taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » over taalunie »

Persverklaring Vlaams minister Vandenbroucke

Breda, 25 april 2005

Persverklaring door de heer F. Vandenbroucke, Voorzitter Comité van Ministers van de Nederlandse Taalunie

Dames en heren,

Welkom op deze persontmoeting. Het gebeurt maar zelden dat de pers de bijeenkomsten van het Comité van Ministers volgt. Het werk van de Taalunie is kennelijk maar zelden hot news. Toch is er één uitzondering en dat is de spelling. Tien jaar geleden verscheen een nieuwe Woordenlijst, de eerste sinds 1954. De Woordenlijst van 1995 was gekoppeld aan een hervorming van de spellingvoorschriften. Toen is al bepaald dat er om de tien jaar een nieuwe editie zou verschijnen, met behoud van de spellingregels. Alleen zo kon de Woordenlijst haar betrouwbaarheid en volledigheid als normgevende publicatie behouden. Taal is immers een dynamisch gegeven. Elke dag komen er nieuwe woorden bij. Woorden die sinds 1995 hun opwachting hebben gemaakt zijn onder andere: antrax, boerka, gft-afval, i-bankieren, poldercultuur, sms'en en tsunami.

Vandaag hebben mijn collega's en ik alle besluiten genomen om de nieuwe editie met het gezag van de Taalunie te laten verschijnen. Wij hebben ons daarbij gehouden aan de uitgangspunten zoals die in 1994 zijn vastgelegd. Het uitgangspunt was spellingzekerheid door spellingcontinuïteit. Verder hebben in onze besluitvorming vooral overwegingen betreffende de praktische bruikbaarheid en de eenduidigheid voorop gestaan.

De nieuwe Woordenlijst zal op zaterdag 15 oktober 2005 in de boekhandel liggen. Zoals u weet zijn het de Taalunielanden zelf die de spelling in hun nationale regelgeving moeten invoeren. Het Comité van Ministers zal Nederland en Vlaanderen voorstellen om als invoeringsdatum te kiezen voor 1 augustus 2006, zodat de nieuwe situatie voor het onderwijs vanaf het daarop volgende schooljaar kan ingaan.

Voor ik verder ga met spelling wil ik eerst uw aandacht vragen voor een andere mijlpaal. Zopas hebben wij onze eerste vergadering gehad in aanwezigheid van een Surinaamse collega. Ik heet dan ook speciaal de heer Sandriman, Minister van Onderwijs en Volksontwikkeling van de Republiek Suriname, welkom op deze ontmoeting. Suriname is zoals u weet sinds begin dit jaar als geassocieerd lid bij de werking van de Nederlandse Taalunie betrokken. De Republiek heeft meteen laten weten de spelling van de Taalunie te zullen invoeren. In de nieuwe Woordenlijst staan ook woorden die behoren tot het Nederlands zoals dat in Suriname wordt gebruikt. Voorbeelden zijn: dozeren, okseltruitje en schuier. Wie zijn kennis van het Surinaams-Nederlands wil opvijzelen kan straks aan minister Sandriman vragen wat die woorden betekenen.

De Woordenlijst nu houdt geen spellinghervorming in. Het Comité van Ministers heeft altijd vastgehouden aan het besluit uit 1994 dat het om een technische bijstelling moest gaan met behoud van de spellingregels. Ondanks dat principe hebben wij ons als ministers akkoord verklaard met één enkele wijziging aan het regelsysteem. Het gaat om de derde uitzondering van de regeling voor de tussenletters -e-, -n- en -en-, waardoor tot nu toe plantnamen als paardebloem, kattekruid en duivekervel van de werking van de hoofdregel waren uitgesloten en dus zonder -n- werden gespeld. Deze uitzondering wordt geschrapt zodat wij vanaf nu paardenbloem, kattenkruid en duivenkervel met -n- moeten spellen. De praktijk van de jongste tien jaar heeft laten zien dat de regel bij veel taalgebruikers twijfel opriep.

Laat ik proberen dit punt even nader toe te lichten. In de besluiten van tien jaar geleden waren eerst alle plantnamen met een dierennaam als eerste deel van de hoofdregel uitgezonderd. Dat bleek niet werkbaar omdat veel van die namen ook een andere betekenis hebben, bijvoorbeeld kattenstaart en berenklauw. De twee betekenissen zouden dan een andere schrijfwijze hebben gekregen, wat nooit de bedoeling was geweest. Daarom is de uitzondering ingeperkt tot die samenstellingen waarvan het laatste deel zelf een plantkundige aanduiding is, dus wel samenstellingen op -plant, -bloem, -blad enzovoorts maar niet op -klauw, -staart en zo. Het gevolg was dat een deel van de bedoelde plantnamen wel de hoofdregel volgden en een ander deel niet. De ministers delen het standpunt van de Werkgroep Spelling dat alle gelijksoortige gevallen op dezelfde wijze behandeld moeten worden. Gezien het probleem met woorden als kattenstaart kon dat alleen door de hele categorie onder de hoofdregel te laten vallen. In omvang is de wijziging beperkt: in de Woordenlijst veranderen hierdoor slechts 24 woorden.

Verder zijn er dus geen wijzigingen aan bestaande officiële voorschriften. Wel hebben wij in de opdracht ruimte gelaten voor het verhogen van de eenduidigheid op woordniveau. Het gaat voornamelijk om problemen die niet tot de officiële voorschriften behoren, zoals:

De praktijk toont aan dat veel taalgebruikers met die aspecten moeite hebben en dat zij verwachten dat de Woordenlijst hen hierbij helpt. De Werkgroep Spelling heeft nu voorstellen uitgewerkt die moeten leiden tot een praktijk die helderder, consequenter en doorzichtiger is. In de persmap vindt u voorbeelden van zulke veranderingen. Het gaat alweer om een bescheiden aantal. Van de bestaande trefwoorden in de Woordenlijst ondergaan op basis van dit type beslissingen ongeveer 2,6% van het totaal aantal trefwoorden een wijziging.

Inhoudelijk staat de nieuwe publicatie dus onmiskenbaar in het teken van spelling-zekerheid door spellingcontinuïteit. Er is alleen veranderd als de duidelijkheid en de eenduidigheid konden worden bevorderd. En daarbij is de heersende praktijk steeds het richtsnoer geweest.

De belangrijkste wijzigingen betreffen dan ook niet zozeer de spellingregels zelf maar de toepassing ervan. Twee dingen springen daarbij in het oog en dat is (1) de nieuwe tekst van de Leidraad en (2) de samenwerking met de andere gezaghebbende spellingnaslagwerken.

De leidraad is de tekst in de Woordenlijst waarin de spellingvoorschriften en principes voor het grote publiek worden uitgelegd en geïllustreerd. Hiervoor is een nieuwe tekst tot stand gekomen. De nieuwe Leidraad is zo geschreven dat hij veel beter dan de vorige gebruikers kan helpen bij het zelfstandig oplossen van spellingtwijfels rond concrete woorden en problemen. De tekst is uitvoeriger, beter ingedeeld en maakt zo weinig mogelijk gebruik van taalkundige termen. Ook bevat hij overzichtsschema's en vooral veel verhelderende voorbeelden. De tekst is geschreven door Ludo Permentier. Hij is redacteur bij de Vlaamse krant De Standaard en voor velen van u geen onbekende.

Het laatste aspect waarvoor ik uw aandacht vraag is zeker niet het minst belangrijke. Het betreft de systematische samenwerking tussen de Woordenlijst en de andere gezaghebbende spellingnaslagwerken, zoals woordenboeken, spellinglijsten en programma's voor automatische spellingcontrole. Deze samenwerking krijgt vorm in een Platform Nederlandse Spelling. Alle deelnemende naslagwerken gebruiken voortaan exact dezelfde set van regels en principes.

In de komende maanden zal een grondige beoordeling van de andere naslagwerken plaatsvinden. Daarbij zullen onder andere alle trefwoorden van alle deelnemende producten via een speciaal daartoe ontwikkeld softwareprogramma met elkaar vergeleken worden. In principe zullen alle woorden in de verschillende bronnen op exact dezelfde wijze worden gespeld. Om die eenvormigheid tot uiting te brengen zullen alle producten die met de officiële spelling in overeenstemming zijn bevonden, een spellingkeurmerk van de Taalunie kunnen voeren. De taalgebruikers krijgen hierdoor de garantie dat zij al de gekeurmerkte bronnen met vertrouwen als naslagwerken voor de officiële spelling kunnen hanteren.

Deze samenwerking is in feite dé grote vernieuwing. Als verantwoordelijke ministers zijn wij er best trots op dat die samenwerking onder de koepel en het gezag van de Taalunie tot stand is gekomen. Bij ons weten bestaat in geen enkele van de ons omringende talen een zo grote eenduidigheid tussen de verschillende naslagwerken. In ons taalgebied is spelling nu in de echte zin van het woord een standaard geworden, waarvoor centraal normen worden opgesteld die door alle betrokkenen worden gevolgd. Wij vertrouwen erop dat de taalgebruiker die eenduidigheid naar waarde zal weten te schatten.

In wat ik hierboven over de inhoudelijke herziening heb gezegd waren spellingzekerheid en continuïteit de sleutelbegrippen. De nieuwe tekst van de leidraad en de samenwerking met andere naslagwerken stellen mij in staat daar ook de sleutelwoorden gebruiks-vriendelijkheid en eenduidigheid aan toe te voegen. De Taalunie voert een instrumenteel beleid waarin de taalgebruikers en hun behoeften centraal staan. Dat betekent dat de gebruikers beschikking moeten hebben over alle nodige instrumenten om het Nederlands correct en verantwoord te gebruiken in alle situaties. Wij vertrouwen erop dat de Taalunie daar op spellinggebied in is geslaagd. Natuurlijk zal het aan de gebruikers zelf zijn om vanaf 15 oktober, als de Woordenlijst en de andere naslagwerken verkrijgbaar zijn, te bepalen of wij ons doel hebben bereikt.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2008 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties