Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 27 | Zevenentwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands (2013)

Bijdrage: Het continu evalueren van de leesontwikkeling. Een probleemoplossende benadering voor leesproblemen in het voortgezet onderwijs (Siuman Chung, Roxette van den Bosch & Christine Espin)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

3. Taalonderwijs 12-18

  1. Opbrengstgericht werken in het onderwijs

Het gebruik van een probleemoplossende benadering voor leerproblemen past goed bij de ontwikkeling van opbrengstgericht werken binnen het onderwijs. Sinds 2007 is opbrengstgericht werken op scholen een speerpunt van het Ministerie van Onderwijs. In rapporten van de Onderwijsinspectie ligt de nadruk op de noodzaak voor scholen om opbrengstgericht te werken en de leerwinst voor leerlingen te vergroten (Inspectie van het Onderwijs 2010; 2011). De rapporten laten zien dat scholen de toetsgegevens van leerlingen gebruiken om het niveau van de leerling te bepalen, maar dat ze die gegevens (nog) te weinig gebruiken om de voortgang van (individuele) leerlingen in beeld te brengen en te evalueren. Het interpreteren van de voortgangsdata en het nemen van beslissingen naar aanleiding van de data zijn belangrijke stappen in het kader van opbrengstgericht werken waar vaak nog maar weinig mee gebeurt (Ledoux, Blok & Boogaard 2009). Een reden hiervoor kan zijn dat docenten moeite hebben met het begrijpen en interpreteren van voortgangsdata. Het begrijpen en correct interpreteren vormt namelijk een belangrijke voorwaarde voor het adequaat gebruik van voortgangsdata bij het maken van educatieve beslissingen om de leerontwikkeling van de leerling te stimuleren.

  1. Leerlingen volgen

Een manier om de vorderingen van leerlingen in kaart te brengen is Curriculum-Based Measurement (CBM), een evaluatiesysteem uit Amerika. In Nederland is het systeem bekend onder de naam ‘Continue Voortgangsevaluatie’ (CVE; Espin e.a. 2011). CVE is gericht op het frequent volgen van leerlingen in een bepaalde basisvaardigheid, zoals lezen (Deno 1985; 2003), en wordt naast de lesmethode gebruikt. Leerlingen maken wekelijks een korte taak en de scores op die taak worden weergegeven in een grafiek (zie figuur 1 voor een voorbeeld). Met behulp van de grafiek kunnen docenten bepalen of een specifieke leerling voldoende vooruitgang boekt. Die informatie kunnen ze gebruiken om de effectiviteit van hun instructie voor deze specifieke leerling te evalueren (Deno 1985; 2003). Dat is vooral belangrijk en nuttig in het geval van leerlingen met (ernstige) leerproblemen.

 

3

 

77