Doorzoek alle bundels


Bundel 3 | Derde conferentie Het Schoolvak Nederlands (1988)

Bijdrage: Voorbeelden van interculturele projektlessen Nederlands: poëzie en muziek (Maarten van de Burg)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

- 43 -

5. Technisch-organisatorische opzet

Elke lessenserie telt zeven lessen, gevolgd door een achtste les bestemd voor evaluatie en afronding.

We hebben voor uniformiteit in dit opzicht gekozen om de projektlessen onderling verwisselbaar te maken en om ze makkelijker te kunnen overdragen aan anderen.

Op de Berlage Scholengemeenschap staan de lessenseries, aangeduid als het vak projektles, op het jaarrooster voor de brugklas-leerlingen. Het vak heeft twee uur per week en staat dus naast het vak Nederlands op het rooster.

Op scholen waar het rooster niet op deze manier is opgezet, kunnen docenten Nederlands één of twee lessenseries binnen het reguliere vak Nederlands geven (of binnen andere vakken).

Wie geeft de lessen?

In principe kunnen docenten Nederlands, geschiedenis, aardrijkskunde of godsdienst/maatschappijleer de lessen geven. Het is prettig wanneer per projektlessenserie twee docenten op een klas staan; echt nodig is het niet. Op de Berlage Scholengemeenschap worden de lessen steeds door een vast duo gegeven (bestaand uit een collega en mijzelf). Die 'vastigheid' had en heeft in de ontwikkelfase van de lessen veel voordelen. Scholen die de lessenseries van de Berlage Scholengemeenschap willen overnemen, kunnen zelf bepalen welke docenten voor het geven ervan ingezet worden: voor iedere serie een ander, of voor het geheel dezelfde persoon. Het is niet de bedoeling om binnen een serie van docent te wisselen.

Misschien vindt u het vreemd dat intercultureel onderwijs, waarvan u altijd hoort dat het geen apart vak is maar veeleer een attitude waarvan het hele onderwijs doortrokken dient te zijn, bij mij op school toch als apart vak op het rooster staat. Een aantal overwegingen liggen aan deze keus ten grondslag, te weten:

* Met betrekking tot intercultureel onderwijs in het voortgezet onderwijs bestaan meer fantasieën dan praktijken.

Aparte inroostering dwingt onszelf tot concretisering. Het geeft collega's die niet zoveel op hebben met intercultureel onderwijs iets tastbaars te zien, op grond waarvan ze desgewenst verder kunnen praten. Docenten die wel bereid zijn experimenten met intercultureel onderwijs uit te voeren, maar geen tijd hebben om zelf het ontwikkelwerk te doen, kunnen, dankzij het afgebakende karakter van de projektlessen, in- tekenen op uitvoering van één of twee series.

* Doordat de projektlessen apart geprogrammeerd zijn, kunnen we er een klein laboratorium van maken. We hebben de ruimte om met leerlingen lessen te ontwikkelen, ze uit te proberen en ze eerst bij te stellen alvorens ze aan collega's over te dragen. De vraag waarop we iedere keer weer een creatief antwoord zoeken is daarbij: hoe verbinden we het houdingsaspekt met het kennisaspekt (de noodzaak dat leerlingen binnen beperkte tijd iets moeten leren)?