in Reigersbos. Het was heel druk. Ik zag heel veel games, snoep en ook nog ander speelgoed. Ik ging wel een uur kijken en voelen, misschien zou ik iets kopen. Er werd ook getoeterd, maar ik weet nog steeds niet door wie. Het rook nieuw, een soort fabrieksgeur. Ik was ook heel blij, omdat er eindelijk een Bart Smit in de buurt was.

Ik wou een PS3 kopen, maar ik heb er geen geld voor. Uiteindelijk heb ik niks gekocht.

14

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties