taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » onderwijsprijs »

Taalvorming

Taalunie Onderwijsprijs 2004

Get the Flash Player to see this player.

Het project Taalvorming vormt de basis van het héle taalonderwijs in basisschool de Avonturijn in Amsterdam. Centraal staat het vertel- en schrijfproces van de kinderen dat leidt tot authentieke teksten over eigen ervaringen. Deze eigen teksten worden bovendien volledig ingebed in de lessen taalbeschouwing en begrijpend lezen. Het project wordt door het hele team gedragen en de betrokkenheid van de kinderen is groot. Taalvorming is geschikt voor alle kinderen, met name ook de sociaal- en taalzwakkere kinderen. Bovendien heeft het een positief effect op het gedrag van leerlingen.

School en omgeving
Aanleiding voor het project
Doelstellingen
Doelgroep
Opzet
Uitvoering
Middelen
Planning
Resultaten
Contactpersoon


School en omgeving

Basisschool de Avonturijn in Amsterdam is een achterstandsschool met voor het merendeel allochtone leerlingen. Ze ligt in de Pijp, in stadsdeel Oud-Zuid, in Amsterdam. Het is een achterstandsschool met 70 procent allochtone kinderen en circa 20 nationaliteiten. De school telt 190 leerlingen. Uitgangspunt is het bevorderen van de Nederlandse taal. Er wordt alleen in de Nederlandse taal les gegeven en alle leerkrachten zijn betrokken bij Taalvorming.

De school gaat uit van Ontwikkelingsgericht Onderwijs (OGO). Dit onderwijs vertaalt thema's naar betekenisvolle activiteiten voor de kinderen, die ze stap voor stap verder brengen in hun ontwikkeling. Veel externe ondersteuning krijgt de school van een taalconsulent en een dramaconsulent van Kunstweb Amsterdam, en ook van een OGO-consulent. Met die ondersteuning weten de leerkrachten zich verder te verdiepen in hun taak en kunnen ze beter oplossingen zoeken voor knelpunten, zoals gepaste leerlijnen voor de kerndoelen. De taalconsulent speelt in op vragen van de leerkrachten en begeleidt nieuwe leerkrachten, die meestal niet op de hoogte zijn van of ervaring hebben met Taalvorming.


Aanleiding

De werkwijze van Taalvorming op basisschool de Avonturijn begon in 1994. Drie leerkrachten waren ontevreden over de manier waarop de kinderen in groep drie leerden lezen en schrijven. De bestaande methodes gingen volgens hen te veel over de hoofden van de - vooral allochtone - kinderen heen. Zij wilden juist dicht bij de eigen ervaringen van kinderen blijven en de kinderen zelfvertrouwen geven door hen te laten ervaren dat hun eigen verhaal heel belangrijk is, en de moeite waard om te vertellen en op te schrijven.

De drie leerkrachten werden de drijvende kracht achter de invoering van Taalvorming. Los van een methode gebruiken de leerkrachten de teksten van de kinderen voor verschillende soorten taallessen. Geleidelijk heeft deze aanpak zich verspreid over alle groepen van de school en steeds meer het methodegebonden onderwijs vervangen.

Tegelijk vonden er andere ontwikkelingen plaats, zoals Ontwikkelingsgericht Onderwijs (OGO), die elkaar versterkten in thematisch onderwijs. In die thema's worden wereldoriëntatie en taal geïntegreerd.


Doelstelling

Het belangrijkste doel van Taalvorming is dat kinderen zelfvertrouwen krijgen en op hun eigen woorden komen, hun eigen zinnen maken, hun eigen verhaal vertellen, hun eigen oplossing bedenken. De taal in methodes staat vaak te ver van bv. allochtone kinderen af, maar door Taalvorming wordt taal iets dat je op school niet anders gebruikt dan daarbuiten.

Daaraan gekoppeld wil het project leerkrachten ervan bewust maken hoe ze mondeling communiceren met de kinderen en hoe ze dat effectiever kunnen doen, zodat de kinderen(zelf) bewuste en kritische taalgebruikers worden.


Doelgroep

Alle leerlingen van groep 1 tot en met 8 (4-12 j.) en alle leerkrachten van de school.


Opzet


Uitvoering

Een vaste werkvolgorde leidt tot eigen teksten van kinderen:
  1. maken van de kring in een bepaalde opstelling, gebaseerd op een onderwerp waar ieder kind ervaring mee heeft;
  2. vertelronde naar aanleiding van: (a) inbreng van de kinderen of de leerkracht, (b) voorwerpen, (c) een voorgelezen verhaal of gedicht;
  3. lijstjes schrijven of tekenen;
  4. tweetalgesprek over een ding van het lijstje als voorbereiding op het schrijven of taaltekenen;
  5. een tekst schrijven of een taaltekening maken (voor de jongere kinderen);
  6. de teksten en taaltekeningen voorlezen of laten zien en vragen stellen;
  7. één of een aantal teksten gezamenlijk bespreken, veranderen en verbeteren;
  8. individueel of in tweetallen de eigen tekst veranderen en verbeteren(met hulp van de leerkracht);
  9. tekst verwerken op de computer;
  10. een tekening maken over een aspect uit de tekst;
  11. een boekje printen, kopiëren, samenstellen van de teksten en tekeningen of de teksten ophangen.

Bij het werken in de kring heeft de leerkracht een aantal werkvormen tot zijn of haar beschikking om de kinderen te stimuleren en uit te dagen tot het actief gebruiken van taal. Bovendien leiden de opdrachten stap voor stap naar de schrijfopdracht, waardoor het schrijven makkelijker wordt. De teksten die de kinderen vervolgens schrijven, worden door de kinderen zowel individueel, klassikaal als in groepjes besproken op begrijpelijkheid, spelling en grammatica. De leerkracht analyseert de teksten en ontwerpt op basis daarvan taaltechnische oefeningen.

De kinderen hebben een schrift waarin ze hun eigen teksten schrijven. Dat doen ze soms in drie versies:
  1. De originele tekst;
  2. De tekst met inhoudelijke en vormelijke verbeteringen;
  3. De definitieve, verbeterde tekst.

Voor de voortgang van Taalvorming gebruiken de leerkrachten het 'Werkboek Taalvorming'. Dit boek vormt de neerslag van wat er op de school de afgelopen jaren concreet gebeurde. Daarnaast gebruiken zij bestaande boeken over taaldrukken en taalvorming. De kinderen gebruiken de computer om hun tekst te typen en af te drukken en het kopieerapparaat om er oplages van te maken. Via simpele drukwerkvormen maken de kinderen soms illustraties bij hun tekst.


Middelen

Materiaal

De leerkrachten gebruiken het 'Werkboek Taalvorming' deel 1 en deel 2. Dit boek is voortdurend in ontwikkeling, omdat zij steeds nieuw praktijkervaringen opdoen. Om teksten te presenteren en te verspreiden maken de kinderen gebruik van de computer, fotokopieerapparaat en drukmaterialen.

De school houdt een dossier van elke leerling bij. Ook ouders krijgen inzage in dit dossier. In het dossier moet de ontwikkelingslijn van de kinderen duidelijk worden (bv. geïllustreerd aan de hand van drie teksten per kind per groep). Het bevat ook aandachtspunten.

Tijd

Alle leerjaren en alle leerkrachten en kinderen van de school zijn betrokken bij Taalvorming. In het  vak Nederlands wordt tussen de 7 en de 10 uur per week aan Taalvorming besteed. Tijdens andere vakken, zoals rekenen, wereldoriëntatie en drama worden aspecten van Taalvorming toegepast.

Menskracht

Alle leerkrachten zijn betrokken bij Taalvorming. De school krijgt veel externe ondersteuning van een taalconsulent en een dramaconsulent van Kunstweb, en ook van een OGO-consulent.

Financiën

De ondersteuning van de taalconsulent wordt gesubsidieerd vanuit taalachterstandprojecten. De ondersteuning die de Avonturijn van Kunstweb in Amsterdam krijgt, is beschikbaar voor alle Amsterdamse scholen.


Planning

Om de drie à vier weken is er een taalvergadering (met het hele team of per onderbouw of bovenbouw) over de onderwerpen waar de leerkrachten individueel of als groep mee zitten. De leerlingen hebben een portfolio waarin de leerkrachten de ontwikkeling kunnen volgen die de kinderen doormaken voor schrijven. De kinderen kiezen in principe zelf één tekst of werk per thema en beargumenteren die in een gesprek met de leerkracht. Een aandachtspunt voor de toekomst is hoe kinderen zèlf leren beschrijven wat ze al kunnen en wat ze nog willen en moeten leren. Zo kunnen leerkrachten meer greep krijgen op de weg die kinderen afleggen. Het portfolio kan dan ook aan de buitenwereld als een bewijsstuk worden gepresenteerd.


Resultaten

- Kwalitatief goede producten van de kinderen:
De leerlingen schrijven over hun persoonlijke ervaringen. De teksten zijn erg beeldend geschreven en tonen duidelijk de persoonlijkheid van de kinderen. Technische aspecten, zoals spelling, komen aan bod in de bespreking en leiden geleidelijk tot het produceren van meer grammaticale zinnen. Volgens de taalconsulent is de kwaliteit van de teksten op de Avonturijn erg goed en rijker dan op andere scholen.
- Op communicatie gerichte kinderen:
In Taalvorming worden ook andere competenties ontwikkeld. De leerlingen ervaren geen gêne meer om over hun eigen ervaringen te vertellen. Ze zijn spontaan, uiten zich, kunnen luisteren naar anderen, respecteren elkaars verhaal en de onderlinge verschillen. De leerlingen zijn heel erg op communicatie gericht, overleggen met elkaar en zijn veel minder dan vroeger afhankelijk van hun leerkracht.
- Grotere betrokkenheid bij eigen teksten:
De betrokkenheid van de kinderen bij hun eigen teksten is groot en blijft dat ook door de hele basisschool heen. De dramaconsulente geeft aan dat ze op deze school verder komt dan in andere scholen omdat ze vanuit de teksten van de kinderen vertrekt.
- Resultaten bij alle kinderen:
Taalvorming is een geschikte aanpak voor alle kinderen, ook de sociaal- en taalzwakkere kinderen. Vanuit Taalvorming leren ze naar elkaars verhalen luisteren en leren ze elkaars werk respecteren, hoe groot de verschillen in kwaliteit ook zijn. Het heeft ook een positief effect op het gedrag van leerlingen op school.
- Positieve geluiden uit het voortgezet onderwijs:
Van het voortgezet onderwijs hoort de school alleen positieve geluiden. De kinderen doen het daar goed. Deze scholen zeggen blij te zijn met kinderen van de Avonturijn.
- Hecht team:
Er ontstaat een hecht team en grote openheid. De leerkrachten gaan bij elkaar kijken en interne en externe begeleiders zijn altijd welkom.
- Tevreden team en schoolbestuur:
De directeur, de leerkrachten en de taalconsulenten zijn erg tevreden over de resultaten van de kinderen. Ze nemen wel AVI-toetsen en rekentoetsen af, maar gebruiken bewust niet het Cito-leerlingvolgsysteem. Ze vinden de producten van de kinderen het beste bewijs van het succes van de Taalvormingsaanpak. De druk van buitenaf is groot om wel Cito-toetsen af te nemen en dat maakt leerkrachten soms onzeker. Maar de directrice overtuigt met de leerlingendossiers en de uitgewerkte leerlijnen het schoolbestuur dat achter de aanpak van de Avonturijn staat.

Contactpersoon

Gerda Beikes, directeur
Tel. 0031 20 676 78 99
info@avonturijnschool.nl

De Avonturijn stelt informatie over het project ter beschikking aan andere scholen van het bestuur en aan andere OGO-scholen. Dat gebeurt met behulp van een consulent taalvorming die scholing en voorbeeldlessen geeft en leerkrachten coacht. De ondersteuning die de Avonturijn van Kunstweb krijgt is beschikbaar voor alle Amsterdamse scholen.

De toepassing van taalvorming binnen het taalonderwijs staat ook beschreven in het recent verschenen boek Taal leren op eigen kracht, taalverwerving op school met behulp van de werkwijze van taalvorming.


Woordverklaring

Een verklarende woordenlijst van Nederlandse en Vlaamse onderwijs termen vind je op http://taalunieversum.org/onderwijs/termen


Tekst: Maria van der Aalsvoort
Eindredactie: Jan T'Sas
© Nederlandse Taalunie, 2000-2008 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties