taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Achtste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 8 | Achtste conferentie Het Schoolvak Nederlands (1995)


Bijdrage: Leerlingen becommentariëren elkaars schrifprodukten (Chris Cuyves)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

58   Chris Cuyves

— dat ze zien dat schrijven niet noodzakelijk een lineair, geordend proces is, maar dat het vaak chaotisch verloopt. Dit terwijl er toch enkele noodzakelijke fases in te onderscheiden zijn.

Het model van het schrijfproces dat ik gebruik is dat van Flower (1985; zie ook Van Waes 1992). Ik weet dat er ondertussen al meer verfijnde modellen zijn uitgewerkt maar die zijn wel ingewikkelder. Ook wil ik de leerlingen niet overladen met theoretische beschouwingen. Bovendien ondervind ik dat leerlingen hun manier van schrijven min of meer kunnen herkennen in het model van Flower.

Een eerste voorwaarde is dus dat men werkt aan deelvaardigheden, die nu en dan geïntegreerd in een gehele schrijfopdracht worden ingeoefend.

Een tweede voorwaarde is dat de leerlingen voor hun beoordeling beschikken over een beperkte, hanteerbare set criteria. Ik maak daarvoor gebruik van een set die ik samen met Luuk van Waes en Mark Stevens voor een schoolboeken-reeks Nederlands heb samengesteld. Wij lieten ons hierbij inspireren door Rijlaarsdam (1987). Wat de inhoudelijke opvulling betreft gingen wij ook uit van Schultz von Thun (1984) en het curriculum Schrijven dat wij aan de hand van de vakliteratuur voor de schoolboekenreeks uittekenden. Met name komen de deelvaardigheden waarop wordt geoefend uiteraard ook in het commentaarformulier terug.

2 Het commentaarformulier; lesverloop

2.1 Het commentaarformulier

De beoordelingscriteria op het formulier zijn de volgende : eenvoud, bondigheid, doelgerichtheid, publiekgerichtheid, correctheid, structuur en levendigheid. Bij deze zeven criteria zijn in totaal vijftien hulpvragen geformuleerd. Op elk daarvan kan de leerling antwoorden door uit een vijfpuntenschaal te kiezen; bovendien is er telkens plaats om verduidelijking of suggesties neer te schrijven. We geven van dat laatste een voorbeeld bij vraag (1).

Eenvoud

(1) Is het taalgebruik niet te moeilijk of te gemakkelijk voor het beoogde publiek ?

Te gemakkelijk   1 Nee!   2 nee   3 ja, maar   4 ja   5 Ja! Verduidelijking en suggesties om te herschrijven:

 

Te moeilijk

1 Nee!   2 nee   3 ja, maar   4 ja   5 Ja!

Verduidelijking en suggesties om te herschrijven:

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties