naar persoonlijke tegemoetkoming. De dualiteit van de adolescentie is hier erg duidelijk. Matthijsen benadrukt - als doorgewinterd onderwijssocioloog - dat de school zich, naast haar cognitieve opdracht met 'het geestelijk en gevoelsmatig functioneren' van de leerlingen moet bezighouden. Het proces van de geleidelijkheid ten slotte is hier ook aangewezen.
3.1. Het schrijfmedium
Als eerste functie van het creatief schrijven zien we het leren omgaan met het schrijfmedium zelf. In een recent weekbladartikel, een recensie over een Duits handboek 'Creatief schrijven' stelt Geert Lernout dat in een tijd waarin zoveel mensen kunnen lezen en schrijven en het geschreven woord zo goedkoop en
toegankelijk is, het beeld onze cultuur overstelpt. De oorzaak daarvan is dat mensen niet meer kunnen schrijven. De steller van het artikel beweert dat Amerikaanse jongeren, en zo zijn er hier dan ook, de mechanica van het handschrift nooit geleerd hebben. Ze schrijven in drukletters, ze kunnen niet meer spellen, ze kunnen geen zinnen meer bouwen, ze kunnen gegevens niet tot een zinvol geheel verwerken. Hij adviseert dan ook in middelbare scholen aan schrijfonderwijs te doen, maar zonder dat leraren aan teksten knoeien.
Ook Van Peer (1984: 91) spreekt over de ontwikkeling van de 'schriftelijkheid' van de leerling: 'De geschreven taal gebruiken als middel (...) om persoonlijke gevoelens adequaat uit te drukken (...) is een vaardigheid waarvan het maatschappelijk belang niet genoeg kan worden beklemtoond. In maatschappijen als de onze wordt geschreven taal steeds belangrijker. We leven in een wereld van papier; de reclame om ons heen (...), de massamedia die ons overspoelen (...), op school leven leerlingen omringd door een gigantische hoeveelheid papier'.
Ook zou Lernout willen dat men zich aan een aantal regels houdt, wil men zich als schrijver verstaanbaar maken naar een lezer toe. Hiervoor wil hij het produkt telkens onderwerpen aan een groep lezers die meedogenloos kritiek uitbrengen. Verder zet hij zich af tegen de therapeutische functie van het schrijven omdat schrijven in se voor de andere (de lezer-ontvanger) bedoeld is. Hier kan je als bijbedenking opperen: ik kan als zender-schrijver ook mijn eigen ontvanger worden.
De nadruk op het ambacht van het schrijven stellen we voorop om al het voorgaande maar ook omdat jongeren vaak geloven dat de machine zelf inhouden genereert. Door het speels en nutteloos bezig zijn, kan naar mijn idee een actieve en inventieve schrijfhouding bevorderd worden.
3.2. De therapeutische functie
Vanuit mijn eigen ervaring zou ik deze functie met mondjesmaat gebruiken. De begeleidingsvaardigheid van de leerkracht moet immers zeer groot zijn: inleving, tijdsverdeling, probleemkennis, oplossingen kunnen aanreiken.
119