taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » taal » spelling » Reacties »

Sleutelwoorden

Ewoud Sanders, NRC Handelsblad ,31 oktober 2005

Het lijkt erop alsof iedere spellingherziening wordt opgehangen aan een bepaald sleutelwoord. De spelling die in 1954 van kracht werd, staat wel bekend als de bessensapspelling. In 1995 werd pannenkoek binnen de kortste keren het sleutelwoord. Het nieuwe Groene Boekje werd toen in Den Haag gepresenteerd en nog diezelfde middag trokken cameraploegen naar het pannenkoekenhuis op het Malieveld om de eigenaar te vragen wat hij er nou van vond dat pannenkoek er een n bij had gekregen.

Het zal niemand zijn ontgaan dat er zojuist een nieuw Groen Boekje is verschenen, en dus is er behoefte aan een vers sleutelwoord. Het zal nog spannend worden wie er gaat winnen: paardenbloem of ideeëloos. De algemene spelling is ditmaal niet herzien, maar de regel die de schrijfwijze van paardenbloem bepaalt wel, vandaar dat sommigen nu al spreken van de paardenbloemspelling. Tegenstanders van gesleutel aan de spelling maken zich nu witheet om het woord ideeëloos.

Dit absurd ogende woord heeft daarmee in één klap een veel hogere frequentie gekregen dan ooit tevoren. Het is niet zo dat het de afgelopen jaren nooit is gebruikt. Om de een of andere reden was het tot voor kort favoriet onder sportjournalisten. 'Het ideeënloze middenveld', 'het ideeënloze FC Twente', 'Feyenoord sleepte zich ideeënloos over de grasmat voort', 'Ajax drentelde ideeënloos over de eigen grasmat' - ziedaar een kleine greep uit sportartikelen uit verschillende kranten. Kennelijk is het opmerkelijk als een voetballer ideeëloos is, hoewel veel bekende voetballers nou niet meteen de indruk wekken dat ze overlopen van de briljante ideeën, maar dat terzijde.

Hoe het ook zij: ideeëloos is nu in een keer in de voorhoede van het spellingdebat terechtgekomen en het zou zich weleens kunnen ontwikkelen tot het sjibbolet van de haters en critici van spellingwijzingen.

Die haters en critici hebben momenteel handenvol werk. Soms heb ik wel een beetje met de samenstellers van het Groene Boekje te doen. Zonder twijfel hebben zij hun uiterste best gedaan om het allemaal zo goed mogelijk te maken, maar het boekje is nog niet uit, of zij worden - doorgaans vanwege details - aan de schandpaal genageld.

Maar goed, sommige dingen zijn dan ook wel goed stom. Bijvoorbeeld de kwestie clientèle. Schijf je nu clientèle of cliëntèle? In de eerste oplage van het Groene Boekje uit 1995 stond cliëntèle (met trema). Dit werd eerst op een erratalijstje en vervolgens in latere drukken gecorrigeerd. Maar kijk nu in de eerste oplage van het nieuwe Groene Boekje en er staat cliëntèle (met trema), terwijl op de website van de Taalunie, in het digitale Groene Boekje én in de Grote Van Dale clientèle (zonder trema) staat. Wat dit geval extra stom maakt, is dat clientèle een klassieke instinker is, erg geliefd bij dicteemakers.

Wat ik zelf veel erger vind is dat in het digitale Groene Boekje de mogelijkheid is weggehaald om met jokertekens te zoeken. Als je tot nu toe wilde weten hoeveel woorden er in de officiële woordenlijst eindigen op -loos, tikte je sterretje-loos. In de lijst van 1995 kreeg je vervolgens 241 resultaten te zien, toen nog mét ideeënloos als enige afleiding met een tussen-n. Deze zoekmogelijkheid was niet alleen erg handig voor uiteenlopend taalkundig onderzoek, maar je kon op deze manier ook afleiden hoe je woorden moest spellen die niet in de lijst stonden. Dat nu de mogelijkheid ontbreekt om zélf over spelling na te denken, vind ik zelf de meest ideeëloze ingreep in deze spellingronde.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2008 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties