Als Vlaamse overheidsinstelling stimuleert en ondersteunt IWT-Vlaanderen de technologische innovatie als "enig loket" voor Vlaanderen. Het IWT werd in 1991 bij decreet opgericht. Zijn opdrachten werden in 1999 geherpreciseerd in het zogenaamde innovatiedecreet. Hierbij werd tevens de naam gewijzigd tot IWT-Vlaanderen: Instituut voor de aanmoediging van Innovatie door Wetenschap en Technologie in Vlaanderen.
De financiële steun aan bedrijven en onderzoeksinstellingen omvat een aantal specifieke actielijnen (bijvoorbeeld voor biotechnologie en voor de luchtvaart), maar daarnaast ook algemenere steunprogramma's die openingen bieden voor de taal- en spraaktechnologie:
- Bedrijfssubsidies. Deze zijn bestemd voor bedrijven met activiteiten in het Vlaams Gewest die een innovatie wensen door te voeren, en die daartoe wetenschappelijk-technologische kennis wensen te verwerven door het uitvoeren van een onderzoeks- en ontwikkelingsproject. Het door IWT-Vlaanderen gesteunde project kan lopen over een periode van maximaal 3 jaar. Na afloop bestaat de mogelijkheid om een vervolgproject in te dienen.
- KMO-programma. Vlaamse KMO’s die willen innoveren in hun producten, processen of diensten, die voor de realisatie van deze innovatie geconfronteerd worden met technologische oplossingen die moeten gezocht en uitgewerkt worden, kunnen hiervoor financiële steun aanvragen bij IWT-Vlaanderen. Gesteund worden de in relatie tot deze technologische oplossingen uit te voeren activiteiten die een duidelijke kennismeerwaarde binnen de KMO opleveren.
- VIS (Vlaamse Innovatie Samenwerkingsverbanden). Het VIS-Programma wil door middel van financiële steun vanwege de Vlaamse overheid de innovatie-activiteiten in het Vlaamse bedrijfsleven stimuleren. Binnen dit kader is het de bedoeling projecten ingediend door netwerken van bedrijven te selecteren en financieel te ondersteunen. Vier soorten projecten komen aan bod: collectief onderzoek, technologische dienstverlening, sub-regionale innovatiestimulering, en thematische innovatiestimulering.
- HOBU-fonds. Dit fonds heeft tot doel het technologisch onderzoek aan de hogescholen in Vlaanderen te ondersteunen en hen actief te laten bijdragen tot het innovatieproces bij Vlaamse bedrijven, meer in het bijzonder bij KMO’s. De projectvoorstellen worden opgebouwd rond drie facetten: de hogeschool als technologieverkenner, als technologievertaler en als technologieverspreider.
- EUREKA. Dit is een Europees samenwerkingsprogramma voor toegepast marktgedreven onderzoek waaraan 31 Europese landen deelnemen. EUREKA is geen onderzoeksprogramma van de Europese Unie. Het programma is bestemd voor bedrijven en hiermee samenwerkende universiteiten en onderzoeksinstellingen. Een EUREKA-project telt minimaal twee partners uit twee verschillende EUREKA-landen. EUREKA verleent haar goedgekeurde projecten een label. Voor financiering kloppen de individuele partners aan bij de eigen nationale of regionale overheden. Vlaamse partners kunnen voor hun deelname in een project beroep doen op het IWT.
- Specialisatiebeurzen. Een specialisatiebeurs is bedoeld om doctorandi bestaansmiddelen te geven die hen de mogelijkheid biedt aan een van de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap een doctoraatsproefschrift voor te bereiden als neerslag van de uitvoering van een door hen geformuleerd onderzoeksproject met een mogelijk toegepast karakter. Deze uitvoering gebeurt onder de wetenschappelijke begeleiding van een lid van het zelfstandig academisch personeel of een onderzoeksleider of -directeur van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen (FWO).
- Onderzoeksmandaten. Een onderzoeksmandaat is bestemd om onderzoekers toe te laten op postdoctoraal niveau via een door de aanvrager geformuleerd onderzoeksproject een onderzoeksspecialisatie uit te bouwen waarbij de onderzoeker zich vervolmaakt in de valorisatie van de resultaten naar de industrie toe. Dit gebeurt onder de begeleiding van een wetenschappelijke en een industriële promotor.
- GBOU (Generisch BasisOnderzoek aan de Universiteiten). Vlaamse onderzoeksgroepen kunnen projecten voor strategisch technologisch onderzoek indienen waarvan de resultaten op termijn een duidelijke toegevoegde waarde creëren op economisch of maatschappelijk vlak. Een basisdoelstelling is het realiseren van een brugfunctie tussen de onderzoekswereld enerzijds en de economie en maatschappij anderzijds.
Daarnaast ondersteunt IWT-Vlaanderen bedrijven, in het bijzonder KMO's, bij het zoeken naar technologisch advies in de waaier van instellingen die in Vlaanderen dergelijk advies verstrekken, en helpt hen bij het kiezen van de meest aangewezen steunmaatregel of instrument voor de aanpak van hun innovatieprobleem. IWT-Vlaanderen richt zich tot alle Vlaamse ondernemingen die belangstelling hebben voor Europese onderzoeksinitiatieven, die onderzoeksresultaten wensen te valoriseren of op zoek zijn naar nieuwe technologieën.
Het IWT stond in voor de coördinatie van het Vlaamse onderzoeksprogramma Taal- en Spraaktechnologie voor het Nederlands (1993 - 1997). Bedoeling van dit programma was de verdere ontwikkeling van taal- en spraaktechnologie voor het Nederlands te stimuleren om op die manier de positie van het Nederlands in Europa te versterken en de culturele eigenheid van de Nederlandse taal te kunnen vrijwaren. Tijdens dit programma werden de volgende onderzoeksprojecten uitgewerkt: ANNO (een geannoteerde publieke gegevensbank voor het Nederlands in Vlaanderen); CoGen (een corpus gesproken Nederlands voor spraaktechnologisch onderzoek); Continue spraakherkenning van grote vocabularia in het Nederlands; FONILEX (een uitspraaklexicon voor het Nederlands in Vlaanderen); Taalonafhankelijke fonetische decodering en synthese van woordmodellen voor continue spraakherkenning; en Sprekergebonden kenmerken van spraak. De expertise die in het kader van de projecten ANNO, FONILEX en CoGen werd opgebouwd rond de constructie en annotatie van gesproken corpora van het Nederlands wordt momenteel verder uitgebouwd in het kader van het Corpus Gesproken Nederlands (CGN), dat wordt beheerd door de AWI en NWO. Het IWT maakt deel uit van het bestuursorgaan van dit programma.
Het IWT was tevens betrokken bij het terreinverkennend onderzoek naar de positie van het Nederlands in taal- en spraaktechnologie dat in opdracht van de Nederlandse Taalunie werd uitgevoerd, en maakt momenteel deel uit van het Vlaams/Nederlandse TST-Platform dat naar aanleiding van dit onderzoek werd opgericht.
Documenten:
| Jaarverslag 2000 | IWT | 2001 | -- | |
| Handleiding Onderzoeks- en Ontwikkelingsprojecten van Bedrijven | IWT | 2002 | -- | |
| Handleiding voor de steun aan Vlaamse Innovatie-samenwerkingsverbanden | IWT | ? | -- |
Contactpersoon:
Carine LucasIWT-Vlaanderen
Bisschoffsheimlaan 25, 1000 Brussel, België
tel: +32 2 209 09 64 - fax: +32 2 223 11 81
e-mail: cl@iwt.be
website: http://www.iwt.be/
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties