Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 7 | Zevende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1994)

Bijdrage: Dertien vragen over een taalmethode (Paul Mesdagh, Jos Thijssens & Eric Tytgat)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Dertien vragen over een taalmethode

Paul Mesdagh, Jos Thijssens en Eric Tytgat

1 Elke (leermiddelen)uitgeverij die zichzelf respecteert pakt uit met een taalmethode. Is er nog wel behoefte aan een nieuwe taalmethode?

Nog nooit is de tijd zo snel gegaan. De mode van volgend jaar is al bijna ouderwets. Wat taalboeken betreft zijn er tal van taalmethodes. Wie al een stuk van die markt veroverd heeft, vindt het vermoedelijk helemaal niet nodig dat er nog wat nieuws verschijnt. En toch besluiten deze drie leraren om een nieuwe taalmethode te maken, om een fragment van die Vlaamse taalschoolboekenmarkt te veroveren. Wat bezielt ons? Geen winstbejag, wel de vaste wil om een nieuw, bruikbaar, waardevol instrument voor leerlingen en leraren (m/v) te produceren. Wat ervaren wij? Dat onze vrije tijd weg 'is, ons gezin nog wel bestaat -het leeft in een ander gedeelte van het huis- en dat we heel gelukkig zijn, omdat blijkt dat ons werk gewaardeerd wordt. Wij hebben ondertussen genoten van mooie jeugdlectuur en we hebben veel bijgeleerd.

Een nieuwe taalmethode moet een eigen karakter hebben. In onze methode, Taalkracht tien, deel 1 en deel 2, worden telkens 158 afgewerkte lessen aangeboden, meer dan voldoende stof. Leraren kunnen de voorgestelde volgorde respecteren, maar zijn uiteraard vrij om een andere te bepalen. De lessen zijn verdeeld over acht blokken.

Enkele bijzondere kenmerken: naast de behandeling van de traditionele taalvaardigheden is er ook veel aandacht voor de kijkvaardigheid, omgang met authentieke taalverschijnselen, tekstverwerking, zijn er talloze uitwijkings- en verdiepingsmogelijkheden in de 'uitstappen', boeiende teksten, studievaardigheids-oefeningen, is er een vernieuwde kijk op dictees, zijn er eigen (functionele) stripfiguren, fokobladen, diagnostische toetsen en een bijzonder volledige handleiding.

2 Kies je voor een totaalmethode of een andere?

Er zijn leraren die hun eigen methode maken. Zij kopiëren uit kranten en tijdschriften, ze produceren teksten en lessen, ze zijn creatief en vaak eigenzinnig. De methode van anderen ligt hen niet. Ze bezorgen hun leerlingen veel boeiend materiaal dat ze elk jaar aanpassen. Een verheugende en vermoeiende bezigheid. Marktonderzoek zegt dat hier gaat over hoogstens vijf op honderd leraren, de witte merels. Zijn de leerlingen van die 95 en altijd slechter aan toe? Niet noodzakelijk. Kopi_ren is geen pretje: de machine kan bezet zijn, traag of niet werken, slechte kwalteit produceren. De bladen moeten worden verdeeld; ook dat vraagt tijd; er zijn afwezige leerlingen. Uiteindelijk beschikken de 5%'ers over mappen of schriften met een zo volledig mogelijke verzameling gekopieerd en gedeeltelijk beschreven papier.

Een taalboek is een boek. Een taalleraar houdt van boeken en wil die liefde overdragen op de leerlingen. Taalkracht tien werkt met een bronnenboek, een boek dat de leerling gebruikt als bloemlezing, theorieboek, kijkboek, naslagwerk. In de werkmap

176