Het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader - online versie

4.1.5 De psychische context van de gesprekspartner(s)

Bij een communicatiegebeurtenis moeten we ook aandacht schenken aan de gesprekspartner van de taalgebruiker. De behoefte aan communicatie vooronderstelt een 'communicatiekloof', die echter kan worden overbrugd vanwege de overlapping, of gedeeltelijke overeenstemming, van de psychische context van de taalgebruiker in kwestie en de psychische context van diens gesprekspartner(s).

Bij directe persoonlijke interactie delen de taalgebruiker en de gesprekspartner(s) dezelfde externe context (met één cruciaal verschil: de aanwezigheid van de ander), maar verschillen, door bovengenoemde oorzaken, hun waarneming en interpretatie van die context. Het effect - en vaak de gehele of gedeeltelijke functie - van een communicatieve handeling is een toename van de overeenstemming in het begrip van de situatie in het belang van doeltreffende communicatie vanuit de doelstellingen van de deelnemers. Dit kan een kwestie zijn van het uitwisselen van feitelijke informatie. Moeilijker te overbruggen zijn verschillen in waarden en overtuigingen, beleefdheidsconventies, sociale verwachtingen en dergelijke, aan de hand waarvan gesprekspartners de interactie interpreteren - tenzij zij voldoende intercultureel bewustzijn hebben verworven.

Gesprekspartners kunnen onderhevig zijn aan geheel of gedeeltelijk andere omstandigheden en beperkingen dan de gebruiker/leerder en daar op andere manieren op reageren. Een medewerker die gebruikmaakt van een omroepinstallatie zou zich er bijvoorbeeld niet van bewust kunnen zijn dat het geluid zo slecht verstaanbaar is. De ene deelnemer aan een telefoongesprek kan zeer ruim in de tijd zitten terwijl degene aan de andere kant van de lijn misschien een klant heeft die wacht. Dergelijke verschillen zijn van grote invloed op de druk die de taalgebruiker ervaart.

Gebruikers van het Referentiekader zouden kunnen overwegen en indien van toepassing vermelden:

  • in hoeverre de leerders zich zullen moeten aanpassen bij de psychische context van de gespreksgenoot;
  • hoe leerders het beste kunnen worden voorbereid op het uitvoeren van de noodzakelijke aanpassingen.