taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » onderwijsprijs »

Bazar in Zeeland

Taalunie Onderwijsprijs 2004

Get the Flash Player to see this player.

Jongeren lezen weinig, jongeren in het beroepsonderwijs lezen helemaal niet? In Zeeland bewijzen scholen met het project Bazar het tegendeel. Meer dan 2000 leerlingen uit acht vmbo-scholen gaan bijna wekelijks aan de slag met romans, kranten, tijdschriften, poëzie, strips, film en theater. Docenten zien het enthousiasme van hun leerlingen voor lezen toenemen, bibliothecarissen stellen vast dat jongeren meer boeken komen lenen en scholen voelen zich structureel ingebed in een breed netwerk van bibliotheken en culturele organisaties.

Bazar in Zeeland is een samenwerking van 8 vmbo-scholen, de Zeeuwse Bibliotheek, gemeenten, culturele instellingen e.a.

School en omgeving
Aanleiding voor het project
Doelstellingen
Doelgroep
Opzet
Uitvoering
Middelen
Planning
Resultaten
Contactpersoon


School en omgeving

Zeeland telt 310 basisscholen en 22 scholen voor voortgezet onderwijs. 60 procent van alle (ongeveer 19 000) leerlingen in het voortgezet onderwijs in Zeeland zit in het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo).

De Zeeuwse Bibliotheek is de grootste culturele instelling in de provincie Zeeland en één van de toonaangevende bibliotheken in Nederland. Zij vervult de taak van openbare bibliotheek in Middelburg, is wetenschappelijke bibliotheek voor Zeeland en fungeert ook als Provinciale Bibliotheekcentrale.

Zeeland telt ongeveer 38 vaste bibliotheekvestigingen. Daarnaast bedienen vier bibliobussen de dorpen en buitenwijken die het zonder vaste bibliotheek moeten stellen.


Aanleiding

Al geruime tijd bouwen openbare bibliotheken, de consulent voortgezet onderwijs en jongeren van de Zeeuwse Bibliotheek een samenwerking uit met scholen voor voortgezet onderwijs. De contacten met de scholen leerden dat deze samenwerking zich niet alleen moest richten op havo- en vwo-scholen, maar ook op het vmbo. Daar bleek vooral een sterke vraag naar initiatieven rond leesbevordering en culturele vorming. Ook andere culturele instellingen  wilden zich meer richten op jongeren en banden aangaan met het onderwijs.

Tegelijk leeft in veel scholen al enkele jaren het gevoel dat zij jongeren moeilijk kunnen motiveren om te lezen. Die verzuchting is vooral sterk in vmbo-scholen. Het Bazar-project blijkt een mooie gelegenheid om alle partijen samen te brengen en te komen tot een gezamenlijke aanpak van leesbevordering, cultuur- en media-educatie.


Doelstelling

Het project 'Bazar in Zeeland' streeft vier belangrijke doelstellingen na:
  1. vmbo-leerlingen stimuleren om (meer) te lezen en aan cultuur te doen;
  2. een helder aanbod formuleren rond leesbevordering, cultuur- en media-educatie;
  3. een samenwerking realiseren tussen scholen en bibliotheken enerzijds, en culturele instellingen zoals o.a.filmzalen, theater, kunstuitleen … anderzijds;
  4. tot een intensieve samenwerking komen bij de organisatie van activiteiten voor vmbo-jongeren rond leesbevordering, literatuuronderwijs, media-educatie en cultuureducatie en -participatie.

Doelgroep

'Bazar in Zeeland' richt zich tot alle leerlingen vanaf de brugklas van het vmbo tot en met het vierde leerjaar (13- tot 16-jarigen). Scholen die met Bazar werken, integreren het in een curriculum van jaarlijks terugkerende leesbevorderende en culturele activiteiten met een modulaire opbouw. De activiteiten worden gespreid over het hele schooljaar.


Opzet

In een eerste, oriënterende bijeenkomst bespreken de betrokken instanties het doel, de missie en de vorm van het project. De keuze valt op een intensieve samenwerking rond Bazar, een project leesbevordering voor vmbo-leerlingen. De materialen van Bazar zijn op die manier ontwikkeld dat ze als project vertrekken in het basisonderwijs en in een doorgaande lijn kunnen worden ingezet in het vmbo.

In een eerste bijeenkomst stellen bibliotheken en culturele instellingen mogelijkheden vast om het project in bepaalde scholen en/of regio's in te voeren. Dan volgt een informatieve bijeenkomst voor schooldirecties en docenten Nederlands en/of CKV. Op die bijeenkomst komen vragen aan bod zoals: wat houdt het project in? Hoe sluit het aan bij het curriculum? Wat kunnen scholen er inhoudelijk van verwachten? Hoe kunnen we het project organiseren? Wie doet wat? Welke ondersteuning krijgen scholen en bibliotheken? Enz.

Aansluitend wordt een stuurgroep opgericht. Scholen, bibliotheken en culturele instellingen stellen op hun beurt contactpersonen en coördinatoren aan en er komen ook startbijeenkomsten voor de docenten. Vervolgens gaat Bazar van start. Aan het eind van het schooljaar wordt het project geëvalueerd en eventueel aangepast.


Uitvoering

Het project in Zeeland doorloopt vijf fasen:
  1. Oriëntering en projectkeuze
  2. De Zeeuwse Bibliotheek, een viertal openbare bibliotheken, het Regionaal Pedagogisch Centrum Zeeland, Het Zeeuws Instituut voor Zorg, Welzijn en Cultuur (Scoop), het Regionaal Opleidingencentrum Zeeland (ROC, centrum voor de kunsten) en het Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio komen samen in een eerste oriënterende bijeenkomst. Zij krijgen er toelichting over Bazar, een project van leesbevordering dat werd ontwikkeld in opdracht van de Stichting Lezen.

    Het project Bazar wil jongeren aanzetten tot lezen via eenvoudige teksten, boeiende  onderwerpen en praktische en gevarieerde werkvormen. De leerlingen maken kennis met romans, kranten, tijdschriften, poëzie, strips, film en theater. Bazar start altijd in de lessen Nederlands, maar samenwerking met bv. culturele en kunstzinnige vorming (CKV), tekenen en beeldende vorming is mogelijk.

    De belangrijkste partners bij de uitvoering van Bazar zijn scholen, bibliotheken, culturele instellingen en de schoolbegeleidingsdienst: scholen bieden leerlingen een gestructureerd Bazar-programma aan. Dat gebeurt als onderdeel van het fictieonderwijs of als extra activiteit. Bibliotheken ondersteunen de scholen vanuit hun deskundigheid, ontvangen leerlingen, leveren materialen en kunnen als coördinator voor de invoering van Bazar in een bepaald werkgebied fungeren. In dat geval brengen bibliotheken partijen samen om Bazar op een efficiënte manier in te voeren op lokaal of regionaal niveau. Gemeenten spelen een faciliterende rol en kunnen Bazar opnemen in hun taal- of cultuurbeleid.

  3. Informatieronde voor scholen
  4. De Zeeuwse Bibliotheek neemt contact op met de bibliotheken en potentiële samenwerkingspartners en met de vmbo-scholen in de Oosterschelderegio. De scholen krijgen info over Bazar: uitgangspunten van het project, financiële middelen, inspanningen die van de scholen worden gevraagd enz.

  5. Contactpunten, coördinatie en nascholing
  6. Er wordt een stuurgroep opgericht met een algemeen coördinator. Scholen wijzen op hun beurt een contactpersoon aan, die fungeert als intern coördinator. Het Regionaal Pedagogisch Centrum Zeeland organiseert nascholing voor de docenten.

  7. Bazar-activiteiten in de scholen
  8. De vmbo-scholen voeren Bazar-activiteiten uit van de brugklas tot en met het vierde leerjaar, zowel in de school en daarbuiten. Voorbeelden van deze activiteiten zijn:

    Bazar wordt niet aan het bestaande curriculum toegevoegd maar erin geïntegreerd. Het sluit goed aan bij de kerndoelen en de eindexameneisen.  Er is een koppeling met andere vakken dan Nederlands, zoals culturele en kunstzinnige vorming (CKV), beeldende vorming, maatschappijleer, informatiekunde.

  9. Evaluatie, voorzetting en uitbreiding
  10. Aan het begin van het eerste projectjaar, in 2001, werd op twee scholen in het project een 'nulmeting' uitgevoerd. Zo'n meting geeft inzicht in de huidige situatie (lezen, bibliotheekbezoek, bezoek aan film en theater). De Zeeuwse Bibliotheek organiseert bovendien tussentijdse evaluaties met vragenformulieren voor de afzonderlijke Bazar-onderdelen. Aan het eind van de vier projectjaren worden leerlingen van de twee scholen opnieuw bevraagd met dezelfde vragenlijst als die van de nulmeting. Na afloop van de projectperiode krijgen de onderdelen van Bazar (basismodule) een definitieve plaats in het curriculum van leerjaar 1 t/m 4 en gaan scholen en betrokken instellingen zelfstandig verder.


Middelen

Materiaal

Het lesmateriaal van Bazar werd uitgegeven bij Uitgeverij Partners, Rotterdam. Bazar werkt onder meer boekenlijsten uit op drie niveaus. Deze lijsten worden elk jaar geactualiseerd.

Tijd

Werken met Bazar neemt jaarlijks een 25 à 30 lesuren in beslag, inclusief het bezoek aan bibliotheek, film en theater. Sommige scholen bieden Bazar in blokken aan, met meerdere lessen per week, andere besteden er elke twee weken één uur Nederlands aan.

De nascholing voor de docenten neemt twee sessies van een halve dag in beslag. In de eerste sessie krijgen de docenten een map met lesmateriaal en informatie over de manier waarop ze die kunnen gebruiken in de klas. In de tweede sessie staan hun ervaringen centraal.

Docenten moeten weinig bijkomende tijd in het project investeren. Nauwe samenwerking met de andere instanties neemt ze veel werk uit handen.

Menskracht

Om het project goed te laten verlopen zijn een algemeen coördinator en een schoolintern coördinator onontbeerlijk. In sommige scholen neemt de taalcoördinator de taak van intern coördinator op zich. Die zorgt voor de planning binnen de school, regelt de uitstappen en is de contactpersoon met de bibliotheek en de andere instanties. Ook de schoolmediathecaris kan een belangrijke coördinerende rol vervullen.

Algemene sturing en ondersteuning gaat uit van schooloverstijgende contactgroepen (bibliothecarissen, docenten, coördinatoren e.d. Coördinatoren en vertegenwoordigers van de culturele instellingen komen ongeveer drie keer per jaar samen voor een tussentijdse evaluatie.

Financiën

De kostprijs hangt sterk af van de keuzes die de school maakt (aantal ingevoerde modules, aantal buitenschoolse activiteiten…) en van eventuele financiële steun van gemeenten, provincies en de Stichting Lezen.

De vmbo-scholen uit dit project krijgen financiële ondersteuning voor het eerste jaar dat ze met een bepaald leerjaar meedoen. Het geld komt van de provincie Zeeland, Stichting Lezen, Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio, en leveren daarnaast  samen met de culturele organisaties een substantiële een eigen bijdrage in de financiering van de activiteiten. In leerjaar 3 en 4 werken worden ook de CKV-vouchers ingezet.Het jaar daarop financieren zij dit zelf.


Planning


Resultaten


Contactpersoon

- Zeeuwse Bibliotheek:
Hannie Bruijnooge
Tel. 0031118-654317
h.bruijnooge@zeeuwsebibliotheek.nl

- CED-groep:
Ed Olijkan
Tel. 00 31 10 407 18 61
E.olijkan@ced.nl
www.ced.nl

- Stichting Lezen:
Anne-Mariken Raukema
Tel. 00 31 20 623 05 66
Amraukema@lezen.nl
www.bazarweb.nl


Woordverklaring

Een verklarende woordenlijst van Nederlandse en Vlaamse onderwijs termen vind je op http://taalunieversum.org/onderwijs/termen


Tekst en eindredactie: Jan T'Sas
© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties