taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Drieëntwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 23 | Drieëntwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands (2009)


Bijdrage: Een doorlopende leeslijn voor elke leerling. Alle facetten van leesontwikkeling in het voortgezet onderwijs belicht (Regine Bots)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

2. Taalonderwijs van 12-18

den allerlei leesbevorderende activiteiten plaats: de docent houdt steeds met een aantal individuele leerlingen taalontwikkelgesprekken aan de hand van de niveaukaarten, leerlingen werken aan een boekverwerkingsopdracht of wisselen lees-/boekervaringen uit. Bij Leesdok horen, naast de niveaukaarten bij de verschillende niveaus, lessuggesties voor de invulling van het Leesdokuur, boekenlijsten en verwerkingsopdrachten per niveau. Elke les eindigt bijvoorbeeld met ‘de vraag van vandaag’. Leerlingen wisselen in tweetallen, in kleine groepjes of plenair kort ervaringen uit over wat ze die dag gelezen hebben. Elke les start met een ‘focus op leesbeleving’ waarin een leerling (of de docent) een enthousiasmerende, korte presentatie geeft over een boek.

Docenten zijn blij met de opzet van Leesdok. Dat blijkt uit opmerkingen als: “Leerlingen kunnen elkaar enthousiast maken” en: “Het is niet meer zo vrijblijvend”. Elke leerling kan nu lezen op zo’n niveau dat hij of zij er wat van leert.’

2.4 Taalontwikkelgesprekken

Een belangrijk kenmerk van Leesdok is dat de docent met de leerling praat over zijn of haar leesontwikkeling. De docent houdt met twee tot drie leerlingen per les een individueel gesprek over de voortgang van hun leesontwikkeling. Op die momenten kan de docent ingaan op de specifieke situatie per leerling door bijvoorbeeld titels van boeken aan te reiken die de leerling interessant zou kunnen vinden. Ook bekijkt de docent welke vorderingen een leerling maakt. Is er voldoende tijd besteed aan lezen? Wat kan een leerling doen om meer te lezen? Heeft een leerling moeite met bepaalde doelen? Welke extra inspanningen moet een leerling dan verrichten? Is er een succes te vieren? Zijn alle doelen van een kaart gehaald? Het zijn allemaal mogelijke invullingen van een taalontwikkelgesprek. Zowel de docent als de leerlingen bereiden het gesprek voor en leggen de gemaakte afspraken vast. Leesdok biedt in de handleiding aanwijzingen voor het voeren van dergelijke gesprekken.

2.5 Oudercomponent

Ten slotte wordt een oudercomponent ontwikkeld, met informatie over Leesdok voor ouders en tips om het leesgedrag en de leesvaardigheid van hun kind te stimuleren. Daarbij is ook aandacht voor ander mediagedrag. Bijvoorbeeld: kijk tenminste twee keer per week met je kind naar het (Jeugd)journaal en praat hier vijf minuten over. Of: haal een gratis krant in huis en bespreek samen een artikel. Breng samen een bezoek aan de bibliotheek. Belangrijk is dat er daadwerkelijk veel gelezen wordt – zowel op school als thuis. Het devies moet zijn: altijd een boek of krant bij de hand, altijd leestijd.

2

69

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties