taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Achtste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 8 | Achtste conferentie Het Schoolvak Nederlands (1995)


Bijdrage: Pleidooi voor een Vlaamse Beroepsvereniging Leraren Nederlands (Mark van Bavel)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

Pleidooi voor een

Vlaamse Beroepsvereniging Leraren Nederlands

Mark van Bavel

Op 1 september 1994 verscheen in De Standaard een `voorpublikatie' door Hein De Beider van een OESO-rapport, waarin aan duizend Vlamingen o.m. werd gevraagd hoe belangrijk ze bepaalde leervakken van het secundair onderwijs vonden. Respectievelijk 88 en 86% van de respondenten vonden Moderne Talen en Nederlands, van 'uitermate belangrijk' tot 'van het allergrootste belang'. Op de vraag of het vak goed gegeven werd, scoorde wiskunde beter dan de 'talen'.

Gelukkig werd het oordeel van de lesgevers naar de werkomstandigheden waarbinnen de talen gegeven moeten worden niet gevraagd. Die score zou een stuk lager uitpakken.

Deze uiteenzetting wil aandacht vragen voor die werkomstandigheden. Ze is ingegeven door de zorg om let vak' Nederlands, de vorming en het leren van de leerlingen, en het lesgeven van de leraren. Uit eigen ervaring voor de klas en op het begeleidingsveld — onze focus(1) — blijkt dat de kwaliteit van het lesgeven wel vaart bij en ondersteund wordt door het welbevinden en de motivatie van de leraren.

Dit pleidooi, want dat wordt het, is geen syndicaal praatje, geen uiting van paranoia of geen alibi voor minimalisme. Het wil een appel richten tot de leraren Nederlands om mondiger te worden. Of liever : het wil met hen een kanaal vinden waarlangs die mondigheid een stem kan krijgen. Daarmee lopen we in het spoor van andere vakgroepen, die op het juiste moment kennelijk de rangen sloten, o.m. de collega's van de vakken geschiedenis en lichamelijke opvoeding.2

Het wil een eerste verkenning zijn van mogelijke domeinen waarop een 'Vlaamse Beroepsvereniging Leraren Nederlands' — met mijn excuses voor de eigenaardige voorlopige naam — werkzaam zou kunnen zijn. Verder doen we een, alweer eerste, voorstel om de Vereniging, als ze er komt, onder te brengen onder de bestaande koepel van de vakverenigingen Nederlands.

Als we deze oproep richten tot de leraren Nederlands, stuiten we in Vlaanderen op de paradox dat we dat doen tot een groep die nauwelijks bestaat. Leraren die alleen maar Nederlands geven, zijn eerder uitzondering dan regel. Er bestaat in dit land immers geen opleiding tot neerlandica/neerlandicus. Vandaar dat bij ons de meeste leraren Nederlands meer dan één vak geven. Nu, het dient gezegd, biedt het lesgeven in meer dan één vak/taal heel wat mogelijkheden. Je kunt binnen je eigen lestijdenpakket aan vakkenintegratie doen. Bovendien zorgt een gevarieerde opdracht voor een zeker evenwicht in je tijdsbesteding. Die veelheid kan echter wel de rechtstreekse betrokkenheid bij de situatie van de leraren Nederlands verminderen.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties