Zorgstructuur in het secundair onderwijs in Vlaanderen
De algemene regel is dat leerlingen met een getuigschrift basisonderwijs op zak starten in het eerste jaar A van het secundair onderwijs. Wie dat niet heeft, start in het eerste jaar B. Het eerste jaar B wil leerlingen de kans geven alsnog over te springen naar het eerste jaar A. Daarom spreekt men ook wel van de brugklas.
Daarnaast kan iedere leerling vanaf de leeftijd van 15 jaar (in sommige onderwijsvormen 16 jaar) overstappen naar een deeltijds systeem. Jongeren kunnen een opleiding volgen in het deeltijds beroepssecundair onderwijs (dbso). Zij gaan daarvoor naar een Centrum voor Deeltijds Onderwijs (cdo), dat verbonden is aan een tso- of bso-school. Leerlingen krijgen er enkele dagen per week les, de andere dagen gaan ze werken.
In het dbso kunnen leerlingen een waaier van beroepen leren: kantoorbediende, lasser, keukenhulp, dakbedekker, carrossier, enz. Zij behalen een studiegetuigschrift. Als ze met succes kwalificatieproeven afleggen, behalen ze ook kwalificatiegetuigschrift.
Jongeren tussen 18 en 25 jaar die een industrieel leercontract hebben getekend (een leercontract in de industriƫle sector) kunnen in het dbso een opleiding volgen van 1 tot 3 jaar. Alternatieven voor het dbso zijn de middenstandsopleiding (bij het VIZO) of een andere erkende deeltijdse vorming.
Hoe zit dat in Nederland?
Hoe zit dat in Suriname?
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties
