Direct naar menu

Het stamgroepmodel

Organisatie

In het streven naar maatwerk en naar manieren om vaker te differentiëren bij het samenstellen van groepen zie je tegenwoordig steeds meer scholen die afwijken van het traditionele 'lesgroepmodel' waarin cursisten altijd in dezelfde vaste groep verkeren en worden begeleid door één of twee vaste docenten.

Zo wordt bijvoorbeeld geëxperimenteerd met het 'stamgroepmodel'. Daarin worden cursisten niet enkel gegroepeerd op basis van de rollen die ze in de samenleving (willen) vervullen, maar ook op basis van specifiekere leerwensen en -mogelijkheden.

De stamgroep
Het uitgangspunt van het stamgroepmodel blijft dat cursisten behoefte hebben aan een vaste en vertrouwde 'basis' van waaruit ze leren: een vaste groep en een vaste begeleider. Die vaste groep en vaste begeleider noemen we, geïnspireerd door Jenaplanscholen, de 'stamgroep' en de 'stamdocent'.

Modules
Vanuit die vertrouwde basis maken de cursisten in het stamgroepmodel echter ‘uitstapjes’ naar andere groepen (of ‘modules’) en andere docenten. In die modules werken de cursisten in wisselende groepen en met wisselende docenten aan hun individuele behoeftes en vragen.

Bekijk een visuele weergave:

De kracht van deze organisatievorm

ligt erin dat je op meerdere niveaus en op meerdere manieren rekening kunt houden met de individuele behoeftes en kenmerken van cursisten. Voor veel cursisten is het daarnaast erg nuttig om meerdere docenten/begeleiders te hebben.

Bovendien kun je ook beter gebruik maken van verschillen tussen docenten. Niet elke docent hoeft nog elk mogelijk onderdeel van een cursus te kunnen verzorgen – van uitspraak tot en met grammatica, formulieren invullen... Docenten kunnen zich specialiseren.

Ook is het mogelijk te differentiëren tussen 'soorten' docenten, wat een financiële weerslag heeft. Voor bepaalde modules kunnen eventueel onderwijsassistenten, vrijwilligers of vergevorderde medecursisten ingezet worden. Voor de stamgroep zelf heb je bekwame, allround docenten nodig die specifieke vaardigheden hebben op het terrein van diagnostiek en begeleiding.

Voorwaarden

Deze organisatievorm is mogelijk zodra er zich voldoende deelnemers aanbieden om meerdere stamgroepen samen te stellen. Belangrijk is wel dat de docenten goed kunnen samenwerken.

Hoe de uren verdeeld worden – hoeveel in de stamgroep, hoeveel in elke module – is afhankelijk van de mogelijkheden van de cursisten én de programmering van de stamgroepen en de modules.

Voorbeelden

Hier vindt u twee van de talloze mogelijkheden uitgewerkt. De onderdelen waarin deze voorbeelden van elkaar verschillen, zijn met een gele kleur aangeduid.

Voorbeeld 1: Stamgroepen van cursisten met dezelfde rol
Voorbeeld 2: Stamgroepen van cursisten met vergelijkbaar taalvaardigheidsniveau

© Nederlandse Taalunie, 2000-2008 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVragenOpmerkingen en reacties
.