taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Achtste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 8 | Achtste conferentie Het Schoolvak Nederlands (1995)


Bijdrage: Een daad van eenvoudige rechtvaardigheid uit eigenbelang. Over intercultureel literatuuronderwijs in het voortgezet onderwijs (Koos Hawinkels)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

Een daad van eenvoudige rechtvaardigheid uit eigenbelang   229

Wezenlijke onderdelen van ico zijn immers het zich bewust maken en leren analyseren van aspecten van de eigen cultuur in haar historische context en het reflecteren op vanzelfsprekendheden en op de interne verschillen in wat als één cultuur wordt beschouwd. Culturen zijn namelijk veel minder homogeen dan veelal wordt aangenomen. Denk maar aan de verschillen binnen Nederland tussen Limburgers en Groningers, tussen Gooise kakkers en Amsterdamse volkskinderen etc. En binnen het Nederlandse taalgebied als geheel aan overeenkomsten en verschillen tussen Vlaanderen en Nederland.

Tot ico hoort dus ook aandacht voor de historische ontwikkelingen van de eigen cultuur en van andere culturen, en daarmee voor hun niet-statische karakter, hun veranderbaarheid. Het lijkt mij van groot belang dat jonge mensen in het onderwijs van deze veranderbaarheid doordrongen worden. Je kunt niet van hen verwachten dat zij zich zullen inzetten voor een samenleving waar toch niks aan te veranderen valt.

2 Wat kun je verstaan onder intercultureel literatuuronderwijs ?

Hoewel ico bedoeld is als een onderdeel van alle onderwijs, ligt het voor de hand dat er bepaalde vak- en vormingsgebieden zijn waarin er nadrukkelijker aandacht voor is : met name wereldoriëntatie, geestelijke vorming en de kunstzinnige vakken, waaronder literatuuronderwijs.

Ik ga niet proberen een sluitende definitie van ilo te geven. Ik beperk me tot een gebruiksdefinitie. Ik versta onder ilo die vorm van literatuuronderwijs die zoveel mogelijk van de bovengenoemde karakteristieken van intercultureel onderwijs vertoont.

Literatuuronderwijs besteedt net als ico veel aandacht aan aspecten van geschiedenis en van cultuur en daarmee aan aspecten van verandering. Bovendien is literatuuronderwijs eigenlijk altijd tenminste een beetje internationaal georiënteerd, doordat vergelijkingen met literaire uitingen in andere landen en culturen voor de hand liggen.

Een tweede opmerking : je kunt ilo zien als een vorm van internationaal onderwijs. Naast de externe internationalisering, waar veel aandacht en geld naar toe gaat vanwege de eenmaking van Europa, zou je ico kunnen zien als een vorm van interne internationalisering. Onderwijs dat rekening houdt met het feit dat zoal niet de populatie van de school, dan toch in elk geval die van Nederland internationaal geworden is.3 Dat internationale zit niet alleen in kennisoverdracht, maar meer nog in houdingsbeïnvloeding en vaardigheidstraining.

Dat vergt van leraren kennis van en inzicht in ook andere literaturen dan die waarin ze gestudeerd hebben, Europese en niet-Europese, én didactische vaardigheden om die houdingsbeïnvloeding en vaardigheidstraining van hun leerlingen succesvol uit te voeren. Didactische vaardigheden leer je niet uit een boek, daar is training voor nodig in opleiding en nascholing. Daarom daarover hier slechts kort, hoewel het een conditio sine qua non is.(4)

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties