Goytisolo, U. Eco, M. Kundera, C. Nooteboom, P. Mertens, H. Claus en met 'Euromaske' dat ons een mooie synthese geeft van de verschillende theatermanifestaties over heel Europa. Denken we ook aan het tijdschrift Irish Review, waarin Dublin als culturele hoofdstad van Europa aan haar trekken komt in haar zovele facetten gaande van Joyce tot Beckett over een heel gamma schrijvers heen, die allen aan Dublin een naam en een gezicht hebben gegeven. Willen we van Europalia genieten, moeten we ons toch de tijd gunnen om iets meer over Portugal en haar cultuur te weten te komen.
Naast deze manifestaties, krijgen we steeds meer werken die alle het fenomeen Europa menen te kunnen doorlichten; hoe pessimistisch het werk van Alain Finkelkraut soms ook moge zijn in de afbeelding van het barbarisme in Europa, toch grijpt hij ook naar Goethe en stelt hem als voorbeeld, als prototype van de produktieve opvoeding: "Tout ce qui ne fait que m'instruire sans accroître mon activité ou me vivifier sur-le-champ m'est odieux" (A. Finkelkraut 1990, p.159).
In L'autre cap (1991) ondervraagt J. Derrida op zijn typische' deconstructivistische manier (niet altijd even toegankelijk en genietbaar, maar toch uitdagend) het begrip Europa. Hij werd geboren aan de andere kant van de Middellandse zee; hij woont nu aan de andere kant van de oceaan. Deze verschillende locaties laten hem toe verschillende perspectieven te ontwikkelen. Europa wordt steeds geconfronteerd enerzijds met een glorieus verleden, zijn ideeën over vrijheid en universele rechten, anderzijds, met zijn destructieve krachten. In die spanning, in die paradox is het voortdurend op zoek naar zichzelf (de recente politieke ontwikkelingen in Rusland en de Sovjetunie moge er het sprekend voorbeeld van zijn, nu Leningrad terug Sint Petersburg is geworden!).
Waarom al deze voorbeelden? Het moge U opgevallen zijn dat in al deze voorbeelden telkens een referentie is naar het verleden. Deze bijdrage moge dan ook een pleidooi worden om in het literatuuronderwijs toch een zekere historische dimensie in te voeren, om elk actueel feit te begrijpen vanuit een historisch perspectief. Wat betekent de verandering van Leningrad in Petrograd? Is het niet verleidelijk om via de gebeurtenissen van nu, terug te gaan naar bv. de Njefski Prospekt in de Peterburgse verhalen van Gogol?
Onze bekommernis is na te gaan in hoeverre jonge mensen van verschillende leeftijdscategorieën enig besef hebben van wat er zich allemaal voordoet. Zijn zij zich bewust van een bepaalde identiteit? Is die Europees te noemen? Wat houdt ze in?
Uiteraard is het boeiend om na te gaan hoe zij er spontaan op reageren, welke hun antwoorden zijn, waarop zij de klemtonen willen leggen. Dit kan in een eerste fase heel gevarieerd zijn, afhankelijk van leeftijd, sociale achtergrond, milieu, opvoeding, lectuur, etc. Sommigen zullen het motief van de stad (wat betekent de stad voor mij? welke gevaren zijn er? hoe fascinerend is ze?) aansnijden; anderen zijn veel meer bekommerd om zichzelf, de ontwikkeling van de eigen persoon; nog anderen
59