Officiële taal in Suriname
In Suriname spreken de meeste mensen Nederlands en Sranan. De overheid gebruikt de officiële taal, het Nederlands. Sranan is de lingua franca. Als het nodig is bij de burgerlijke stand wordt er iemand bij gehaald die de moedertaal van de burger beheerst. De overheid geeft voorlichting via radio en tv in de talen van de verschillende doelgroepen. Het Nederlands is ook een van de vier officiële talen van de Unie van Zuid-Amerikaanse staten, Unasur, waar Suriname deel van uitmaakt.
Suriname: het hoeft niet altijd in de moedertaal
Publieksonderzoek
De meeste contacten tussen overheid en Surinamers verlopen in het Nederlands. Van elke tien contacten is maar één in een andere taal dan het Nederlands. Dat is dan meestal het Sranan. Dat is een taal die heel veel Surinamers spreken, vooral náást hun moedertaal.
Van de Surinamers zegt 60 procent dat men ‘altijd’ of ‘meestal’ wel in de eigen moedertaal bij de overheid terecht kan. Dat betekent dat 40 procent denkt dat dat niet altijd kan. Ambtenaren spreken meestal Nederlands en ook wel Sranan. Mensen die Nederlands als moedertaal hebben – en dat is ruim 50 procent van de ondervraagden – kunnen dus praktisch altijd in het Nederlands terecht. Van de mensen die het Sranan als hun moedertaal beschouwen – minder dan 10 procent – zegt iets ruim een derde dat ze altijd in hun eigen taal bij de overheid terecht kunnen.
De republiek Suriname kent ongeveer dertig talen: inheemse talen, waaronder de Arowaktalen, Aziatische en Europese talen, die door immigranten werden meegebracht, zoals Hindi, Mandarijn, Nederlands en Engels, en ten slotte creooltalen, die in Suriname zijn ontstaan door het contact tussen al die bevolkingsgroepen. De belangrijkste van die creooltalen is het Sranan. Sommige talen worden uitsluitend gebruikt in religieuze ceremonies.
Overigens blijkt dat men het in Suriname ook niet zo erg vindt om een andere taal dan de moedertaal te gebruiken. Slechts een derde van de mensen die we het vroegen, vindt het echt nodig dat men bij de burgerlijke stand in de moedertaal terecht kan. Gemiddeld vindt ruim de helft van de Surinamers het belangrijk dat kinderen in het lager onderwijs de moedertaal kunnen spreken. De eigen moedertaal maakt bij dit antwoord veel uit. Van de Nederlandssprekende Surinamers vindt driekwart dat in de les de moedertaal gebruikt moet kunnen worden, van de anderstaligen gemiddeld dertig procent.