Schoolloopbaan Vlaanderen

Gewoon en buitengewoon basisonderwijs

Het overgrote deel van de Vlaamse leerlingen zit in het gewoon onderwijs. Voor kinderen die tijdelijk of permanent speciale hulp nodig hebben die het gewoon onderwijs niet kan bieden, is er het buitengewoon onderwijs. In het buitengewoon basisonderwijs onderscheidt men acht types:

  1. kinderen met een lichte mentale handicap
  2. kinderen met een matige of zware mentale handicap
  3. kinderen met ernstige emotionele problemen en/of gedragsproblemen
  4. kinderen met een lichamelijke handicap
  5. kinderen die voor langere tijd zijn opgenomen in een ziekenhuis
  6. kinderen met een visuele handicap
  7. kinderen met een auditieve handicap
  8. kinderen met ernstige leerstoornissen

Een school voor buitengewoon basisonderwijs kan één of meer types organiseren. Type 1 en 8 worden niet georganiseerd in het buitengewoon kleuteronderwijs.

Gewoon en buitengewoon onderwijs werken steeds meer samen: bij geïntegreerd onderwijs wordt de school voor gewoon onderwijs ondersteund door een school voor buitengewoon onderwijs. Die ondersteuning kan teamgericht of leerlinggericht zijn. Bij geïntegreerd onderwijs zijn de doelen dezelfde als die voor het gewoon onderwijs. Inclusief onderwijs gaat nog een stap verder: daar worden de doelen aangepast aan wat haalbaar is voor het kind.

Hoe zit dat in Nederland?
Hoe zit dat in Suriname?