u bent hier: nt2-beginnersdoelen » Start maatwerk organiseren » Groepssamenstelling » Stamgroepmodel » Stamgroep: voorbeeld 2
De stamgroepen worden gevormd door cursisten met een vergelijkbaar taalvaardigheidsniveau: echte beginners, semi-beginners, gevorderen. De cursisten krijgen 12 uur per week les, verdeeld over 4 dagen. Omdat er onvoldoende cursisten zijn om de stamgroepen per rol óók nog homogeen samen te stellen wat betreft rollen en moedertalen, zitten in elke stamgroep mensen met verschillende rollen en moedertalen.
Elke cursist legt een Europees taalportfolio aan. (Voor meer uitleg over taalportfolio zie ook: Werken met een portfolio en vormgeven.)
Elke lesdag begint met twee uren in de stamgroep. Er wordt aan de hand van een standaard methode/leergang gewerkt aan de ontwikkeling van de taalvaardigheid in het Nederlands.
Het moduleaanbod bestaat uit:
Omdat er 8 uren besteed worden in de stamgroepen, kan elke cursist nog 4 modules kiezen.
Het portfolio neemt binnen dit organisatiemodel een prominente rol in. Het portfolio is de rode draad, die moet voorkomen dat cursisten en begeleiders het spoor bijster raken. Aan de hand van het portfolio wordt duidelijk (dankzij de checklists) waar een deelnemer aan moet werken en wat als verworven beschouwd kan worden. In het portfolio worden de vorderingen vastgelegd, afspraken genoteerd etc.
Toetsing vindt plaats via het portfolio. Daarin zitten de bewijzen van wat de cursist heeft geleerd, en van wat hij daarmee doet.
Centraal staat een cursus Nederlands die aansluit bij het niveau en de behoeftes van de leerders. Daarnaast krijgen de cursisten de gelegenheid zich te bekwamen in kennis en vaardigheden die direct relevant zijn voor hun eigen rol in de samenleving.
Cursisten krijgen te maken met meerdere docenten. Docenten kunnen zich specialiseren.