taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 6

Zesde conferentie Het Schoolvak Nederlands
Veerle Geudens & Rita Rymenans
1993
304 pagina's

 

  1.   (strategische) vaardigheden voor het sturen (plannen en controleren) van schriftelijke taalhandelingen (controle op het begrip bij het lezen; besturing van het schrijfproces);

  2.   kennis en vaardigheid om literaire teksten te interpreteren en ervaren;

  3.   kennis van de Nederlandstalige literatuur en inzicht in haar achtergronden, zowel wat de traditie als de eigen tijd betreft. Dit houdt in de kennis van een aantal belangrijke literaire teksten uit heden en verleden, inzicht in Nederlandse cultuur en kennis van de Europese literaire en culturele context.

Zoals u merkt vertonen ook deze doelstellingen een aspect van onbegrensdheid. Voor nadere toelichting en fundering moet ik de lezer naar het rapport zelf verwijzen.

3. De systematiek van de Taakgroep

De Taakgroep heeft geprobeerd de werkelijkheid van het onderwijs Nederlands in beide landen zo compleet mogelijk in beeld te brengen. Ze heeft daartoe drie invalshoeken gehanteerd:

de opbrengsten van het onderwijs Nederlands;

de onderwijspraktijk;

het kader.

Met deze invalshoeken stemmen hoofdstuk 2, 3 en 4 van het rapport overeen. Hier kan ik maar kort op die invalshoeken ingaan.

3.1. De opbrengsten

Regelmatig kan men klachten horen - terechte en onterechte m.i. - over de opbrengsten van het onderwijs Nederlands. Het valt op dat die klachten steevast vooral betrekking hebben op vooral formele kwesties: spelling (en meer bepaald op de werkwoordspelling), grammatica, en taalzuiverheid. Een mooie illustratie van die zeer smalle opvatting van taalvaardigheid heeft de voorzitter van het Comité van Ministers van de Nederlandse Taalunie, Hugo Weckx, in de vergadering van de Interparlementaire Commissie een paar weken geleden (5.10.1992) ervaren, toen hij als kritiek te horen kreeg dat in de titel van zijn Basisvisie voor de Taalunie de term 'negentiger jaren', een zgn. germanisme voorkwam.6

De Taakgroep vond het belangrijk een overzichtelijk en wetenschappelijk verantwoord beeld te krijgen van de opbrengsten van het onderwijs Nederlands. Gegevens over leeropbrengsten in de vorm van meningen van bijvoorbeeld ouders, afgestudeerden, werkgevers, leraren, inspecteurs enz. zijn interessant op zich maar vormen geen voldoende en betrouwbare basis voor beleidsaanbevelingen. Daarom heeft de Taakgroep vooral aandacht geschonken aan de resultaten van zgn. peilingsonderzoek. Dat is groot-

52

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties