De plakker had jus in de benen
Wielrenners en sportjournalisten gebruiken een eigen soort taal. Veel van die woorden en uitdrukkingen zijn Vlaams, maar ze dringen ook door in Nederland. Negen toppers:
de bus: een groep renners die met moeite vooruitkomt en samen naar de finish rijdt in de hoop niet gediskwalificeerd te worden, ook al komen ze te laat aan
de deur dichtdoen: in een sprint een tegenstander in de weg gaan rijden om te vermijden dat hij je passeert (zie: zwieper)
jus in de benen: kracht in de benen
zich leegrijden: zich helemaal uitputten
een plakker: een renner die meerijdt met een groepje, maar nooit aan de kop rijdt (zie: wieltjeszuiger)
vierkant rijden: bijna niet meer vooruitkomen
in het wiel blijven zitten: achter een andere renner blijven rijden, zonder aan de kop te komen (zie: plakker)
een wieltjeszuiger: iemand die nooit aan de kop komt (zie: plakker)
een zwieper: in een sprint een plotse beweging naar de zijkant maken (zie: de deur dichtdoen