taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Zesde conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 6 | Zesde conferentie Het Schoolvak Nederlands (1993)


Bijdrage: Maar wat is Nederlands eigenlijk voor een vak? (Hugo de Jonghe)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Dat laatste is een bijzonder zwak punt, zeker nu de discussie over de inhouden van het literatuuronderwijs zo goed op gang lijkt te zijn gekomen: De literatuur maakt niet alleen met klem aanspraak op een eigen status, tenminste als vakcomponent, maar laat bij monde van haar advocaten ook duidelijk zien dat het in die component niet alleen om lezen en leesplezier gaat, maar beslist ook om kennis. De claim van de literatuur is niet minder dan literaire competentie, en die is te begrijpen als een geheel van vaardigheden, kennis en attitudes (zie Coenen 1992):

Ik ben daarom geneigd om de literaire vakcomponent net zoals de taalcomponent in twee subcomponenten te splitsen: Het onderste vakje van (5) moet u dan in twee vakjes uiteen zien schuiven, waarbij één precies onder taalvaardigheid terechtkomt, terwijl het andere tot onder taalbeschouwing doorschuift. Als namen stel ik voor: lectuur en literatuurbeschouwing: Enigszins vereenvoudigd en anders gepresenteerd kan dat er als volgt uitzien:

(6) Een universeel twee-componentenmodel

competentie

 

(linguistisch)

TAAL

(literair)

LITERATUUR

REFL.

PRAXIS

 
       

taalbeschouwing

   

literatuurbeschouwing

 

       

taalvaardigheid

   

lectuur

Volgens dit model streven we met moedertaalonderwijs in al zijn diverse vormen twee hoofddoelen na: linguïstische en literaire competentie: Die zijn beide te begrijpen als bundels persoonlijke eigenschappen, waarin zowel vaardigheden als kennis en attitudes geïntegreerd zijn: In het moedertaalonderwijs wordt de ontwikkeling van die competenties aan twee hoofdcomponenten toevertrouwd: taal en literatuur. Beide componenten hebben, afgezien van hun verdere interne structuur, in eerste instantie en principieel eenzelfde opbouw: ze bestaan uit een praxislaag en-uit een reflectielaag.

Een eerste voordeel lijkt me te zijn dat de componenten taal en literatuur op deze wijze gelijkwaardig naast elkaar komen te staan: Literatuur komt eindelijk volwaardig aan haar trekken: Men kan goed aannemen dat beide componenten in tal van landen onder het label taal en literatuur samen worden genomen, zoals in Frankrijk bijvoorbeeld met Langue et littérature française of Nederlandse taal en letterkunde

149

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties