taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 5

Vijfde conferentie Het Schoolvak Nederlands
P.M. Nieuwenhuijsen
1992
270 pagina's

Door de opbouw van het programma in vier hoofdcategorieën (Werkwoorden, Woordregels, Interpunctie en Moeilijke woorden), die weer bestaan uit drie oefeningen plus een afsluitend spel, ontstaan er normaal functionele spanningsbogen voor de leerlingen. Aan de reeks oefeningen rond bv. interpunctie zit een overzienbaar begin, middenstuk en een slot. Als een leerling de oefeningen in de categorie Woordregels in één keer voldoende maakt, kunnen de woordregels inclusief het afsluitende spel binnen 1½ uur afgewerkt worden.

Een ander uitgangspunt is geweest het streven naar variatie en afwisseling. Naast invuloefeningen en meerkeuzevragen zijn er per spellingcategorie afsluitende spelletjes, waarin alle problemen omtrent de betreffende categorie gemengd aan de orde komen. Deze variatie zorgt ervoor dat de aandacht van de leerling optimaal blijft en het oefenen geen sleur wordt. De reële leertijd bij gelijkblijvende roostertijd kan daardoor drie à vier keer zo groot worden als in een gewone klassikale les.

De SDR-systematiek en ook de werkwijze in de oefeningen is te karakteriseren met de term 'fuikdidaktiek': de leerlingen oefenen alleen wat ze niet kunnen, waardoor overbodige herhaling voorkomen wordt. De leerlingen maken eerst een diagnostische toets, waarmee vastgesteld wordt waar de problemen liggen. Goede spellers passeren deze fuik, voor hen zijn extra spellinglessen niet noodzakelijk. Minder goede spellers krijgen als resultaat van de diagnose een persoonlijk

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties