taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » taal » spelling » Reacties »

De Taalunie weerlegt de kritiek

Felix van de Laar, Tekst[blad], nummer 4, 4 december 2005

'De Werkgroep Spelling heeft keuzes moeten maken'

Naar aanleiding van alle vragen en commotie, hebben we de Nederlandse Taalunie enkele vragen voorgelegd waarop we per e-mail antwoorden kregen. Na wat heen-en-weergeëmail ontstond het eindresultaat. De vragen en de teksten in de kaders zijn voor rekening van de redactie van Tekst[blad]. De antwoorden zijn voor rekening van de Nederlandse Taalunie.

Op de nieuwe uitgave van het Groene Boekje zijn in de media nogal veel negatieve reacties gekomen. We vonden maar één pragmatische bijdrage van Marita Matthijsen in NRC Handelsblad, die, met een flinke portie ironie, liet zien dat de ideale spelling er héél anders uit zou zien en dat we dus tevreden moesten zijn met wat we nu hebben. Hebt u ook de indruk dat de reacties overwegend negatief zijn, en in hoeverre bent u daarvan geschrokken?

Taalunie: 'Wij zijn niet geschrokken van de reacties, maar hadden die wel verwacht. Spelling is nu eenmaal een domein dat mag rekenen op emotie. Een ideale spelling bestaat overigens niet, of althans die ziet er voor bijna iedereen anders uit. Sommigen zijn nog steeds voorstander van een ingrijpende vereenvoudiging, anderen vinden juist dat er niets mag veranderen. Wij wisten vooraf dat wij hiermee te maken zouden krijgen.

Het spellingbeleid van de Taalunie stond en staat in het teken van continuïteit. Behoud van wat wij hebben, met hier en daar kleine aanpassingen en aanscherpingen op terreinen waarvoor voldoende signalen bestonden dat aanpassing of extra houvast gewenst was. Dat is hoe dan ook het geval met onderdelen zoals hoofdletters, aaneen- of losschrijven, afkortingen, Engelse leenwoorden, die tot nu toe niet of veel te algemeen waren geregeld. De taaladviespraktijk heeft voldoende aangetoond dat dergelijke aspecten een voortdurende bron van twijfel waren; mensen verwachten dat de Woordenlijst hierover knopen doorhakt. Het doel van het Taaluniebeleid is om de spelling die er is, en die zich op een lange traditie kan beroepen, actueel en bruikbaar te houden.'

Spelling van doorsnee publicaties verandert helemaal niet

De grootste kritiek gaat over twee dingen: het feit dat de spelling van 893 trefwoorden is veranderd, en het feit dat men al die veranderde spellingen niet kan herleiden tot hele duidelijke regels - behalve dan die paardenbloemcategorie. Kunt u zich die kritiek voorstellen en hoe reageert u daarop?

Taalunie: 'Wij kunnen ons die kritiek best voorstellen. Een kleine duizend woorden, dat lijkt in eerste instantie misschien veel. Maar, veel veranderingen doen zich voor in weinig frequent gebruikte woorden, waaronder de Engelse leenwoorden. Steekproeven hebben duidelijk gemaakt dat de impact van de veranderingen op gewone, niet-specialistische teksten, zo goed als verwaarloosbaar is. In een schoolmethode Nederlands voor het derde jaar van het voortgezet/secundair onderwijs was er welgeteld één verandering op 102.000 woorden. Het ging om het woord paardenbloem, dat bovendien twee keer voorkwam. In het bijbehorende oefenboek waren er 22 veranderingen op een totaal van iets meer dan 50.000 woorden. Ook hebben wij een aantal artikelen met spellingkritiek op veranderingen gecheckt, onder ander die van het themanummer over spelling van Elsevier, waarin beweerd wordt dat alles wat gedrukt is voor 15 oktober 2005, in één klap verouderd zou zijn. En wat bleek? In alle artikelen samen was er geen enkele wijziging, behalve de veranderingen die expliciet geciteerd werden. En Ludo Permentier vond ook geen enkele verandering toen hij ‘een halve Standaard' erop had gecontroleerd.'


kader Tekst[blad]

De lezer kan de lijst van 893 er zelf bijhalen. Er staan veel woorden op die je nóóit zult gebruiken, maar ook tientallen zo niet honderden die je tot het normale idioom zou rekenen. Niet voor niets staan ze, op basis van frequentietellingen van het Instituut voor Nederlandse Lexicologie, in de Woordenlijst.


Taalunie: 'De impact is eigenlijk nog geringer dan het beschikbare cijfermateriaal doet vermoeden. Het grootste deel van de veranderingen betreft zaken waarvoor nog geen duidelijke regels beschikbaar waren. Die zorgden altijd al voor twijfelgevallen; opzoekgevallen zo men wil. Wie wist bijvoorbeeld tot voor kort wél met zekerheid hoe je woorden als full colour, eyeopener of bric-à-brac moest spellen?

Vóór 15 oktober 2005 werden veel problemen op de betreffende onderdelen, hoofdletters, aaneen- of losschrijven, afkortingen, Engelse leenwoorden, gedomineerd door willekeur, door wat toevallig tot stand was gekomen wegens gebrek aan criteria. Nu is er veel meer gelijkvormigheid tussen vergelijkbare gevallen. Wel moet men zich realiseren dat veel van de criteria nooit 100% sluitend zijn te hanteren. De Werkgroep Spelling heeft keuzes moeten maken. Dergelijke afbakeningsproblemen hou je altijd, in welke spelling dan ook. Maar, wij zijn ervan overtuigd dat de bijkomende criteria en principes die de Werkgroep zelf heeft gehanteerd en die voor een groot deel ook in de Leidraad zijn beschreven, zullen leiden tot een grotere voorspelbaarheid. Met andere woorden: mensen zullen gemakkelijker dan voorheen intuïtief te werk kunnen gaan en problemen naar analogie kunnen oplossen.'

Afbakeningsvraagstukken ja, maar weinig fouten

Bij grondige analyse van het Groene Boekje blijkt dat er tegenstrijdige gevallen in voorkomen, en discutabele interpretaties bij de toepassing van de regels, en misschien ook wel gewoon echte fouten. We nemen aan dat de Spellingcommissie zich daar nog een keer over gaat buigen. Op welke termijn mogen we over al die gevallen een communiqué verwachten?

Taalunie: 'Zoals gezegd, afbakeningsvraagstukken heb je altijd. Wat voor de ene een geval A is, is voor de andere soms juist B. De echte fouten in de Woordenlijst zijn, voor zover ons bekend, op de vingers van één hand te tellen. Zo heeft bijvoorbeeld CO2, het chemische symbool voor stikstof, door conversieproblemen van het beheersbestand naar het zetbestand, een 'twee' in superscript gekregen in plaats van in subscript. En verder zijn de breuken drievierde en vijfachtste blijven staan, terwijl die los geschreven hadden moeten worden. Zulke fouten worden natuurlijk rechtgezet en dat zal ook bekend worden gemaakt.'

Regels om toe te passen, of de lijst om in op te zoeken

Mensen denken dat de Leidraad in het Groene Boekje de complete regeling voor spellingvraagstukken bevat. In de Spellinguitgave van Van Dale staan al die regels ook maar daar heeft men ze genummerd. Het zijn er 230. Er ontbreken er nog twee in dat overzicht - overigens hele oude en duidelijke: die voor de uitgangs-n voor stoffelijke bijvoeglijke naamwoorden en voor de uitgangs-n in verwijzende voornaamwoorden en verwijzend gebruikte bijvoeglijke naamwoorden die naar personen verwijzen. 232 regels: wie heeft de illusie dat meer dan een handvol dicteegekken die überhaupt zullen leren en beheersen? En dan hebben we het nog niet over de vele tientallen uitzonderingen op die regels!?

Taalunie: 'Naast de eigenlijke spellingvoorschriften bevat de Leidraad ook criteria en principes die bedoeld zijn om richting te geven. Als mensen daarin geïnteresseerd zijn, kunnen zij daarmee nagaan hoe de keuzes in de Woordenlijst tot stand zijn gekomen. Sommige taalgebruikers zullen daar baat bij hebben, voor anderen zal het opzoeken in de Woordenlijst en het zoeken naar vergelijkbare gevallen een veel betere strategie blijken. Dat de nummering van Van Dale op 232 regels uitkomt, zegt niets over het aantal officiële spellingregels, noch over de complexiteit ervan. De nummering is bedoeld als instrument voor de gebruikers, om gemakkelijker bij die passage te komen die voor hun probleem relevant zou kunnen zijn.'


Kader tekst[blad]

De formulering van 'spellingvoorschriften' en 'criteria en principes' komt uit de besluiten van het Comité van Ministers van de Nederlandse Taalunie. De ministers maken dus een formeel onderscheid dat niet als zodanig in het Groene Boekje tot uiting komt; de Leidraad kent alleen maar 'regels'.


Het Nederlands heeft nu eenmaal veel speciale gevallen

De regels zijn veel omstandiger geformuleerd dan in het vorige Groene Boekje, en er staan nu ook schema's in om de taalgebruiker te helpen. Maar o.a. Wim Daniëls in Onze Taal is van mening dat je je hersens er toch wel erg goed bij moet houden om de huidige omschrijvingen precies te kunnen begrijpen. Van spellers wordt beheersing van een groot aantal taalkundige begrippen verwacht. We hebben het u eerder (in Tekst[blad] 2005-2) in algemene zin gevraagd, maar misschien nu nog eens aan de hand van het concrete geval: voor wie is deze spelling bedoeld, en is deze Leidraad voor die mensen a) te begrijpen en b) praktisch toepasbaar? Tot (of vanaf) welke salarisschaal of opleidingsniveau zullen ambtenaren de spelling onder de knie krijgen (of raadt u hen aan op de spellingchecker te vertrouwen?), en leraren?

Taalunie: 'Gebruikers van het Nederlands moeten met de spelling uit de voeten kunnen. Maar, als er sprake is van moeilijke woorden, die je maar af en toe gebruikt, dan kun je die beter opzoeken of gebruik maken van de spellingcontrole. Dat er in het Nederlands om tal van redenen vele speciale gevallen zijn, zoals het schrijven van samenstellingen met een symbool of een afkorting als één der delen, of de vervoeging van Engelse werkwoorden, dat is nu eenmaal zo. Er is voor dat soort problemen geen oplossing mogelijk die én eenvoudig, én sluitend én in een beperkt aantal regels zonder taalkundige termen te vatten is. Jammer, maar zo is het nu eenmaal. Dat er mensen zijn wier actieve woordenschat minder dan 200.000 woorden telt, soms veel minder, betekent niet dat zij geen goede, functionele beheersing van de taal zouden hebben. Zo is het ook met spelling: de meeste mensen beheersen die goed, al blijven er altijd Groot-Dicteegevallen over die je moet opzoeken.'

Voor tekstschrijvers moet het Groene Boekje voldoende zijn

Overigens maakt de Taalunie in een tekst op het Taalunieversum juist een duidelijk onderscheid tussen de Technische Handleiding (zouden wij die ook mogen inzien, om te kunnen vergelijken?) die alleen voor specialistische gebruikers bedoeld is (behoren tekstschrijvers, redacteuren, correctoren daar soms niet onder?) en de Leidraad, die 'vooral rekening (houdt) met de verwachtingen en behoeften van de gewone taalgebruikers'.

Taalunie: 'De Technische Handleiding is alleen bedoeld voor mensen die woordenboeken, spellinglijsten en spellingcheckers moeten maken. Zoals de titel al aangeeft, het is een document dat voor dit specifieke doel technische ondersteuning biedt. Voor de gewone taalgebruiker, inclusief de grootgebruiker van spelling zoals de redacteur of de tekstschrijver, zijn er andere instrumenten: de Woordenlijst Nederlandse Taal, woordenboeken enzovoort.'

Onvolledigheid hoort erbij

De Leidraad verwijst vaak naar de Woordenlijst, die bij twijfel het laatste woord heeft. Maar de Woordenlijst is aan de ene kant weer allesbehalve volledig en aan de andere kant staan er honderden dubbelvormen in. Het ontbreken van woordvormen (meervouden, verbuigingen, afleidingen, maar ook dubbelvormen die dan weer wel in Van Dale staan) wordt deels verklaard door het feit dat men die woorden of woordvormen in de frequentietellingen van het inl te weinig is tegengekomen. Dan kom je als taalgebruiker toch ook niet verder?

Taalunie: 'De Woordenlijst Nederlandse Taal en de woordenboeken bevatten in hun geheel genoeg informatie voor taalgebruikers om heel ver te komen. Niemand kent alle woorden van het Nederlands, dus die kunnen ook niet in één lijst worden opgesomd.'

Lijstjes met tussen-n-gevallen vertonen meer gelijkheid dan vroeger

De werkgroep Spelling heeft, volgens uw persberichten, een databank aangelegd met alle kritieken op het vorige Groene Boekje, en heeft die zo goed mogelijk verwerkt in het nieuwe Groene Boekje. Wat je nu in de kritiek opnieuw terug ziet komen, is de onwerkbaarheid van, of de weerstand tegen, de regels voor de zogeheten tussen-n. Die ene regelverandering voor 24 woorden heeft de pijn bepaald niet weggenomen. Dat verhaal van die inventarisatie klinkt aardig maar het heeft uiteindelijk dus niet veel om het lijf. Is hier gekozen voor de minste der kwaden?

Taalunie: 'De kritiek op de hoofdregel en de subregels voor de tussen-n en de inventaris van alle commentaar op de vorige editie van de Woordenlijst Nederlandse Taal zijn twee verschillende dingen. Als het gaat om de hoofdregel voor de tussen-n, dan lopen de meningen sterk uiteen. Voordeel van de regeling van 1995 is met name het feit dat bijna alle rijtjes van samenstellingen met hetzelfde eerste lid ook allemaal op dezelfde manier worden geschreven.'

Algoritmes van de spellingchecker geven doorgaans betrouwbare resultaten

Ewoud Sanders heeft in NRC Handelsblad aangetoond dat de spellingchecker van het Groene Boekje lang niet alle woordvormen herkent en op de juiste manier corrigeert, en dat hij verkeerde afbrekingen toestaat. Wat gaat u daar aan doen? Krijgen we gratis een verbeterd schijfje?

Taalunie: 'Het antwoord op deze vraag hebben we in samenspraak met Theo van den Heuvel (Polderland, Nijmegen), ontwikkelaar van de programmatuur van veel spellingcheckers, geformuleerd.

De problemen zijn niet specifiek voor de spellingchecker bij de nieuwe Woordenlijst, maar voor alle vergelijkbare instrumenten. De meeste punten waarop spellingcheckers te tolerant lijken, hebben te maken met de woordvormingsprocessen in het Nederlands. Deze processen zijn niet waterdicht in algoritmes te vangen. Het perfecte spellinglexicon bestaat niet. Desondanks kunnen verreweg de meeste spellingproblemen met de spellingchecker worden gevonden, zodat automatische controle en suggesties nuttig blijven.

Algoritmes leveren doorgaans betrouwbare resultaten op. Toch is moeilijk vast te stellen of ze volstrekt foutloos zijn. Daarom heeft het Spellingslogo van de Nederlandse Taalunie geen betrekking op regelalgoritmes of op suggesties en resultaten die op grond van die algoritmes aan de gebruiker worden verstrekt. Zie ook taalunieversum.org/spelling/keurmerk.'


De auteur

Felix van de Laar is redacteur van Tekst[blad] en zelfstandig tekstschrijver en redacteur in Antwerpen. Met dank aan Joost Scheifes.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2008 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties