Get the Flash Player to see this player.
Wat kan zowel allochtone als autochtone jongeren interesseren? Verhalen van vroeger misschien, of nog beter: de verhalen van hun eigen grootmoeder. In acht Amsterdamse scholen halen jongeren sinds enkele jaren herinneringen op aan hun grootmoeder, de verhalen ze hen als kind vertelde. De verhalen worden onderdeel van een echte praatshow en krijgen een vaste stek op een grootmoederwebsite. Studenten in de lerarenopleiding begeleiden het project. En aan het eind komen de grootmoeders zelf naar de school…
School en omgevingAanleiding voor het project
Doelstellingen
Doelgroep
Opzet
Uitvoering
Middelen
Resultaten
Contactpersoon
School en omgeving
Samen met de Universiteit van Amsterdam gaat de Educatieve Faculteit Amsterdam (Efa) op in het Amsterdams Instituut voor Onderwijs en Opvoeding. Vandaag volgen bijna 3 400 studenten er de lerarenopleiding primair onderwijs, pedagogiek, theologie en levensbeschouwing en de eerste- en tweedegraads lerarenopleidingen (allerlei vakken). De Efa focust op onderwijsvernieuwing en werkt nauw samen met scholen en instellingen in en rond het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs en het beroepsonderwijs. Tijdens de opleiding worden uiteenlopende vaardigheden aangeleerd, zoals lesgeven, samenwerken, presenteren, conflicthantering, het samenstellen en ontwerpen van presentatie- en lesmateriaal en het onderzoeken en ontwikkelen van het Nederlandse onderwijs. Uitgangspunt van de lerarenopleiding is het concept van 'producerend leren': het leren tijdens de opleiding moet zoveel mogelijk gekoppeld zijn aan het uitvoeren van zinvol en verantwoordelijk werk met kenmerken van het beroep van leerkracht. Het leerproces van de student wordt dus sterk gestuurd door de competenties uit het beroepsprofiel en door de behoefte aan nuttig werk bij scholen. Het grootmoederproject is een voorbeeld van dergelijk werk.
Aanleiding
De afdeling Onderwijs en Onderzoek van de Hogeschool van Amsterdam richtte een vraag aan de Efa om de hogeschool sterker te profileren als een interculturele community. Tegelijk was de nieuwe directeur van een Amsterdamse Montessorischool op zoek naar een project dat de docenten meer computer-minded kon maken. Het grootmoederproject vervult beide wensen. Verhalen van grootmoeder en voorwerpen uit 'de tijd van toen' vormen een uitstekend uitgangspunt om een brug te slaan tussen intercultureel onderwijs, waarin communicatie en relaties centraal staan, en informatie- en communicatietechnologie, waar computervaardigheid belangrijk is.
Doelstelling
Het project wil verschillende interculturele en autochtone leerlingen leren omgaan met informatie- en communicatietechnologie en met culturele verschillen. Daarnaast wil het de taalvaardigheid van taalzwakke, vaak allochtone, jongeren bevorderen. Tegelijk participeren senioren aan het project. In ruil voor hun input krijgen grootmoeders van de leerlingen computerles. Op lange termijn hoopt het grootmoederproject een complete databank 'Dit zijn de verhalen van uw stad' te kunnen overhandigen aan de burgemeester van stad, gemeente of dorp.
Doelgroep
Allochtone en autochtone jongeren van alle leerjaren in het basisonderwijs en het voorgezet/secundair onderwijs, zonder onderscheid van onderwijsniveau..
Opzet
Verhalen van vroeger roepen vaak fijne herinneringen op. Leerlingen vertellen elkaar verhalen 'uit grootmoedertijd'. Dat doen ze naar aanleiding van een voorwerp, dat ze van thuis hebben meegebracht. Ze inventariseren deze verhalen op de databank van de website van het project en houden daarbij rekening met criteria zoals gebruiksgemak en opzoekbaarheid. Vervolgens worden de grootmoeders worden op school uitgenodigd om op hun beurt verhalen te vertellen en aan de website toe te voegen. Het project wordt afgesloten met een elektronische tentoonstelling, waarbij de bezoeker de kans krijgt de verhalen, met foto van de verteller, op te zoeken op de computer. Het project past binnen de vakken Nederlands, aardrijkskunde en geschiedenis, maar sluit ook aan bij de gymles, koken, technologie, handvaardigheid enz. 15 studenten van de Educatieve Faculteit Amsterdam begeleiden en coördineren het project.
Uitvoering
15 studenten lerarenopleiding starten het project op in de scholen. Zij beheren de website van het project ('het grootmoederkantoor') en besteden speciale aandacht aan taalzwakke leerlingen. De studenten doen dit als opdracht binnen de module intercultureel onderwijs van hun opleiding. Het project bestaat uit vijf fasen. De eerste drie fasen vormen een basisuitvoering, waarmee elke school kan doen wat zij wil. Met de basisuitvoering van het project kan de school alle kanten uit. De ene school schakelt handvaardigheid en gymnastiek in, andere starten met Nederlands en gaan verder in geschiedenis. Wat na fase 3 gebeurt, bedenkt elke school dus zelf.
- De verhalen
- een voorzitter, die vragen stelt;
- een tijdbewaker;
- een 'quiet coach' of bemiddelaar, die de rust in de groep bewaakt;
- een verslaggever.
- het verhaal heeft een inleiding, een midden en een slot;
- het verhaal krijgt een titel ;
- het verhaal krijgt een trefwoord toegewezen, richtwoorden, die bij het verhaal passen;
- het verhaal bevat een zin, een wijsheid bijvoorbeeld, in de taal van de grootmoeder.
- Een praatshow
- Aan de computer
- Oma op school
- De tentoonstelling
De leerlingen vormen groepen van vier personen. Elk lid van de groep heeft een eigen functie:
Het verhaal wordt genoteerd. De trefwoorden worden op geplastificeerde bordjes geschreven en opgehangen. De trefwoorden maken het makkelijker om de verhalen later terug te vinden op de computer.
Een leerling staat als gastheer van een praatshow voor de klas en nodigt de leerlingen uit hun verhaal te vertellen. Hij stelt ook vragen. Telkens vat één leerling vat het verhaal kort samen, een andere noteert deze synthese. Nog een leerling fotografeert de vertellende leerling met een digitale camera. Het verhaal krijgt ook een trefwoord toegewezen en een titel.
De leerlingen zitten per twee of drie aan de pc. Ze surfen naar de grootmoedersite, loggen in en tikken het verhaal in. De digitale foto wordt eveneens toegevoegd. Van elk verhaal komt een korte en een uitgebreide versie online. Achteraf kunnen geïnteresseerden verhalen terugvinden door te zoeken op trefwoord.
De grootmoeders van de leerlingen worden uitgenodigd op school. Ze vertellen hun verhalen en tikken ze, met de hulp van de leerlingen, op hun beurt in op de grootmoedersite.
De school organiseert een tentoonstelling van de geschreven verhalen. Op een batterij pc's in de grote hal of een andere grote ruimte kunnen de grootmoeders en hun kleinkinderen vrij snuisteren in de verhalen en foto's.
Middelen
Materiaal- pc en digitale camera ;
- een online databank en website;
- brochure met stappenplan;
- trefwoordenkaartjes;
- leidraad in de vorm van een powerpointpresentatie.
Het project is eenmalig en past binnen de reguliere onderwijstijd. Leerlingen werken er bij voorkeur in blokuren aan: een eerste uur verhalen vertellen, een tweede uur de verhalen verwerken op pc;
Er is geen vast tijdskader. Scholen beslissen zelf hoeveel lesuren ze in het project willen investeren.
MenskrachtDocenten worden voor het project bijgestaan door LIO's, leraren-in-opleiding, die door de Educatieve Faculteit Amsterdam worden uitgestuurd.
FinanciënScholen betalen voor de huur van webruimte (verhalendatabank) enkele tientallen euro's per jaar. Andere kosten zijn er niet.
Resultaten
- Het project is laagdrempelig: leerlingen raken snel betrokken, omdat ze persoonlijk worden aangesproken (de verhalen van hun grootmoeder);
- De ict-component motiveert leerlingen extra: ze tikken hun eigen verhaal in, plaatsen hun eigen foto op de website, hun eigen grootmoeder komt naar school…;
- De leerlingen oefenen hun taalvaardigheid. Spreken, luisteren, lezen en schrijven komen ruim aan bod;
- De leerlingen krijgen een handvat om effectieve interculturele communicatie te voeren. Met de verhalen gaan ze 'in een uur de wereld rond';
- Jongeren (en senioren) leren elkaar op een speelse manier kennen;
- Het project wordt voorgezet in nieuwe scholen; sommige scholen vinden in het project zoveel meerwaarde dat ze het hernemen;
- Het project krijgt navolging in San Diego. Aan een Engelstalige website wordt al volop gewerkt.
Contactpersoon
Contactpersoon Maarten van der BurgEducatieve Faculteit Amsterdam / Interactieve Media
Tel. 00 31 6 250 454 37
m.van.der.burg@interactievemedia.hva.nl
www.grootmoeders.nl
Woordverklaring
Een verklarende woordenlijst van Nederlandse en Vlaamse onderwijs termen vind je op http://taalunieversum.org/onderwijs/termen
Tekst en eindredactie: Jan T'Sas
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties