Get the Flash Player to see this player.
De Verteltas op de Regenboogschool
Hoe leer je kinderen beter lezen en geef je ze meer leesplezier? In de 1e katholieke Montessorischool De Regenboog in Amsterdam maken ouders en leerkrachten Verteltassen. Dat zijn aantrekkelijk vormgegeven stoffen tassen met daarin een prentenboek, een luistercd en verscheidene spel- en leermaterialen. De leerkrachten en leidsters gebruiken de Verteltassen op verschillende niveaus en in verschillende situaties. De kinderen mogen de tas ook meenemen om er thuis met hun ouders aan te werken.
Dankzij de Verteltassen worden de leesomgeving en de taalontwikkeling van de
kinderen en de ouders versterkt. Taalachterstand bij kinderen wordt vroeger
ontdekt, ouders worden meer bij het onderwijs betrokken en er is een betere
samenwerking tussen thuis, school en peuterspeelzaal.
Aanleiding voor het project
Doelstellingen
Doelgroep
Opzet
Uitvoering
Middelen
Resultaten
Contactpersoon
School en omgeving
De 1e katholieke Montessorischool De Regenboog in Amsterdam is een kleurrijke school. Samen met een aantal andere basisscholen ligt ze in het stadsdeel Zuid-Oost van de historische havenstad.
In het Montessorionderwijs staat het individuele kind met zijn individuele onderwijsbehoefte centraal. De kinderen krijgen veel ruimte om zelf te doen en te ontdekken in de zogenaamde voorbereide omgeving, die hen uitnodigt om zelfstandig te leren. Op een Montessorischool kan een kind alleen of samen met anderen werken. De leeftijden van kinderen binnen de klas verschillen. Zo kunnen jongere kinderen leren van oudere, meer ervaren leerlingen.
De Regenboogschool vindt het, zeker in een multiculturele stad als Amsterdam,
heel belangrijk dat kinderen zich goed kunnen uitdrukken en besteedt daarom
specifieke aandacht aan taalvorming. Bij taalvorming wordt taal gezien als middel
waarmee je kunt uitdrukken wat je waarneemt, meemaakt, voelt en wilt. Door taal
op deze manier voor zichzelf te gebruiken, leren kinderen steeds beter hun taalvaardigheid
te ontwikkelen. Tegelijk leren ze meer te vertrouwen op de deskundigheid die
ze door persoonlijke ervaringen ontwikkelen. Op deze manier is taal niet een
doel van lessen, maar een communicatiemiddel.
Aanleiding voor het project
Op de Amsterdamse Regenboogschool zitten leerlingen met veel verschillende culturele en maatschappelijke achtergronden. Veel van deze kinderen zijn gebaat bij extra stimulering van de woordenschatontwikkeling en bij extra aandacht voor geletterdheid. Om de belangstelling van kinderen voor boeken te wekken en hun woordenschat te vergroten, is de school in 2003 gestart met het Verteltassenproject. Ouders en leerkrachten ontwikkelen daarbij samen nieuwe Verteltassen en onderhouden de bestaande.
Verteltassen stimuleren het leesplezier, breiden de woordenschat uit van ouder
en kind en bevorderen de participatie van ouders bij het onderwijs. Het concept
werd ontwikkeld in Engeland in 1995 door een oud-onderwijzer, die inmiddels
directeur is van het National Storysacks Project. In veel andere landen zijn
vergelijkbare initiatieven tot stand gekomen. Want het gebruik van Verteltassen
blijkt niet alleen effectief en heel populair bij kinderen, het biedt ook talrijke
mogelijkheden om interactief voor te lezen.
Doelstelling
Het Verteltasproject streeft vier grote doelen na:
- de taalontwikkeling van ouders en kinderen stimuleren;
- ondersteuning bieden bij het voorlezen;
- het lees- en voorleesplezier vergroten;
- ouderparticipatie bevorderen.
Doelgroep
Het Verteltasproject is bestemd voor peuters en basisschoolkinderen, met speciale
aandacht voor kinderen die Nederlands niet als moedertaal hebben. De tassen
worden gebruikt vanaf de peutergroep tot aan de bovenbouw. Leerlingen uit de
bovenbouw houden tevens Verteltassessies met kleuters en controleren de Verteltassen.
Daarnaast is het project gericht op ouders. De Verteltassen gaan mee naar huis,
met de bedoeling dat ouders interactief gaan voorlezen. Ouders zijn ook op school
nauw betrokken bij de uitvoering van het project.
Opzet
Ouders en leerkrachten werken samen in een commissie. Ze ontwikkelen nieuwe Verteltassen en onderhouden de bestaande. De kern van het werken met de Verteltas is de interactie tussen kind en volwassene. In de Verteltas is ondersteunend materiaal aanwezig om de woordenschat te vergroten en om taal, geletterdheid, rekenvaardigheden en wereldoriëntatie te bevorderen. De prentenboeken, cd’s, spel- en leermaterialen in de Verteltassen bieden ouders talloze mogelijkheden daartoe. Zo kunnen de ouders samen met het kind naar het ingesproken verhaal luisteren, samen de spelletjes doen of het verhaal naspelen met de attributen.
Daarnaast krijgen ouders aanwijzingen hoe ze interactief kunnen voorlezen en hoe ze effectieve gesprekken met kinderen kunnen voeren naar aanleiding van het verhaal.
Die aanwijzingen staan in de ‘leeswijzer’ die in elke Verteltas zit. Bovendien wordt er een speciale cursus ‘taalstimulering’ op school aangeboden. In deze cursus komen de volgende onderdelen aan bod: werken met de Verteltas, interactief voorlezen, gesprekken voeren met kinderen en nieuwe woorden aanbieden.
De Verteltassen worden uitgeleend en in de thuissituatie door ouders en kinderen gebruikt. Daarnaast in het ook een project van de ouders zelf; het sluit aan bij de doelstellingen van ouderparticipatie en educatief partnerschap. De nadruk ligt daarbij op een andere manier van contact en overleg met ouders:
- laagdrempelig, informeel contact;
- veilige samenwerking;
- contact met duidelijke afspraken en informatie;
- wederzijds leereffect.
Uitvoering
Ouders en kleuters krijgen drie weken lang een bepaalde Verteltas mee naar
huis. Het is een aantrekkelijke stoffen tas met voorop een prent uit het prentenboek.
Elke Verteltas bevat:
- een prentenboek;
- een cd, waarop het boek is ingesproken;
- een non-fictieboek met informatie over het belangrijkste thema uit het prentenboek;
- werkbladen, werkjes en spelletjes die betrekking hebben op het thema van de tas, met name taal-, wereldoriëntatie- of rekenspelletjes om specifieke vaardigheden te verbeteren;
- knuffels handpoppen, vingerpoppen of verkleedkleren, waarmee het boek uitgespeeld kan worden en het verhaal tot leven kan komen;
- attributen uit het boek;
- een leeswijzer;
- een schriftje waarin ouders hun ideeën en opmerkingen over de Verteltas op schrijven; het kind kan in het schrift een tekening of verwerking over de Verteltas maken.
De leerkracht neemt de tassen op een afgesproken ochtend in ontvangst en noteert in een kaartenbak dat hij terug is. Een groepje ouders en bovenbouwers controleert de ingeleverde tassen. Aan elke tas hangt een geplastificeerde kaart met daarop een opsomming van de inhoud. Als er iets ontbreekt, wordt dat genoteerd. Een groep ouders werkt wekelijks aan het op orde houden van de tassen en het ontwikkelen van nieuwe tassen.
Alle complete Verteltassen worden aan de Verteltassenkapstokken gehangen. Deze staan op een centrale en opvallende plaats in de school.
Het boek in de Verteltas is het uitgangspunt voor de keuzeactiviteiten in de ochtend. Eerst haalt de leerkracht één voor één alle onderdelen uit de tas. Ze worden door haar benoemd en op het kleedje in de kring gelegd. Vervolgens leest ze samen met de hele groep het boekje. Ze past de principes van interactief voorlezen toe. De kinderen zijn vertrouwd met het boek. Een aantal heeft deze tas ook al mee naar huis gehad en kan vaak grote delen van de tekst letterlijk mee zeggen.
Nadat het verhaal is gelezen, kiezen de kinderen in tweetallen voor een verwerkingsactiviteit uit de tas. Beurtelings mogen enkele kleuters bovendien een Verteltas van de kapstok uitzoeken en met één van de aanwezige ouders naar het Vertelhuisje gaan. De ouder heeft de sleutel, doet het deurtje open om de exclusiviteit van het lezen in het Vertelhuisje te onderstrepen en nestelt zich samen met de kleuters in de dikke kussens. Daar leest hij interactief voor. De kleuters koesteren tijdens het lezen de knuffels die uit de tas zijn gekomen en praten mee met het verhaal
Na het voorlezen haalt de ouder verwerkingsspelletjes uit de tas. Het Vertelhuisje
kan ook gebruikt worden door een leerling uit de bovenbouw die interactief voorleest
aan één kleuter. Deze voorleesleerling heeft eerder al instructies
gekregen over de aanpak in het Vertelhuisje.
Organisatie
Op het microniveau (werken met kinderen) biedt de Verteltas een scala aan gebruiksmogelijkheden. Leerkrachten en peuterleidsters gebruiken de tas in hun groep, bovenbouwleerlingen en ouders lezen ermee voor in het Vertelhuisje en ouders gebruiken de tas in de thuissituatie met hun kinderen.
Op het niveau van de school wordt het project gedragen door een leerkracht/coördinator en een ouder. Samen met een aantal ouders vormen zij de Verteltascommissie. Zij ontwikkelen nieuwe tassen, coördineren de uitleen, teruggave en controle van de verteltassen. Zij delegeren taken naar andere ouders, zoals het maken van tassen, knippen en plakken. Deze vaste kern van ouders vervult een brugfunctie naar de andere ouders.
Op bovenschools niveau werken de initiatiefnemers van het project inmiddels
aan een verdere verspreiding van de methodiek. Dit gebeurt in samenwerking met
de Stichting Nederlands Kenniscentrum Verteltassen. Vanuit de Stichting Verteltassen
worden er presentaties en workshops op andere scholen en belangstellende organisaties
verzorgd. Ook worden er ‘train de trainer’-cursussen gegeven aan
onderwijsondersteunende instellingen en aan begeleiders binnen en buiten scholen.
Middelen
Materiaal
De Regenboog beschikt op dit moment over een honderdtal Verteltassen.
Tijd
De tijdsbesteding, zowel thuis als in de klas, is heel wisselend. De introductie
van de tas vergt meer tijd dan de latere herhalingen. Kinderen werken ook zelf
met de tas en luisteren bijvoorbeeld naar de cd, zo’n sessie is weer korter.
Menskracht
De leerkracht werkt in de klas met de tassen. Ouders en leerlingen van
de bovenbouw werken op de gang in het vertelhuisje met kleine groepjes kinderen.
Een veel grotere commissie van leerkrachten/ ouders en bovenbouwleerlingen maakt
en onderhoudt de tassen.
Financiën
De kostprijs voor het maken van een Verteltas is verschillend en hangt
af van de gebruikte materialen. Ouders maken tassen vrijwillig en schenken veel
materialen voor de Verteltas. Het meeste geld gaat naar de prentenboeken en
informatieve boeken, maar een school kan ook boeken gebruiken van de schoolbibliotheek.
Planning
Met de Verteltas wordt zowel thuis als in de klas gewerkt.
Resultaten
- Qua ouderparticipatie heeft het Verteltasproject op De Regenboog zichtbaar
resultaten opgeleverd. De ouders die Verteltassen mee naar huis krijgen tonen
meer betrokkenheid bij wat er op school gebeurt. De ouders die meewerken met
het maken van de Verteltassen worden aangesproken op hun eigen capaciteiten
en zijn medeverantwoordelijk voor een stukje onderwijs.. Uit videomateriaal
en verhalen van ouders blijkt dat de tassen thuis intensief en met veel plezier
worden gebruikt.
- Ook wat de doelstelling van meer (voor)leesplezier betreft, zijn de resultaten
duidelijk. Zowel kinderen als ouders zijn enthousiast over de verteltassen.
De tassen brengen voor hen de verhalen inderdaad echt tot leven en het interactief
voorlezen heeft zich tot een vanzelfsprekende routine ontwikkeld.
- Ten aanzien van de taalontwikkeling (waaronder woordenschat) stellen de
leerkrachten vooruitgang vast bij kinderen die thuis regelmatig met de verteltas
werken. Waar die vooruitgang precies in zit en waardoor die precies wordt
veroorzaakt, is echter nog onduidelijk.
- Het Verteltasproject vergroot het vertrouwen om Nederlands te spreken en
bevordert integratie. De inhoud van de Verteltas brengt verhalen voor kinderen
tot leven, helpt ze spelenderwijs om ideeën, gevoelens en verhoudingen
te verkennen en om mondelinge vaardigheden te ontwikkelen. Bovendien stimuleert
het project het leesplezier en bevordert het ouderparticipatie bij het onderwijs.
Tip
De Regenboogschool is klein begonnen met het Verteltasproject. Intussen heeft de school veel ervaring en deskundigheid opgedaan, maar klein beginnen blijft het advies. Het succes van de Verteltassen hangt niet af van het aantal tassen maar staat of valt met het enthousiasme van de mensen die er mee bezig zijn: de kinderen, de ouders en de leerkrachten. Daar dient de inzet dus vooral op gericht te zijn. Het is een proces.
Voor scholen die zelf met Verteltassen willen werken, heeft de Stichting Verteltassen workshops en trainingen ontwikkeld. Na het volgen van een workshop kan je het ‘Handboek Verteltassen’ bestellen. Dat beschrijft op concrete wijze, stap voor stap, hoe de Verteltassen gemaakt kunnen worden en hoe ze een plaats kunnen krijgen in het taal- en leesonderwijs van een school. Naast aanwijzingen voor het maken van de tassen en het kiezen van verwerkingsactiviteiten bevat het handboek een aantal nuttige voorbeeldbrieven om ouders te informeren en activeren.
Voor coördinatoren, begeleiders en opleiders die de Verteltasmethodiek
op een school willen introduceren en implementeren, is een ’train de trainer’-cursus
ontwikkeld, die verscheidene malen per jaar wordt georganiseerd.
Bronnen
- Hoogh de, J.W. en Groot-Yadgar de E. 2005, ‘Mag ik de Verteltas van het Lieveheersbeestje’ - De Wereld van het Jonge Kind. Vol. 32: 162-165
- Hoogh de, J.W. , Groot-Yadgar de E. en Meer van der I. 2006, Reader voor de Train de Trainer Cursus Verteltassen. - Amsterdam: Stichting Nederlands Kenniscentrum Verteltassen
- Hoogh de, J.W. en Groot-Yadgar de E. 2005, Handboek Verteltassen - Amsterdam:
Stichting Nederlands Kenniscentrum Verteltassen
Contactinformatie
1e Katholieke Montessorischool De Regenboog in Amsterdam
Josien Branbergen en Joke de Hoogh
Telefoon: 020 – 697 21 76
E-mail: j.branbergen@regenboogamsterdam.nl
Efrat de Groot-Yadgar
Stichting Nederlands Kenniscentrum Verteltassen
centrum@verteltas.nl
Eindredactie: Jan T'Sas
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties