Een partner met een andere taal

De helft spreekt Nederlands
Wat spreekt iemand in Nederland of Vlaanderen met zijn partner als die van huis uit geen Nederlands spreekt? Het antwoord: 35 procent spreekt bijna altijd Nederlands, 15 procent spreekt Nederlands afgewisseld met een andere taal. Dat is samen de helft.
De andere helft spreekt een andere taal
De andere helft? Wel 40 procent van die stellen spreekt met elkaar de taal van een van de beide partners. En 10 procent spreekt elkaars taal niet en kiest voor een derde taal: meestal Engels.
En met de kinderen Nederlands
Spreekt iemand die met zijn partner een andere taal dan Nederlands spreekt, ook die andere taal met zijn of haar kinderen? Nee, dat is niet zo. Zo'n 70 procent spreekt met zijn kinderen altijd of meestal Nederlands. En bijna 20 procent gebruikt twee talen om en om.