Inhoud van het primair onderwijs in Nederland
De basisschool heeft verschillende opdrachten. Eén ervan is lesgeven in verschillende vakken. Wat de leerlingen per vak moeten meekrijgen aan kennis, vaardigheden en inzichten staat beschreven in de kerndoelen. Dat zijn doelen die de overheid vooropstelt en die de school met zijn leerlingen moet bereiken. Behalve aan de verstandelijke ontwikkeling van kinderen besteedt de school aandacht aan hun sociale, emotionele, creatieve en lichamelijk ontwikkeling.
Wettelijk zijn de volgende vakken verplicht: zintuiglijke en lichamelijke oefening, Nederlandse taal, rekenen en wiskunde, Engels, expressieactiviteiten, sociale redzaamheid, gezond gedrag en enkele kennisgebieden (o.a. aardrijkskunde, geschiedenis, de natuur, maatschappelijke verhoudingen enz.). In Friesland komt daar doorgaans ook nog het Fries bij.
Kinderen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond kunnen onder bepaalde voorwaarden les krijgen in hun eigen taal. Men spreekt van onderwijs in allochtone levende talen (OALT). Dat wordt buiten het verplichte curriculum gegeven. Informatie- en communicatietechnologie (ICT) wordt in alle vakken geïntegreerd. Alle scholen kunnen bovendien nog over andere onderwerpen lesgeven. De meeste vakken staan niet op zichzelf; de school wordt verondersteld zoveel mogelijk de samenhang tussen de vakken zichtbaar te maken voor de leerlingen.
Hoe zit dat in Vlaanderen?
Hoe zit dat in Suriname?
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties