taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Vijfde conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 5 | Vijfde conferentie Het Schoolvak Nederlands (1992)


Bijdrage: Nederlands in andere schoolvakken: taalbeleid moet, maar kan het ook? (Maaike Hajer & Theun Meestringa)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

van belang dat de aandachtspunten niet incidenteel, maar bij herhaling en verdieping terugkomen. Het gunstigst lijkt een combinatie van scholing en begeleiding (of intervisie) om toepassing van de gegeven suggesties te bevorderen.

  •   Cruciaal is dat de directie actief meewerkt door faciliteiten beschikbaar te stellen, scholingsmogelijkheden te scheppen, roosters aan te passen, enz. Op vele manieren kan zij duidelijk maken dat het niet gaat om een vrijblijvende aangelegenheid. De directie moet inzien dat de realisering van een taalbeleid niet op korte termijn bereikt is, maar vraagt om een structurele meerjarige aanpak. Dat kan onder andere door een coördinator aan te stellen die een duidelijke taak in deze krijgt.

Ons is gebleken dat het afzonderen van bepaalde leerlingen voor lessen begrijpend lezen of schoolse taalvaardigheid buiten de reguliere lessen Nederlands zonder meer afgeraden moet worden vanwege de negatieve bijeffecten. Bovendien zijn de diverse vakdocenten dan nauwelijks te benaderen, omdat al vastgesteld is dat het een probleem van een paar leerlingen is (die immers extra lessen krijgen). Om vergelijkbare redenen dienen de activiteiten ook niet in de marge van het rooster ('na schooltijd') geplaatst te worden.

5. Tot slot: Hoe te beginnen?

In dit artikel hebben we enige bevindingen geordend vanuit het werk op onze projectscholen. Tenslotte doen we een voorzichtige poging om die ervaringen in adviezen om te zetten voor wie zoekt naar een structurele aanpak van de taalproblemen van meertalige leerlingen in de eerste fase van het VO.

  • - Beperk de doelen.

Kies niet op voorhand voor een brede invulling van het begrip taalbeleid, hoewel dat wel verleidelijk is. Het gaat niet alleen om WAT er moet veranderen, maar zeker in de beginfase ook om de wijze waarop veranderingen gerealiseerd kunnen worden. Kies een aandachtspunt (bijvoorbeeld uit het overzicht van Corson, zie bijlage) dat als probleem het snelst door collega's herkend zal worden en werk dat uit. De rest kan later, als er een basis in de schoolorganisatie gelegd is.

  • - Verzamel de feiten.

Zorg ervoor dat je goed beslagen ten ijs komt. Als je collega's 'lastig valt' moet je kunnen laten zien (cijfers) dat de doorstroming zorgwekkend is, dat de schoolcijfers van leerlingen systematisch afwijken, welke eisen er eigenlijk aan taalvaardigheid van leerlingen gesteld worden, o.a. blijkens analyse van schoolboeken, ...

  • - Richt je zoveel mogelijk op alle leerlingen.

Probeer ervoor te zorgen dat de activiteiten binnen de school alle leerlingen betreffen. Ook als slechts een beperkt deel van de leerlingen taalproblemen heeft of meertalig is. Er kan natuurlijk wel gedifferentieerd worden...

  •  Zorg voor opname in het meerjarenbeleid.

De activiteiten moeten van meet af aan deel zijn van een meerjarenbeleid van de

119

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties