taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » taal » spelling » Reacties »

Twee soorten spelling, wat doet u ons aan?

15 augustus 2006

Patrick Rooijackers & Margot de Wit, Sectiebestuur Nederlands, Vereniging van Leraren in Levende Talen (VLLT)
Nanke Dokter & Hilde Van den Bossche, Vereniging van Lerarenopleiders Primair Onderwijs Nederlands en Nederlands als tweede taal (LOPON2)
Ghislain Duchâteau, Vereniging van Vlaamse Moedertaaldidactici (VVM)
Rita Rymenans, Vereniging voor het Onderwijs in het Nederlands (VON Vlaanderen)

Sommige media, waaronder Trouw, voeren morgen een spelling in die anders is dan de officiële. Dat is onnodig, en voor leerlingen zeer verwarrend. Met de komst van het Witte Boekje moeten we kiezen tussen twee spellingen: de witte, opgesteld door het Genootschap Onze Taal, en de officiële, volgens het Groene Boekje. Dat is jammer, want de meeste spellingwijzigingen hebben betrekking op relatief marginale gebieden van de spelling die in de klas slechts zelden aan de orde komen. De zeldzame 'grote' wijzigingen (zoals de vervallen 'paardenbloemregel') zijn over het algemeen een vereenvoudiging. Daarom hebben onderwijsorganisaties zich tot nu toe nauwelijks in de discussie gemengd. In het onderwijs verandert immers vrijwel niets.

Dit blijkt treffend uit onderzoek naar de gevolgen in het onderwijs. De nieuwe spelling verandert in het taalonderwijs op de basisschool nauwelijks iets. Alleen de woorden 'paddenstoel' en 'paardenbloem' moeten worden vervangen. Cito hoefde in enkele toetsen voor taalvaardigheid welgeteld nul veranderingen door te voeren.

Ook in het middelbaar onderwijs zijn de gevolgen te verwaarlozen. In de methode Taallijnen bijvoorbeeld, nota bene mede geschreven door witte-spellingredacteur Wim Daniëls, moet in alle vmbo-uitgaven maximaal één woord gewijzigd worden, terwijl in de methode voor havo en vwo vijf zinnen moeten worden geschrapt, vooral vanaf 2005 vervallen uitzonderingen.

Het wekt dan ook verbazing dat het rumoer rond de spelling nog niet is verstomd. De Vlaamse krant De Morgen verschijnt inmiddels al een tijd in de nieuwe spelling zonder dat één lezer zich eraan stoorde. Waarover maken kranten zich dus zo druk?

Gaat het de Witte Spellers wel om de inhoud van de spellingherziening? In het blad Onze taal gaf de redactie al toe dat de spelling 2005 naast veel fouts veel goeds bevatte en verder blijken veel van de voorstellen van de Witte Spellers toch terug te gaan op twistpunten in de spelling van 1995. Maar de bedoeling van de witte spelling is overeind gebleven. Geen 'onzinnige' veranderingen meer: "Het moet een keer ophouden. Daarom scheiden hier onze wegen".

René Appel, fervent voorstander van de witte spelling, kende in juni in de Volkskrant het protest vooral een 'symboolfunctie' toe: "We nemen het niet meer dat een groepje geleerden aan de spelling gaat knutselen." Inzet van de spellingstrijd is niet zozeer de spellingherziening 2005 maar de vraag wie er in Nederland de baas is over de taal: een aantal taalwetenschappers, in dienst van de overheid, of de professionele taalgebruiker? De spelling is inzet van een symbolisch machtsspel geworden.

Maar prestigekwesties mogen niet bepalen welke spelling we hanteren. Kijken we naar de inhoud - en die dient voorop te staan - dan zijn er geen doorslaggevende redenen om het Groene Boekje in 1995 níet en in 2006 wél als basis voor het Nederlandse en Vlaamse onderwijs te verlaten - en evenmin als basis voor het professionele schriftelijk taalgebruik in het Nederlandse taalgebied.

In 2005 is de situatie ontstaan dat er eenheid in de spelling is: de Nederlandse Taalunie, onderwijs- en woordenboekuitgeverijen en taaladviesdiensten hanteren dezelfde spelling. Welk woordenboek je ook pakt, het gebruikt steeds dezelfde spelling.

In de discussie is men te gemakkelijk eraan voorbijgegaan dat iemand die de taal leert gebaat is bij eenduidigheid en gelijkvormigheid in spelling. Je leert spellen door patronen te herkennen en in je geheugen op te slaan. Woorden dienen daarvoor volgens een herkenbare logica steeds op dezelfde manier te worden geschreven. Wanneer belangrijke groepen taalgebruikers een uiteenlopende spelling gaan hanteren, zal het spellingonderwijs daar hoe dan ook onder lijden.

De spellingherziening van 2005 is belangrijk omdat ze goed is voor de innerlijke samenhang van de spelling en uitzonderingen op regels probeert te vermijden. Door aanvullende regels te geven voor gebieden waarvoor tot nu toe geen regel voorhanden was en die regels consequent toe te passen, herkennen taalgebruikers gemakkelijker spellingpatronen. Waarom was het voorheen wel 'Middeleeuwen' maar werden brons- en ijzertijd als periodeaanduidingen zonder hoofdletter geschreven?

Bij de Witte Spellers lijkt deze consistentie te ontbreken. Ze proberen vooral het woordbeeld te behouden: het blijft het vertrouwde 'Middeleeuwen'. Vanuit zulke overwegingen lijkt de witte spelling ook te pleiten voor het foutieve 'persé' en 'in spé': veel taalgebruikers menen dat deze (Latijnse) woorden Frans zijn, dus dienen ze als Franse woorden te worden geschreven. Consequenter zou dan de vernederlandsing in 'persee' en 'in spee' zijn, maar dat sluit niet aan bij het vertrouwde beeld. Logica en consistentie, en daarmee de leerbaarheid, laten in de witte spelling een veer.

De media zochten problemen waar ze hadden moeten uitleggen. Dat droeg bij aan de scepsis bij veel taalgebruikers, onder wie ook docenten Nederlands. Een evenwichtiger verslaggeving zou waarschijnlijk veel twijfel wegnemen.

Inmiddels hebben taalgebruikers al tien jaar kunnen wennen aan de spelling van 1995, en de spellingherziening van 2005 levert in het algemeen veel winst op. Niemand is gebaat bij twee spellingen. Heeft het Platform 'de witte spelling' zich gerealiseerd dat Vlaanderen 41 jaar lang 'tweespellingenland' was en welke gevolgen dat had voor het onderwijs? Leerlingen kregen in de krant een andere spelling te zien dan die zij eerder in een proefwerk getoetst hadden gekregen. Sommige docenten Nederlands zagen zich genoodzaakt krantenartikelen voor gebruik in de les over te typen.

De media zouden er goed aan doen prestigeoverwegingen aan de kant te zetten en zich bij de officiële spelling aan te sluiten. Het onderwijs is bovenal gebaat bij rust aan het spellingsfront. Hoe langer en hoe intenser de onrust rond de spelling zal aanhouden, hoe meer leerlingen doordrongen raken van de 'willekeur' van spelling. Wij, als belangenorganisaties rond het schoolvak Nederlands, hopen daarom dat de witte spelling een zachte dood mag sterven.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2008 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties