Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 7 | Zevende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1994)

Bijdrage: BV Taal: Nederlands voor meertalige klassen (Regine Bots & Moniek Sanders)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Er zijn aparte leerlijnen voor: lezen, schrijven, verhalen, woordenschat, grammatica, luisteren & spreken, taalbeschouwing en informatie. Tussen de leerlijnen is zo veel mogelijk samenhang aangebracht. Leerlingen kunnen het geleerde op die manier toepassen in verschillende contexten. Vaak werkt de ene les voorbereidend op de volgende. Er bestaat onder andere afstemming tussen:

- woordenschat en lezen

- lezen en grammatica

- luisteren & spreken en schrijven (aantekeningen maken)

- luisteren & spreken en grammatica (intonatie, het plaatsen van leestekens)

- lezen en luisteren & spreken (voorspellen)

- grammatica en schrijven (zinsbouw, verwijswoorden etc.)

In de meeste methoden Nederlands staan alle lessen van een vaardigheid per hoofdstuk bij elkaar en zijn de lessen niet per lesuur gepland. In BV Taal is dat wel zo. De verschillende leerlijnen volgen elkaar op en de lessen zijn steeds per heel (een enkele keer per half) lesuur georganiseerd. Deze afwisseling wordt door veel leerlingen als prettig ervaren. Om te voorkomen dat deze aanpak verwarring veroorzaakt, is er in het materiaal een duidelijke structuur aanwezig. Aan het begin van iedere les bijvoorbeeld, wordt het doel van die les duidelijk gemaakt aan de leerlingen. In lessen bij de verschillende leerlijnen wordt ook steeds teruggegrepen op dat wat in de vorige les van die leerlijn is aangeleerd.

3 De lijn luisteren & spreken

Mondeling taalgebruik vormt een belangrijk element van communicatie, zowel binnen als buiten de school. Over het algemeen beschikken de leerlingen wel over voldoende taalvaardigheid om dagelijkse gesprekken te voeren. Als ze echter een moeilijker gesprek moeten voeren, dan schiet die taalvaardigheid al gauw tekort. Op school is het taalgebruik meestal gericht op de overdracht van informatie. Leerlingen moeten erin getraind worden om dit soort taalgebruik te hanteren. Binnen de lijn luisteren & spreken wordt daarom gewerkt aan: spreekvaardigheid, gespreksvaardigheid en luistervaardigheid.

Bij spreekvaardigheid gaat het erom dat de leerling leert om de juiste informatie te noemen en die informatie ook op een goede manier te ordenen. Gespreksvaardigheid is gericht op sociale aspecten van mondelinge communicatie, zoals het voeren van een discussie, het spreken in meer of minder formele situaties enzovoort.

Voor luistervaardigheid is in deel 1 van BV Taal veel aandacht. Het gaat dan onder andere om luistervaardigheid in technische zin (bijvoorbeeld het onderscheiden van klanken en zinsmelodie). Dat is iets waar allochtone leerlingen nog problemen mee kunnen hebben. Een ander belangrijk onderdeel van de luisterlijn is het doorzien van de structuur van beluisterde teksten. Deze vaardigheid wordt van leerlingen eveneens op school gevraagd. Daarom is er veel aandacht voor het maken van aantekeningen bij een beluisterde tekst. Ook in de luisterlijn wordt steeds gewerkt met een stapsgewijze opbouw. Gaat het bijvoorbeeld om het maken van aantekeningen bij een tekst over een bepaald onderwerp, dan worden leerlingen eerst gestimuleerd om hun

35