Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 28 | 28ste HSN-CONFERENTIE (2014)

Bijdrage: Taalbewaker of taalbegeleider? Over de diverse posities die Vlaamse leerkrachten innemen in het standaardtaal-of-tussentaaldebat (Steven Delarue)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

28ste HSN-CONFERENTIE

Ronde 5

Steven Delarue Ugent

Contact: steven.delarue@ugent.be

Taalbewaker of taalbegeleider? Over de diverse posities die Vlaamse leerkrachten innemen in het standaardtaal-oftussentaaldebat

1. Inleiding

In de zomer van 2012 verscheen met De manke usurpator. Over Verkavelingsvlaams (Absillis, Jaspers & Van Hoof 2012) een boek waarin bijdragen werden gebundeld die over het algemeen een niet-veroordelend standpunt tegenover tussentaal innamen, in contrast met de vaak scherpe afkeuring die de variëteit in het publieke domein meekrijgt, niet in het minst van (sommige) taalkundigen en professionele taalgebruikers. De bundel haalde vrijwel meteen alle kranten, met koppen als “Tussentaal in klas is heel efficiënt” (De Morgen, 29 augustus 2012: 4), “Dialect verkleint de kloof met de gewone mens” (De Morgen, 31 augustus 2012: 10) en “We spreken allemaal wel eens tussentaal” (De Standaard, 30 augustus 2012: 7), wat leidde tot een gestage stroom aan verontwaardigde opiniestukken en lezersbrieven. Daarin werden mediafiguren, tv-presentatoren én leerkrachten met de vinger gewezen omdat ze tussentaal spraken, in plaats van ‘correct’ Standaardnederlands. Die ophef, die dagen- en zelfs wekenlang aanhield, was een rake illustratie van de ideologische gevoeligheid van de hele standaardtaaldiscussie in Vlaamse institutionele contexten, zowel in de media als in het onderwijs: moet steevast het Standaardnederlands worden gebruikt, zonder uitzondering, of kan er ook ruimte zijn voor andere vormen van taalgebruik, zoals tussentaal (of dialect)?

In deze bijdrage vertrek ik vanuit twee mogelijke visies op hoe leerkrachten met (standaard)taalgebruik en taalvariatie zouden kunnen omgaan: enerzijds als ‘taalbewakers’, anderzijds als ‘taalbegeleiders’. Daarna geef ik het woord aan de leerkrachten zelf: na een korte schets van mijn doctoraatsonderzoek, over taalgebruik en taalpercepties van leerkrachten in het Vlaamse basis- en secundair onderwijs, analyseer ik hoe leerkrachten het concept ‘standaardtaal’ benaderen en interpreteren. Voor die eerste (kleinschalige) analyse baseer ik me op de interviewdata van 8 leerkrachten uit een secundaire school in het centrum van Gent (Oost-Vlaanderen).

278