- Korte geschiedenis van de spelling
- Leenwoorden
- Dialecten in Nederland en Vlaanderen
- Wat is het grootste woordenboek ter wereld?
De eerste officiële spelling van het Nederlands werd opgesteld door Matthijs Siegenbeek in 1804. Sinds deze 'spelling-Siegenbeek' schrijven we woorden met de typisch Nederlandse lange ij. Daarvóór werd ijzer als yzer geschreven.
In 1864 ontwierpen Matthias de Vries en Lammert te Winkel, de eerste redacteuren van het Woordenboek der Nederlandsche Taal, een nieuwe spelling. Die werd in België officieel ingevoerd in 1864, in Nederland pas in 1883. Deze spelling werd in 1934 alleen voor Nederland vereenvoudigd voor het onderwijs. Die vereenvoudigde versie noemen we de 'spelling-Marchant'.
In 1946 (België) en 1947 (Nederland) kwam de eerste aanpassing voor algemeen gebruik. Toen werd bijvoorbeeld de -sch op het eind van woorden als mensch afgeschaft, en werden de lange klinkers ee (heeten) en oo (zoo) in open lettergrepen als e (heten) of o (zo) geschreven. In 1954 werd de Woordenlijst van de Nederlandse taal, beter bekend als het 'Groene Boekje', uitgegeven als uitwerking van deze spelling.
In deze woordenlijst waren er voor veel woorden nog twee spellingen mogelijk met één zogenoemde voorkeurspelling, bijvoorbeeld cactus (voorkeurspelling) en kaktus.
Sinds 1980 bepaalt de Nederlandse Taalunie de officiële spelling van het Nederlands voor Nederland en Vlaanderen, en inmiddels ook voor Suriname.
In 1995 stelde de Taalunie een nieuwe spelling vast. Het fenomeen voorkeurspelling werd afgeschaft en er kwamen nieuwe regels voor de tussenklank -e(n)- in samenstellingen als bessensap. De Woordenlijst Nederlandse Taal wordt om de tien jaar aangevuld met nieuwe woorden en aanpassingen. Eind 2005 verschijnen deze aanpassingen in een nieuwe uitgave.

