taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Derde conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 3 | Derde conferentie Het Schoolvak Nederlands (1988)


Bijdrage: Tekstopbouw (Jos Boven)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

- 25 -

Jos Boven

TEKSTOPBOUW

Geschreven teksten worden opgebouwd volgens een vrij strak patroon.

Ze hebben meestal een inleiding, een midden en een slot.

Ze zijn samengesteld uit alinea's en paragrafen (eventueel ook uit hoofdstukken en delen), die met elkaar verbonden worden tot een samenhangend geheel, tot een consistente structuur. Leerlingen moeten deze tekststructuren kunnen herkennen en er gebruik van maken als ze zelf teksten schrijven.

In dit artikel wordt u een reeks oefeningen aangeboden om het structurerend lezen en schrijven te bevorderen.

I. TEKSTEN LEZEN c.q. BESTUDEREN 1. VORM EN INHOUD

Als iemand in een gesprek van de hak op de tak springt, of aan één stuk dóórratelt zonder pauzen in te lassen, zal dat niet bevorderlijk zijn voor de communicatie. Een doelgericht gesprek verloopt namelijk gestructureerd, dat wil zeggen dat de sprekers niet (al te zeer) afwijken van het onderwerp - en als ze dat wel doen, worden ze tot de orde geroepen, of ze moeten het nieuwe (deel)onderwerp expliciet aankondigen - en dat ze tussen de verschillende informatiegeledingen pauzen aanbrengen.

Met andere woorden: als de deelnemers aan een gesprek niet zomaar om het even wat zeggen om de stilte te verdrijven, maar om iets mee te delen, te vragen, te eisen, ... enzovoorts, moeten ze een aantal gespreksregels in acht nemen.

Zo ook moet iemand die een tekst schrijft een aantal tekstregels toepassen, als hij tenminste wil bekomen dat zijn geschreven communicatie haar doel bereikt.

Hij mag bijvoorbeeld niet van het onderwerp afdwalen, en deze regel wordt in de geschreven taal veel strikter toegepast dan in de gesproken taal. En omdat hij geen pauzen kan inlassen om de geledingen van zijn tekst aan te duiden, zal hij andere methoden moeten vinden.

In onze 'geschreven samenleving' zijn wij overeengekomen om dat te doen door teksten van meer dan enkele regels te verdelen in alinea's.

Teksten die langer zijn dan een paar bladzijden, delen we omwille van de duidelijkheid ook nog in in paragrafen. Deze indeling in paragrafen kunnen we extra benadrukken door ze te nummeren of door er een (sub-)titeltje boven te plaatsen. Erg lange teksten -van bijvoorbeeld meer dan twintig bladzijden - kunnen we ook nog onderverdelen in hoofdstukken.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties