Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 7 | Zevende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1994)

Bijdrage: Nieuwe ontwikkelingen in de literatuurgeschiedenisschrijving en hun betekenis voor de waardering van de 19e eeuw (Marita Mathijsen)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

mensen samengebracht die zich bezig houden met begripsgeschiedenis: ze onderzoeken hoe in de loop van de tijden sommige begrippen andere waarden krijgen. Ook hier zal uw eerste reactie zijn: dat lijkt me ideaal om mijn leerlingen eens uit de doeken doen hoe het woord 'verbeelding' in de achttiende en in de negentiende eeuw gebruikt werd, en welke verschuivingen er wel zijn. Dan kan ik beter meteen een afspraak met de hulpverlener voor overspannen leraren maken. Maar bij nader inzien kan er aan de hand van een begripsgeschiedenis een bespiegeling gegeven worden met een uitstraling in de orde van grootte van 'herfsttij der middeleeuwen'. Want bepaalde begrippen zijn sleutelbegrippen in de mentaliteiten van mensen. Wie de connotaties van het begrip 'nationalisme' door de eeuwen heen bekijkt, kan conclusies over het denken van mensen geven. Zo is ook denkbaar dat een studie van het 'begrip' 'God' door de eeuwen heen, veel zal duidelijk maken over godsdienstige literatuur en een mogelijkheid zal bieden om schijnbaar verouderde teksten aan te vatten. Wanneer de veranderende symboolwaarde van God duidelijk gemaakt wordt, en vergeleken met huidige symbolen, heeft men meer greep op historische teksten. Voor zover ik weet zijn er nog geen pogingen ondernomen om begripsgeschiedenis te vertalen naar vwo-gebruik, maar hier is zeker veel van te verwachten, mits de juiste sleutelbegrippen onderzocht worden.

De duidelijkste veranderingen in de literatuurgeschiedschrijving liggen op het gebied van de aandacht voor de lezer en de functie van literatuur. Door een gewijzigde invalshoek van het onderzoek blijkt een visie op een periode te kunnen veranderen. Dat is er met name gebeurd voor mijn eigen vakgebied: de negentiende eeuw.

De toepassing van een consequent historische visie op de periode heeft ertoe geleid, dat de aandacht en waardering voor dit tijdperk zijn toegenomen. Historici hoefden er niet van doordrongen te worden dat in geschiedkundig opzicht de negentiende eeuw buitengewoon interessant is, omdat die al wisten dat allerlei moderne bewegingen in die tijd begonnen zijn. De mentaliteitsveranderingen van de negentiende eeuw maken die tijd zo meeslepend, ook al zijn veel keerpunten voorbereid in achttiende eeuw, en pas bereikt in de twintigste eeuw.

Wat voor de historici nogal voor de hand lag, lag anders voor de literairhistorici. De waardering voor de literaire negentiende eeuw heeft altijd wat moeilijker gelegen. Die is steeds bekeken door de bril en met de oogkleppen op van tachtig. Overigens is de negatieve meningsvorming over de negentiende eeuw al in de eeuw zelf begonnen, zoals uit universitair onderzoek gebleken is.

Potgieter hekelde zijn tijd vanwege de stilstand. Hij was niet de eerste: voor hem had Bilderdijk zich al uitgesproken.. Terwijl de eeuw nog nauwelijks begonnen was had hij het al over de lauwwatereeuw en de rijmeeuw. De hekeling wordt voortgezet door Busken Huet, door Multatuli, en weer opgepakt door de tachtigers. Dezen kerfden het beeld van een vervelende eeuw heel diep in het denken. Dit beeld werd overgenomen in de schoolboeken, waar men het tot op de dag van vandaag aantreft.

Ook aan de universiteiten treft men het negatieve beeld nog wel aan, ofschoon juist daar de andere waardering voor het tijdperk tot ontwikkeling gekomen is. In een artikel in het onvolprezen tijdschrift De negentiende eeuw schrijft de enige hoogleraar negentiende-eeuwse letterkunde, W.van den Berg, dat een enkele schrijver uit de

165