Het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader - online versie

2.1.3 Taalactiviteiten

De communicatieve taalcompetentie van de taalleerder/-gebruiker wordt geactiveerd tijdens de uitvoering van de verschillende taalactiviteiten: receptie, productie, interactie of bemiddeling (in het bijzonder tolken of vertalen). Elk van deze typen activiteit is mogelijk met betrekking tot teksten in gesproken en/of geschreven vorm.

Als processen zijn receptie en productie (mondeling en/of schriftelijk) uiteraard primair, aangezien beide noodzakelijk zijn voor interactie. In het Referentiekader blijft het gebruik van deze termen voor taalactiviteiten beperkt tot de rol die zij afzonderlijk spelen. Receptieve activiteiten omvatten ook stillezen en het volgen van de media. Ze zijn ook belangrijk in vele vormen van leren, bijvoorbeeld om de lesinhoud te begrijpen en bij het raadplegen van studieboeken, naslagwerken en documenten. Productieve activiteiten hebben een belangrijke functie op vele gebieden van studie en werk (mondelinge presentaties, schriftelijke studies en verslagen) en er wordt vooral sociale waarde aan gehecht (in de vorm van oordelen over wat schriftelijk is ingeleverd of van de welsprekendheid die wordt getoond in mondelinge presentaties).

Bij interactie nemen ten minste twee individuen deel aan een mondelinge en/of schriftelijke uitwisseling waarin productie en receptie elkaar afwisselen en in mondelinge communicatie elkaar zelfs kunnen overlappen. Niet alleen kunnen twee gesprekspartners gelijktijdig aan het woord zijn en toch naar elkaar luisteren, maar ook als zij wel om de beurt spreken voorspelt de luisteraar meestal vroegtijdig de rest van de boodschap van de spreker en begint dan een antwoord voor te bereiden. Bij interactief leren communiceren komt dus meer kijken dan alleen het leren ontvangen en voortbrengen van taaluitingen. Gezien de centrale rol van interactie in de communicatie, wordt aan interactie over het algemeen groot belang gehecht bij taalgebruik en taalleren.

Zowel bij receptie als bij productie maakt schriftelijke of mondelinge bemiddeling communicatie mogelijk tussen mensen die om wat voor reden dan ook niet in staat zijn rechtstreeks met elkaar te communiceren. Vertaal- of tolkwerk in de vorm van een parafrase, samenvatting of afschrift verschaft de andere partij een (her)formulering van een brontekst waartoe deze partij niet rechtstreeks toegang heeft. Bemiddelende taalactiviteiten - waarbij een bestaande tekst wordt verwerkt - spelen een belangrijke rol in het normale talige functioneren van de samenleving.