Direct naar menu

Methode en materiaal in het traject Landstede

Belangrijk uitgangspunt van het beschreven traject is dat men de filosofie aanhangt dat maatwerk (» lees meer over het begrip 'maatwerk') geleverd kan worden door middel van het gebruik van het portfolio.

De start

Vanaf het eerste contactmoment wordt er gewerkt met de portfoliomethode. In eerste instantie nog zonder fysieke map. Het idee binnen Landstede is dat er eerst een (zeer beperkte) basis moet zijn, wat betreft woordenschat en grammatica. Dit betekent concreet dat eerst de eerste drie hoofdstukken van IJsbreker worden behandeld (zie hieronder).

Vanaf les drie worden checklisten geïntroduceerd (zie hieronder) en komt de fysieke map op tafel. In de periode voorafgaand aan de map, worden al allerlei bewijzen verzameld, die dan later in de map gestopt kunnen worden.

IJsbreker

De docent volgt de leerlijn van IJsbreker. Deze methode wordt niet van kaft tot kaft gevolgd maar er wordt gekeken wat de leerlijn is en in samenhang met de ingevulde checklists worden geschikte oefeningen gezocht. 

De oefeningen, die ervoor moeten zorgen dat de nodige vaardigheden worden bijgeschaafd, komen niet alleen uit IJsbreker. Er wordt gekeken: wat heeft de cursist nodig en hoe kan dat het efficiëntst bereikt worden. Dat kan met behulp van oefeningen uit verschillende methodes maar dat kan ook aan de hand van extra materialen (Startkrant, video’s, folders…).

Checklisten

Het portfolio maakt, door gebruik van checklisten duidelijk wat cursisten al kunnen, wat ze nog niet kunnen en wat ze nog moeten leren.

De checklisten vormen een belangrijk onderdeel van het portfolio. De checklisten zijn geformuleerd in de vorm van ‘Ik kan/Ik kan nog niet/Ik wil leren’ stellingen (de can do statements). Aan de hand van de checklisten kan de cursist reflecteren op:

  1. wat hij wil leren
  2. wat hij al kan
  3. hoe hij dat wat hij nodig heeft zou kunnen leren

Ook zullen er afspraken gemaakt en vastgelegd worden in het portfolio over de leeractiviteiten van de cursist.

Geïllustreerd portfolio

Tot en met niveau A1 wordt gebruik gemaakt van een geïllustreerd portfolio. De voorbeeldsituaties van de can do lists zijn in getekende vorm weergegeven. Deze voorbeelden zijn toegespitst op het uitstroomperspectief. Ook sleutelvaardigheden komen in het portfolio aan bod.

Voordeel van het getekende portfolio is dat er minder taalervaring en taalvaardigheid van de cursisten wordt geëist. De tekeningen uit het portfolio worden ook als een soort praatplaat gebruikt. Men koppelt steeds de taalhandeling aan het functionele gebruik: wanneer heb je een taalhandeling in de praktijk nodig? De can do statements vormen de doelen van het traject.

Portfoliomomenten

In eerste instantie zijn er binnen het traject vaste portfoliomomenten. Naarmate het traject verder loopt, en naarmate de cursisten meer gewend zijn aan de portfoliomethodiek wordt er van deze vaste momenten afgestapt. De docenten proberen te bereiken dat de cursisten meer eigenaar worden van het eigen leerproces, bewuster leren omgaan met het portfolio. Dit probeert men bijvoorbeeld door de cursisten zelf te laten ‘zoeken’ waar hetgeen ze hebben behandeld/gedaan past in het portfolio.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties