Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 7 | Zevende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1994)

Bijdrage: De saaiheid van de lessen Nederlands (Ides Callebaut)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

We maken de lessen meestal onnodig saai, door de werkelijkheid waarover we het hebben, te reduceren tot een schools afkooksel ervan. "Ik kan verzekeren dat zelfs stenen, zodra zij als 'lesmateriaal' dienen, een vreemd onecht karakter krijgen. Zij leken 'gedresseerde' stenen", schreef de Catalaanse schrijver Josep Pla. Saaiheid is helaas een algemeen onderwijsprobleem en dat is des te erger, omdat jonge mensen zo van hun leerkrachten het verkeerde beeld krijgen van een wereld die niet alleen verschrikkelijk is -dat leren de media hen al- maar ook nog onuitstaanbaar saai.

3 Vanwaar zou die reductie komen?

Vaak is die onvermijdelijk: wij kunnen de echte Vondel en zijn wereld niet meer in onze klas brengen, maar het is voor ons toch gemakkelijker dan voor onze collega's aardrijkskunde of biologie. Maar er is meer. Net zoals andere mensen houden leerkrachten van eenvoudige orde en daarom herleiden ze de werkelijkheid vaak tot een veel te simpele voorstelling ervan. Daarenboven is de schoolleerstof meestal gebaseerd op wetenschap. En die is juist van nature reductionistisch: de wetenschap is geïnteresseerd in wat meetbaar, verifieerbaar, rationeel verklaarbaar en voorstelbaar is. Op school krijgen de leerlingen dan nog heel vaak maar een afkooksel van die wetenschap, een reductie van een reductie van de werkelijkheid.

4 Reductie in de lessen Nederlands?

Wordt de werkelijkheid in de Nederlandse lessen zo gigantisch gereduceerd? Nemen we eens de vraag onder de loep die we volgens mij moeten stellen vooraleer we nadenken over een didactiek van het vak Nederlands: waartoe dient taal? Antwoorden leraars Nederlands dan: taal dient om te communiceren? Of voegen ze ook toe: om te conceptualiseren? Als ze dat laatste er niet bij zeggen, vergeten ze een levens-belangrijke en misschien zelfs primaire functie van taal. Het is erg als mensen hun eigen ervaringen, gedachten en gevoelens niet kunnen verwoorden. Het is ook erg als leerlingen dat niet genoeg mogen oefenen. Ik heb de indruk dat Nederlandse kinderen dat meer mogen dan Vlaamse, maar ik weet niet of dat nu het effect is van verstandig didactisch handelen of van de Nederlandse cultuur in het algemeen.

Als leraars Nederlands communicatie heel belangrijk vinden, mag je ook verwachten dat ze die deskundig aanpakken. Maar is dat geen illusie? Leraars Nederlands denken, misschien nog meer dan gewone mensen, dat ze experts zijn in communicatie omdat ze, net als iedereen, hele dagen communiceren. Daarover hoeven ze dus niet meer na te denken. Denken ze. Maar ze vergeten dat iedereen heel vaak grove communicatiefouten maakt. Communicatie is nu eenmaal erg moeilijk en complex. Je zou dan ook verwachten dat leraars Nederlands systematisch met een communicatiemodel werken, dat ze ook met hun leerlingen inoefenen. Maar doen ze dat wel? Ik hoor wel vragen: wie heeft dat gezegd (of geschreven)? En: wat heeft hij nu eigenlijk gezegd? Maar ik hoor zelden vragen: klopt wat hij zegt met wat we weten over de werkelijkheid waarnaar hij verwijst? Zelden wordt nagegaan in hoeverre een tekst betrouwbaar is. Dat komt voor een deel omdat men vaak ten onrechte met de vraag 'waarover gaat het?' bedoelt 'wat heeft hij gezegd?' Ik kom ook niet zo vaak de vraag tegen: voor wie is dat bedoeld? Dus: waarvoor ziet de spreker of schrijver de

 

66