Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 7 | Zevende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1994)

Bijdrage: BV Taal: Nederlands voor meertalige klassen (Regine Bots & Moniek Sanders)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

5.1 Didactische aanpak

Belangrijk is allereerst dat er een oplopende lijn is in de complexiteit van de gevraagde teksten. Dit geldt zowel voor de schoolse, als de maatschappelijke als de creatieve lijn. De leerlingen moeten bijvoorbeeld voor de schoolse lijn in deel 1 een beschrijving van een persoon geven en in deel 2 een beschrijving van een vakantie.

Schrijfopdrachten waarbij leerlingen handreikingen krijgen bij het zoeken naar inhoud en het plannen van een tekst lijken voor de minder goede schrijvers betere schrijfprodukten op te leveren dan open schrijfopdrachten. Bij de lessen schrijven is daarom gekozen voor een didactische aanpak met een intensieve fase van schrijfvoorbereiding. Voorbereiding op de schrijfopdracht vindt niet alleen plaats tijdens de schrijfles zelf, maar ook tijdens voorafgaande lessen. Uitgangspunten zijn:

- Het produceren van volledige zinnen waarin bepaalde grammaticale onderdelen voorkomen, wordt voorafgaand aan de eigenlijke schrijfopdracht nog eens gericht geoefend. De eigenlijk schrijfopdracht is vervolgens zo geformuleerd dat bepaalde grammaticale constructies, die eerder zijn behandeld, uitgelokt worden.

- Bij schrijven wordt de tekststructuur (indeling in alinea's) toegepast die bij lezen is aangeleerd.

- De schrijfopdrachten worden bij lezen en luisteren & spreken vaak inhoudelijk voorbereid. De informatie uit lees- of luisterteksten helpt leerlingen bij het bedenken van inhoud voor de schrijfopdracht.

- Indien nodig worden bij woordenschat woorden aangeleerd die leerlingen nodig hebben bij de schrijfles.

Een ander belangrijk onderdeel van de didactiek is het stappenplan. De leerlingen leren met behulp van dit plan om een tekst in een aantal stappen op te bouwen:

stap 1: trefwoorden

De leerlingen zoeken hierbij naar de inhoud. Vaak is er een vooropdracht (soms in de les zelf, soms in een aantal voorgaande lessen) om op ideeën te komen over het onderwerp. Naar aanleiding hiervan gaan leerlingen trefwoorden verzamelen over het onderwerp en die trefwoorden ordenen. In het eerste deel van de methode moeten de trefwoorden geordend worden onder gegeven categorieën of kopjes. De ordening zal echter steeds minder voorgestructureerd worden, zodat de leerlingen vanaf deel 3 zelf een ordeningsprincipe voor hun trefwoorden bedenken. Leerlingen leren zo hun tekst plannen voordat zij gaan schrijven.

stap 2: kladversie

Het formuleren van zinnen gebeurt pas na het verzamelen van trefwoorden, als de leerlingen zich 'in het hoofd' een beeld van de tekst gevormd hebben. In deze fase kunnen zij zich volledig concentreren op het maken van goedlopende, correcte zinnen met de geordende trefwoorden, zonder dat zij nog veel over de inhoud hoeven na te denken. Zij worden gestimuleerd om nieuw aangeleerde grammaticale constructies produktief toe te passen.

stap 3: beoordeling

Bij de derde stap, de beoordeling, moeten de leerlingen de eigen kladversie of die van een medeleerling beoordelen aan de hand van een aantal per les gegeven

37