Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 7 | Zevende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1994)

Bijdrage: Vorming van het spreekgedrag voor onderwijsgevenden (P. Sas)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

We richten ons tot de tweedejaarsstudenten om twee redenen. De eerstejaarsstudenten zijn talrijk (700) en een aantal staakt de studie tijdens of na het eerste jaar: Ten tweede is de formatie van logopedie beperkt: 0,1 fte op 120 studenten:

Verwerking van de screeningsgegevens levert de volgende gegevens op:

  1.    10% van de gescreende studenten beschikt op het moment van de screening over algemeen goede mogelijkheden wat betreft het spreekgedrag.

  2.    75% dient een of meer spreekfuncties te optimaliseren.

  3.    15% vertoont één of meer logopedische stoornissen (voornamelijk op het gebied van de articulatie- en de stemfunctie).

fase 3: 1983 - 1986

We stellen vast dat enkele studenten met logopedische stoornissen tijdens de opleiding dysfunctioneren bij de uitoefening van het beroep op grond van problemen met het spreken (voornamelijk met de stemfunctie). Leraren praten veel, vaak met (te) luide stem en de invloed van stress en van ongunstige milieufactoren, zoals lawaai, is groot. De screeningsresultaten blijven dezelfde ordening aangeven.

Op dit moment komt er een belangrijke stap. Logopedie wordt binnen de onderwijskundige voorbereiding een verplicht onderdeel: Een student kan niet afstuderen als hij niet het tentamenbriefje logopedie kan voorleggen. De logopedische werkzaamheden blijven dezelfde als in fase 2.

fase 4: 1986 - 1990

Door de STC-operatie (schaalvergroting, taakverdeling en concentratie) krijgen de hbo-instellingen een ander karakter: Het Mollerinstituut wordt een ondereel van de faculteit Educatieve Opleidingen van de Hogeschool Katholieke Leergangen Tilburg: Het docententeam logopedie wordt nu ingezet binnen meer geledingen: de lerarenopleiding voltijd, de lerarenopleiding deeltijd, de akademie voor lichamelijke opvoeding, de pabo, het Brabants Conservatorium en de Dansacademie Brabant.

Het denken omtrent de inhoud en de vorm vam het aspect logopedie evolueert

  1.    de studenten dienen theoretische kennis te verwerven over 'hoe spreken werkt'. Deze theorie dient beperkt te zijn, maar gericht. Het moet een praktijktheorie zijn waarbij de inzichten een basis vormen voor eigen gedragsverandering op het gebied van het spreken.

  2.    er wordt een tentamen afgenomen over deze theorie.

Het feit dat er geen andere Nederlandstalige publicaties bestaan, daagt ons uit om over die materie te schrijven en te publiceren. Ook in de andere taalgebieden is er weinig te vinden. Het biedt ons de mogelijkheid om opgedane ervaringen mee te verwerken en zo te komen tot de beoogde doelstelling. Dit resulteert in de eerste druk Als je veel moet praten.

Het logopedisch programma voorziet nu

  1.    studie van het boek Als je veel moet praten met een tentamen erna.

  2.    verplichte individuele screening

  3.    eventueel diepgaander logopedisch onderzoek, optimalisering, behandeling.

212