Primair onderwijs in Nederland
Nederland subsidieert onderwijs voor kinderen vanaf vier jaar. Voor die leeftijd kunnen zij terecht in een kinderdagverblijf of in de peuterspeelzaal. Pas vanaf hun vijfde levensjaar zijn kinderen ook leerplichtig. Als alles goed gaat, doorlopen ze van hun vier tot en met hun twaalf jaar het primair onderwijs. Dat doen ze op de basisschool. Daarna stromen ze door naar het voortgezet onderwijs. Er bestaan zowel openbare als bijzondere basisscholen.
De meeste basisscholen delen hun leerlingen in leeftijdgroepen in. Een kind begint in groep 1 en stroomt jaar na jaar door naar groep 8. Sommige scholen wijken hiervan af en groeperen hun leerlingen anders. Zij werken bijvoorbeeld met leefgroepen, waarin kinderen van verschillende leeftijd en/of kinderen van gelijkaardig niveau samen zitten.
De eerste vier jaar (onderbouw) brengen kinderen minder tijd op school door dan de laatste vier jaar (bovenbouw). Nederlandse scholen bepalen zelf wanneer de schooldag begint en eindigt. In de regel beginnen basisscholen 's morgens om 8:30 uur. Een schooldag mag maximum vijfenhalf uur duren. Alle scholen moeten ervoor zorgen dat kinderen op de middag op school kunnen blijven eten, als hun ouders dat willen. Ouders betalen wel extra voor het middagtoezicht.
In de meeste basisscholen heeft elk groep een vaste groepsleraar. Hij geeft les en begeleidt de kinderen. Daarnaast zijn er ook vakleerkrachten voor bv. tekenen, muziek, lichamelijke opvoeding. Sommige scholen stellen in de onderbouw onderwijsassistenten te werk. Zij helpen de leerkracht met allerlei taken. Naast de groeps- en vakleraar is er de remedial teacher. Hij (of zij) werkt met kinderen die meer ondersteuning nodig hebben voor taal, lezen of rekenen. Elke school wordt geleid door een directeur. In kleine scholen geeft die vaak ook nog les. In grote scholen wordt hij veelal bijgestaan door een adjunct-directeur.
Samenwerkingsverbanden
In het basisonderwijs bestaan er ook samenwerkingsverbanden. Zo zijn er samenwerkingsverbanden tussen de basisschool enerzijds en andere voorzieningen (peuterspeelzaal, kinderopvang, welzijnswerk) anderzijds. Men spreekt dan van Vensterscholen, Spilcentra, Open Wijk Scholen enz. De verzamelterm hiervoor is brede scholen.
Hoe zit dat in Vlaanderen?
Hoe zit dat in Suriname?
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties