Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 7 | Zevende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1994)

Bijdrage: Moedertaalonderwijs als middel tot relationele vorming (Johan Van Iseghem)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

beginsituatie van leerlingen. Als gedichten, romans, toneelstukken of zakelijke `teksten de thematiek van seksualiteit, relatie, huwelijk of man-vrouwverhouding behandelen, bouwen we best op reële inzichten en ervaringen van de klas. Aanvulling of verrijking kan alleen dààrin wortelen. We dienen -ook om didactische redenen, voor een breder effect van ons tekstonderwijs- de klas over die beginsituatie dus te bevragen, zowel inzake de leesautobiografie als -discreet- inzake de feitelijke biografie. Tussen moedertaaldidactiek en relationele vorming bestaat er met andere woorden geen enkele discrepantie. Ze gaan probleemloos hand in hand.

2 Enkele lesideeën

Ik geef enkele lessuggesties uit mijn in noot 5 al vermelde bijdrage. Ik zoek ook buiten de literatuurles, omdat nogal wat studierichtingen anders uit de boot vallen. Voor spreekonderwijs valt er inspiratie te rapen in contactadvertenties van kranten. Die kunnen we behandelen op vlak van de taal, door bijvoorbeeld te letten op de adjectieven waarmee mensen kwaliteiten aanprijzen of verdoezelen; op affectief vlak werken we vormend door een gesprek te voeren over de uitgesproken verwachtingen, over het handeltje achter bepaalde praktijken, over motieven en het soort mensen dat daar volgens leerlingen op afkomt. We kunnen ingaan op het sentiment in bepaalde tv-interviews, op zin en onzin van dating programma's; we kunnen onderzoeken, in welke mate een interviewer menselijke ellende op het scherm prostitueert, speuren naar sensatiezucht, een blik werpen op lezersbrieven die het programma onder vuur nemen. Het waardenpatroon van zenders en zuilen kan ter discussie staan: wanneer is een programma 'informatief? Hoever kan men gaan in het uitmelken van bedverhalen? Een belangrijke opgave zal er ongetwijfeld in bestaan leerlingen aan te leren hoe ze zelf kritische vragen bij programma's kunnen formuleren. In popsongs en videoclips, in reclameboodschappen en soapseries ligt er een stapel materiaal waarmee we bij luister- en kijkonderwijs over gezin en relaties kunnen werken.

Binnen leesonderwijs kunnen we reflecteren over 'mentale hartmassage': lezersbrieven in kioskbladen. Stationslectuur biedt kansen om verhalende procédés onder de loep te nemen, om karakters op hun psychologische diepte en verhalen op hun realiteitsgehalte te bevragen, om de voorspelbaarheid van de afloop na te trekken, om het goedkope verband te ontmaskeren tussen sociaal prestige en amoureuze avonturen. Een aantal tijdschriften ontwikkelt een verschijnsel dat ik 'prinsessenmythologie' heb gedoopt. Straatinterviews, vergelijking van materiaal en bespreking in de klas achteraf kunnen duidelijk maken wie dat leest, waarom er zoveel interesse bestaat voor het liefdesleven van Diana, voor Sarah Ferguson of escapades in de paleizen van Monaco. We kunnen een arsenaal met zakelijke teksten samenstellen, waarin wordt ingegaan op ethische kwesties zoals de abortusproblematiek, op sociaal-psychologische factoren zoals de verschillende benadering van seksueel gedrag door meisjes en jongens, op homoseksualiteit, op de verhouding intimiteit-welzijn, op de maatschappelijke rolverdeling tussen mannen en vrouwen, seksistisch taalgebruik.

Jeugdliteratuur, cabaret en chanson bieden onbegrensde kansen. Ironische cultuursprookjes demonstreren onze moderne manier van trouwen. Accenten in verhaal, roman en lyriek door de eeuwen heen leren ons, benevens literaire appreciatie, om twintigste-eeuwse vanzelfsprekenheden inzake liefde en huwelijk te relativeren.

130