Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 7 | Zevende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1994)

Bijdrage: Een onderzoek naar voorleesteksten (Wam de Moor, Dees Maas & Hermance Wissink)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

en Mulisch. Zo ook Van Toorn, maar hij is als jeugdboekenauteur (Rooie) in de onderbouw, als auteur voor volwassenen in de bovenbouw aanwezig (Pestvogels).

De enquête levert aan vernieuwing een aantal teksten die de aandacht van bloemlezers verdienen. We noemen ze samen met de verantwoording door de betrokken docenten.

  1. Armando, pagina's uit Armando in Berlijn, om de stijl en de thematiek van de oorlog, en De straat en het struikgewas, om de functie van een bepaald perspectief en de houding in de oorlog te laten zien.

  2. A.L. Boom, Mijnheer en mevrouw Aluin, relatie tussen literatuur en geschiedenis verhelderen.

  3. Jeroen Brouwers, fragment 'Rode-Kruis-zending' uit Bezonken rood, confrontatie met het existentialisme.

  4. Boudewijn Büch, p. 9-21 uit Het dolhuis, om leerlingen van klas 2 en 3 te enthousiasmeren.

  5. J.B.Bharles, 'In de arena' uit Volg het spoor terug in verband met het thema van de oorlog.

  6. Jules Deelder, 'Niks tegen Kees zeggen', uit Schöne Welt, voornamelijk om te amuseren en iets van spanning te laten zien.

  7. Adriaan van Dis, Nathan Sid, voor amusement en boekpromotie; voorbeeld van autobiografisch schrijven.

  8. Jan Donkers, 'De verrassing' (2x), uit Opgeruimde verhalen, vooral om de opbouw van de spanning, en 'Misbruik wordt gestraft', uit Gevoel voor verhoudingen, om de amusementswaarde en de thematiek van de man/vrouw relatie, de zieligheid van machogedrag.

  9. Renate Dorrestein, (2 x) niet nader genoemde fragmenten uit Buitenstaanders: enthousiasmerend, amusement, perspectiefwisseling, schijn en werkelijkheid; zowat alle argumenten tellen hier.

  10. Herman Finkers, enkele verhalen uit Verhalen voor in het haardvuur - uiteraard vanwege de humor.

  11. Piet Grijs, 'De douche', uit De nieuwe morgen; geen argumentatie.

  12. W.F.Hermans, 'Naar Magnitogorsk', uit De laatste roker, en De zegelring (Bulkboek), beide amuseren.

  13. Oek de Jong, 'Rita Koeling', 'Het examen', (De hemelvaart van Massimo, alweer meer dan 15 jaar oud.)

  14. Freek de Jonge, Zaansch Veen, humor en ironie.

  15. Mensje van Keulen, 'Hondje kontje' (uit Allemaal tranen, ook al zo'n twintig jaar in de running), enthousiasmeren en amuseren.

  16. Herman Koch, enkele pagina's uit Red ons, Maria Montenelli, boekpromotie en amusement.

  17. Gerrit Komrij, het hoofdstuk uit Horen, zien en zwijgen waarin hij de kritiek en het schrijven van recensies aan de kaak stelt (4); maar ook drie fragmenten uit Averechts, vanwege de ironie.

  18. Tim Krabbé, p. 68-73 uit Het gouden ei; boekpromotie en amusement.

  19. Vonne van der Meer, 'Afscheid van Phoebe' (uit Het limonadegevoel); spreekt meisjes aan en lokt discussies uit, is bovendien enthousiasmerend.

  20. De notulen van de duivel (hertaald door Van Oostrom); amusant, middeleeuwen bespreken.

  21. Stijloefeningen van Queneau (door Kousbroek vertaald), amuserend en vanwege het begrip stijl.

  22. F. Springer, 'Happy Days' uit Zaken overzee; omdat het een verhaal is dat boeit en Springer zelf laat zien; fragment uit Quissama (p. 54-60): amuseert.

  23. Willem van Toorn, 'Vaders' uit Pestvogels; amusant en analyseren toestand van de hoofdfiguur.

  24. Bob den Uyl, stukken uit diverse bundels: ze amuseren, literatuur wordt 'herkenbaar', triviale dialogen.

  25. Levi Weemoedt, Titelverhaal van Bedroefd maar dankbaar, kaderverhaal, humor, cliché, toespelingen e.d.

  26. Willem Wilmink, Het verkeerde pannetje, 3x enthousiasme, amusement, en dan a) humor en ironie, b) het thema van de oorlog en c) de thema's van gescheiden ouders en de dood.

  27. Leon de Winter, met fragmenten uit Supertex (p. 25-32) en Hoffmans honger (22-27, 31-32), beide om te enthousiasmeren voor de auteur en zijn boeken en te amuseren.

  28. Joost Zwagerman, 'Karel Appel heeft een papierfabriek' uit Gimmick, p. 44-48. "Als illustratie" - ik begon daarmee - "van het nihilisme in de literatuur van eind jaren '80 en begin jaren '90".

3 De ervaringen met de voorleesteksten

Voorlezen kan alleen als de condities waaronder het gebeurt in orde zijn. Docenten benadrukken (a) dat het fragment niet te lang mag zijn, (b) het verhaal 'mooi' moet zijn en (c) dat je goed moet kunnen voorlezen, terwijl je je (d) moet kunnen inleven in de tekst. Als je dat kunt, is succes vrijwel altijd verzekerd, of, zoals een docent beweert:

187