taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Drieëntwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 23 | Drieëntwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands (2009)


Bijdrage: Talen leren en talensensibilisering: beroep doen op de kracht van de verbeelding (Hilde De Smedt)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

DRIEËNTWINTIGSTE CONFERENTIE HET SCHOOLVAK NEDERLANDS

4. Taal leren vanaf eind jaren 1980

4.1. Wat leren we en waarom?

  • We leren nog steeds talen om ingang te vinden in bepaalde groepen van moeder-taalsprekers.

  • We leren talen die in de globaliserende wereld naar voren worden geschoven om wetenschappelijke en economische motieven, bijvoorbeeld: het Engels, het Chinees en het Arabisch.

  • We leren talen vanuit een persoonlijke interesse, vaak met beperkte eigen doelstellingen.

  • We leven met talen die we niet echt willen of moeten leren. In een meertalige leefomgeving kunnen we niet alle talen leren van de groepen rondom ons. Het is belangrijk dat we ons comfortabel voelen ten aanzien van groepen waarvan we de taal niet spreken in een meertalige context.

  • We moeten leren omgaan met het gegeven dat talen minder op zichzelf staande systemen zijn. Niet voor niets is er de laatste tijd nogal wat aandacht voor ‘Polylingual languaging’ (zie o.a. Normann Jørgensen 2008). Meertaligen hanteren niet langer zomaar één taal, maar combineren taalelementen uit verschillende talen in functie van een communicatief doel.

4.2. Wat zijn de vereiste vaardigheden?

  • taalvaardigheid in T1/T2/T3, al dan niet gecombineerd met ‘integratie’ binnen andere cultuurgroepen in functie van de eigen behoeften;

  • de vaardigheid om voeling te hebben met andere taalgroepen zonder er ten volle in door te dringen, opnieuw in functie van de eigen behoeften;

  • niet alleen aandacht hebben voor wat er wordt gezegd, maar voor de ‘totale communicatie’ en de rol van verschillende talen hierin;

  • vaardigheden om zich comfortabel te bewegen in een meertalige context.

4.3. Welke nieuwe modellen sluiten hierbij aan?

Modellen met de focus op ‘possible selves’ (Markus & Nurius 1986, in: Dörnyei 2009).

Markus & Nurius (1986) omschrijven de ‘possible selves’ als toekomstgeoriënteerde zelfkennis die kan worden opgedeeld in drie delen:

  1. The expected self = het verwachte zelfbeeld = datgene waarvan de persoon denkt het realistisch gezien te kunnen bereiken (kan positief of negatief zijn).

  2. The hoped -for self= het gehoopte zelfbeeld = de toekomst zoals men die sterk voor zichzelf wenst.

26

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties