Het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader - online versie

8.4.3 Meerdimensionale modulaire aanpak

Dit hoofdstuk is in het algemeen bedoeld om aandacht te vestigen op de verschuiving van de focus of ten minste de toenemende complexiteit van het leerplanontwerp en de gevolgen die dat heeft voor de beoordeling en certificering. Het is uiteraard belangrijk om fasen met betrekking tot inhoud en vooruitgang te definiëren. Dit kan gebeuren in termen van één hoofdcomponent (bijvoorbeeld linguïstisch of notioneel/functioneel) of in termen van de bevordering van vooruitgang in alle dimensies van een bepaalde taal. Het is net zo belangrijk om de onderdelen van een meerdimensionaal curriculum helder te onderscheiden (en daarbij in het bijzonder rekening te houden met de verschillende dimensies van het referentiekader), evaluatiemethoden te differentiëren en toe te werken naar modulaire arrangementen voor leren en certificeren. Dit zou, synchroon (op een gegeven moment in het leertraject) of diachroon (in de loop van verschillende fasen van het traject), de ontwikkeling en erkenning van meertalige en multiculturele competenties met een 'variabele geometrie' (een waarvan de onderdelen en de structuur van individu tot individu verschillen en per individu in de loop van de tijd veranderen) mogelijk maken.

Op gezette tijden in de schoolloopbaan van de leerder, die verloopt volgens het schoolcurriculum en de hiervoor summier geschetste scenario's, zouden korte 'taaloverschrijdende' modules met de verschillende talen kunnen worden geïntroduceerd. Zulke 'taaloverschrijdende' modules zouden de verschillende leermethoden en hulpmiddelen kunnen omvatten, alsmede manieren om de buitenschoolse omgeving te benutten en misverstanden in interculturele betrekkingen af te handelen. Zij zouden een grotere algehele samenhang en doorzichtigheid verlenen aan de onderliggende keuzes die voor het curriculum zijn gemaakt en de algemene structuur kunnen versterken zonder de lesprogramma's voor andere vakken in de war te schoppen.

Bovendien maakt een modulaire benadering van kwalificaties het mogelijk een specifieke beoordeling te geven, in een ad hoc verzorgde module, van de voornoemde meertalige en multiculturele beheersvermogens.

Meerdimensionaliteit en modulariteit ontpoppen zich zodoende als sleutelconcepten bij de ontwikkeling van een solide basis voor linguïstische verscheidenheid in leerplan en beoordeling. Het referentiekader is zo gestructureerd dat het door de aangeboden categorieën de weg kan wijzen naar een dergelijke modulaire of meerdimensionale ordening. De aangewezen weg voorwaarts is echter duidelijk die van de uitvoering van projecten en experimenten in de schoolomgeving en in uiteenlopende contexten.

Gebruikers van het Referentiekader zouden kunnen overwegen en indien van toepassing vermelden:

  • of de betrokken leerders al enige ervaring hebben met linguïstisch en cultureel pluralisme en wat de aard van die ervaring is;
  • of leerders al in staat zijn, al is het maar op een zeer elementair niveau, in verschillende taal- en/of cultuurgemeenschappen te functioneren en hoe deze competentie is verdeeld en gedifferentieerd naar de contexten van taalgebruik en -activiteiten;
  • welke ervaring met linguïstische en culturele verscheidenheid leerders opdoen tijdens het leren (bijvoorbeeld naast en buiten hun aanwezigheid op een onderwijsinstelling);
  • hoe deze ervaring zou kunnen worden benut in het leerproces;
  • welke typen leerdoelen het meest geschikt lijken voor leerders (zie paragraaf 1.2) op een bepaald punt in de ontwikkeling van hun meertalige en multiculturele competentie als rekening wordt gehouden met hun kenmerken, verwachtingen, belangen, plannen en behoeften alsmede hun voorgaande leertraject en bestaande hulpmiddelen;
  • hoe voor de betrokken leerders de scheiding tussen de verschillende onderdelen van meertalige en multiculturele competentie kan worden doorbroken en vervangen door een doeltreffende relatie tussen die in ontwikkeling zijnde onderdelen; in het bijzonder hoe de aandacht kan worden gevestigd en geconcentreerd op de aanwezige overdraagbare en transversale kennis en vaardigheden van leerders;
  • met welke deelcompetenties (van welke soort en voor welke doeleinden) de aanwezige competenties van leerders zouden kunnen worden verrijkt, gecompliceerd en gedifferentieerd;
  • hoe het leren van een bepaalde taal of cultuur op samenhangende wijze kan worden ingepast in een totaal curriculum waarin de ervaring met meerdere talen en meerdere culturen wordt ontwikkeld;
  • welke mogelijkheden of vormen van differentiatie er in leerplanscenario's bestaan voor het beheersen van de ontwikkeling van een gediversifieerde competentie voor bepaalde leerders; welke schaalvoordelen eventueel kunnen worden voorzien en gerealiseerd;
  • welke organisatievormen (bijvoorbeeld een modulaire benadering) het gunstigst zouden zijn voor de beheersing van het leertraject voor de leerders in kwestie;
  • welke benadering van evaluatie of beoordeling het mogelijk maakt rekening te houden met en gepaste erkenning te geven voor de deelcompetenties en de verscheidenheid aan meertalige en multiculturele competentie van leerders.